zondag, juli 29, 2012

Pussy Riot nog steeds achter tralies

Bij ons worden optredens van rockgroepen in kerken gepromoot, kwestie van nog enig volk in die oude gebouwen te lokken en de onderhoudskosten ervan te rechtvaardigen. In Rusland loopt het anders. Drie leden van de feministische punkgroep Pussy Riot worden er nog steeds vastgehouden omwille van een ‘punkgebed’ in de Christus Verlosserkathedraal in Moskou waarin ze de heilige maagd smeekten om hen van Poetin te verlossen. Ondertussen zitten ze al vier maanden vast, en hun aanhouding werd recent nog eens verlengd tot januari. Maandag begint het proces tegen de drie meisjes.


Indien ze schuldig bevonden worden aan ‘hooliganisme’ dreigen ze zeven jaar achter de tralies te verdwijnen. De orthodoxe kerk, die eventjes haar masker van verdraagzaamheid en vergevingsgezindheid heeft laten vallen, roept openlijk op om de dames streng te straffen en waarschuwt haar gelovigen om niet van dit standpunt af te wijken. Goed, het optreden was niet bedoeld als een steunbetuiging aan de kerk, die haar steun voor Poetin tijdens de afgelopen verkiezingscampagne niet verborgen heeft, en het valt niet uit te sluiten dat sommige geloven op hun (lange) tenen getrapt werden door de opvoering. Iets gelijkaardigs gebeurt trouwens ook in Turkije, waar de wereldvermaarde pianist Fazil Say een gevangenisstraf van (slechts) 18 maanden boven het hoofd hangt omwille van een paar twitters waarin hij zich spottend uitliet over de islam.

Geef toe dat dit de oude knar Mgr. Leonard sympathiek doen klinken.

Free Pussy Riot

Steun de Amnesty International actie voor de vrijlating van Pussy Riot

De zaak Fazil Say in The New York Times



Robert Smith bestempelt monarchie als 'fucking idiots'

Dat Robert Smith geen fan was van de Britse monarchie, vermoedden we al langer. Naar aanleiding van het diamanten ambtsjubileum van koningin Elizabeth liet hij zich al een gitaar toemeten met het opschrift '2012: citizens not subject', die een prominente rol krijgt in de huidige Cure-tournee. Voor de slechte verstaander liet hij zich in een interview met een Franse televisiezender ontvallen over het koningshuis: 'Elke vorm van erfelijke privilege is fout. Het is niet enkel antidemocratisch, het is een systeem dat intrinsiek slecht is. Ze hebben nooit iets gedaan. Fucking idiots.' Het interview biedt nog meer inzichten in het gedachtengoed van Smith. Wees gerust, hij heeft noch steeds een hekel aan alles en iedereen. Je kan het hieronder volledig bekijken, maar het leukste willen we u zeker niet onthouden. 'Is The Cure een religie? Absoluut niet! Als het een religie was, zou ik het niet doen. Ik haat religie.'


Robert Smith (The Cure), entretien vidéo door telerama

donderdag, juli 26, 2012

Hekate: Hambach-1848

Hambach-1848 was het eerste volwaardige album van Hekate en kwam oorspronkelijk enkel op vinyl uit in 1998, 150 jaar na de gebeurtenissen waarnaar de plaat verwees. Na het succes van Die Welt der dünklen Garten uit 2011 is het werk voor het eerst op cd verkrijgbaar.

1848 moet zowat het jaar van de Europese lente geweest zijn, met democratische revoluties in Frankrijk, België, Nederland, Zweden, Italië… In Frankrijk en Nederland leidde het tot aanzienlijke stappen vooruit in de democratisering. In bijna alle andere landen werden de opstanden bloedig neergeslagen, misschien nog het meest van al in Duitsland.

Het begon met de Verlichting. Onder invloed van het nieuwe gedachtengoed gingen in heel Europa mensen nadenken over democratie en de afschaffing van het feodalisme. In Frankrijk en de Verenigde Staten leidde het zelfs tot revoluties en de invoering van republieken. Duitsland, dat destijds verdeeld was in talloze vorstendommen, bleef flink in de greep van het absolutisme, al had je wel pogingen tot verlicht despotisme in Pruisen en Oostenrijk.

Napoleon wist de wisselende coalities van monarchieën tegen de Franse revolutie af te wenden, kroonde zichzelf tot keizer en veroverde op een haartje na heel Europa. Zijn inval in Duitsland werd wisselend onthaald in de verschillende Duitse staten, maar uiteindelijk dwongen de verzamelde Duitsers Napoleon op zijn knieën in de Volkerenslag in Leipzig. Na zijn nederlaag waaide de wind van de reactie over Europa om de oude grenzen en monarchieën – mits een paar opportunistische wijzigingen – terug in ere te herstellen.

Doch de idealen van de Franse Revolutie waren hiermee niet dood. Bovendien deden verschillende misoogsten en de industriële revolutie de armoede over heel Europa stijgen. De Februarirevolutie van 1848 in Frankrijk stak het vuur aan de lont. De Franse koning moest aftreden en de republiek werd opnieuw ingevoerd. Al snel sloeg de vonk over naar Baden, en verspreidde de revolutie zich als een lopend vuurtje over het hele Duitstalige gebied.

De revolutionairen eisten democratische hervormingen en Duitse eenheid. Frankrijk mocht dan al de inspiratie voor de opstand vormen, de Duitsers kozen de kleuren van de anti-Napoleoncoalitie – zwart, rood, goud – als kleuren van hun opstand. (Het Duitse nationalisme was ook aangewakkerd door de dreiging van een Franse aanval op het Rijngebied. Het zette Niklas Becker en Robert Shumann in 1840 aan om het Rheinlied te schrijven: ze zullen hem niet hebben, de vrije Duitse Rijn, zolang... U hebt weinig verbeelding nodig om te raden welk weinig geïnspireerd volkslied hierop gekalkeerd werd.)

Geconfronteerd met de massale opstand konden de Duitse vorsten niet anders als een paar toegevingen doen. Over heel Duitsland werden er liberale ministers aangeduid en hervormingen doorgevoerd. Het meest indrukwekkende was de vorming van een democratisch verkozen parlement in Frankfurt - de zetel van de Duitse Bond met vertegenwoordigers uit alle Duitstalige landen - dat een gezamenlijke en liberale Duitse grondwet moest schrijven.

In dit parlement zetelde ook Robert Blum, aan wie Hekate deze cd opdraagt. Blum was een erg kritische journalist en politicus uit Leipzig en werd één van de grote helden van de revolutie van 1848, ook al hoorde hij tot de radicaaldemocratische en republikeinse minderheid in het parlement. Hij werd in november 1948 terechtgesteld nadat hij had deelgenomen aan de Weense opstand, die hij als laatste reddingsboei zag voor de intussen steeds meer in de hoek gedromde revolutie. De Pruisische Koning Frederik Willem IV verkoos om het advies van zijn officier Gustav von Griesheim te volgen: ‘tegen democraten helpen slechts soldaten’. Het parlement van Frankfurt werd opgedoekt, en overal werden opstanden in het bloed gesmoord.

Al vanaf de eerste noten is duidelijk dat Hekate niet kiest voor traditionele of historisch getrouwe versies van de nummers. Het gebruik van elektronische klanken en omstandig tromgeroffel laten er geen twijfel over bestaan dat we hier binnen het genre van de neofolk zitten. Bleifeld is een lange intro met sfeervolle synths en drommen percussie.

Hecker’s Traum citeert een strofe uit het Heckerlied, maar is eveneens een sfeervolle mix van electronica en tromgeroffel. Friedrich Hecker was een voorman in de revolutie in Baden. In zijn steeds radicalere ideeën nam hij ook socialistische accenten over. Want 1848 was niet enkel een liberale revolutie. Het was ook het jaar van het communistisch manifest, van de eerste communistenprocessen, van het verbod op de Neue Rheinische Zeitung, van het exil van Marx uit België en uit Duitsland naar Engeland…

Hecker riep in Baden de republiek uit en leidde een gewapende opstand tegen de Pruisische monarchie. Het werd hem niet in dank afgenomen, ook niet door zijn mederevolutionairen. De revolte werd immers hardhandig neergeslagen en hypothekeerde de slaagkansen van de revolutie. Zoals vele andere revolutionairen vluchtte Hecker naar de Verenigde Staten.

Die Gedanken sind frei is wellicht het bekendste nummer uit deze periode en op deze cd. De tekst dateert uit 1780, terwijl de melodie ergens tussen 1810 en 1820 ontstond. Het nummer dankt zijn succes niet enkel aan de prachtige en niet mis te verstane tekst, maar ook aan ‘Forty-Eighters’ als Hecker die tegen slavernij en racisme vochten in hun nieuwe vaderland en het nummer tot vrijheidslied verheven in de Amerikaanse Burgeroorlog.

Trotz alledem ontstond in juni 1848, als de kansen van de revolutie al gekeerd waren. Het werd één van de bekendste 1848-liederen, net als het Bürgerlied, dat al in 1845 geschreven werd en hier een prachtige uitvoering met harp krijgt. De tekst van Georg Herweg verwoordt prachtig de idealen van vrijheid, gelijkheid en broederschap. Unser die Welt, trotz alledem is een door percussionist :R*NE: geschreven ode aan de revolutionairen. Deze al bij al vrij korte cd eindigt met het instrumentele Gedankenfreiheit, opnieuw met harp en elektronica.

Dit is niet de meest volledige noch de meest gedocumenteerde cd over dit onderwerp, maar wel een zeer geslaagde. Het geeft ons de kans om een paar duidelijke conclusies te rekken. De opstand van 1848 was niet de eerste uiting van een autoritair nationalisme dat later tot Hitler leidde. Het was een oprecht democratische revolutie. Met het falen van de revolutie kreeg het militaristische Pruisen – een leger met een staat, zoals Mirabeau ooit opmerkte – de overhand en kon het de eenmaking van Duitsland voltooien in een allesbehalve democratische context.

Tenslotte moeten we benadrukken dat de beschuldigingen van rechtsextremisme – die in het neofolk wereldje helaas niet altijd van de lucht zijn – in het geval van Hekate volledig misplaatst waren. Deze cd leert ons veel over de geschiedenis en is een gepaste hommage aan de revolutionairen van 1848.
Andere cd-bronnen:
  • Dieter Süverkrüp: 1848. Lieder der deutschen Revolution
  • Zupfgeigenhansel: Alle die dies Lied gesungen
  • Stimmen der 20.jahrhunderts: Hymnen der Deutschen
  • Märche und balladen aus den Freiheitskriegen 1813-1815
www.hekate.info
Xavier Kruth
23/07/2012

ASP & Chamber (l'orchestre de chambre noir): Once In A Lifetime

Je komt niet zo vaak een cd tegen waarvan je bij de eerste noten al weet dat die geniaal zal zijn. Once In A Lifetime is een heruitgave die deel uitmaakt van de reeks ‘verscholen archieven’ van ASP. In 2006 begon ASP een samenwerking met Chamber (l’ochestre de chambre noir) die uitmondde in de Humility-ep – dat één van deze dagen eveneens opnieuw zou moeten verschijnen – en in een gezamenlijke tournee.

De tournee was niet opgevat als een klassieke affiche met een voorprogramma en een hoofdact. De twee groepen zouden samen optreden en afwisselend elkaars nummers interpreteren in nieuwe uitvoeringen. Vooral de ASP-nummers werden grondig herzien in akoestische versies. Van de tournee verscheen een vierdelige cd-box, die ondertussen niet meer beschikbaar is en waarvan je hier de eerste twee cd’s terugvindt.

Een aantal nummers zal je enkel hier vinden in de live-versie, of op de Humility-ep in de studioversie. Once in a lifetime kenden we ook al van de Horror Vacui-compilatie, al vroeg je je af wat dit folknummer daar zo eenzaam en alleen zat te doen. The Paperhearted Ghost is een bewijs van het literaire genie van Alexander Spreng. In onberispelijk metrum en rijmschema ontplooit zich het verhaal van een man die machteloos ten prooi valt aan een manipulatief vrouwwezen. Elke strofe eindigt met ‘My heart made of paper and you’ve been playing with fire’, om dan tot de pointe te komen: ‘Now you know my name as my story’s exposed. Now you know why they call me the paper-hearted ghost’.

Daarnaast krijg je prachtige akoestische versies van klassiekers als Demon Love, Und wir tanzten, Die Ballade von der Erweckung, Sing Child, Ich will brennen… Wie exact de arrangementen gemaakt heeft weet ik niet, maar hij of zij is erin geslaagd om van naar metal neigende gothrock fantastische versies met strijkers en folkgitaren te maken.

Uiteraard worden de nummers van ASP afgewisseld met die van Chamber. Aangezien Chamber van nature in een folk-met-strijkers-bezetting speelt, verschillen de live-versies minder van de oorspronkelijke. Maar toch is dit eveneens de moeite waard, want je krijgt een ware ‘best of live’: A Dead Man’s Song, Torn, The Truth About Snow-White, A Tale Of Real Love, Silence, Toscana, Hometown…

Het is moeilijk te geloven dat de opnames moeilijk verliepen en dat deze cd enkel mits technische ingrepen kon uitkomen, want als je dit hoort denk je echt dat je bij het optreden had willen zijn. Het succesvolle project was voor ASP alleszins de inspiratie om later ‘Zaubererbruder’ op te nemen, een succesvolle dubbel-cd die gebaseerd is op de kinderroman De meester van de zwarte molen, en meer recent de folk-incarnatie ‘ASPs von Zaubererbrudern’ op te zetten om live op te treden.

Opnieuw wordt bewezen dat ASP staat voor kwaliteit, hoge kwaliteit. Het is maar dat Kurt me op het hart gedrukt heeft dat hij nog nóóit een 10 heeft gegeven, want eigenlijk zegt mijn hart: 10/10!

We blijven van hem houden! The Cure, Rock Werchter, 28/06/2012

Het is voor mij de tweede keer dat ik naar Werchter afzak voor het grootste festival van het land. De eerste keer was in 1995. En raad eens wie er toen op de affiche stond? The Cure natuurlijk! Het optreden was toen geweldig, maar de zo bewierookte ‘sfeer’ van het megafestival beviel me minder. In 2004 kocht ik nog eens een kaartje omdat David Bowie aangekondigd werd, maar ik verkocht het de dag zelf toen deze afzegde. Om maar te zeggen, Schueremans moet met overtuigende namen afkomen vooraleer ik me naar zijn festival begeef.

Aangezien ik toch de volle 85 euro betaald heb om aanwezig te mogen zijn, zorg ik dat ik mooi om half drie aan de inkom sta. Enkel om vast te stellen dat ik nog steeds niet moet hebben van dergelijke massabedoeningen. Het is drie kwartier aanschuiven om binnen te komen. Zelfs de meest luidruchtige festivalgangers, die al zingend, lachend en bier drinkend in de rij aansluiten, zingen op het eind van de rit een toontje lager.

Werchtergangers zijn doorgaans pubers die hun examens achter de rug hebben of ouderen die zich nog eens jong willen voelen. De vrouwen dragen korte (bikini)topjes en reageren uitbundig op alles wat ze zien. De mannen lopen dan weer in ontbloot bovenlijf rond of met een t-shirt waarmee ze opscheppen over hun drink- en bedprestaties. Ze versmaden het evenmin om met een debiele rode hoed rond te lopen die ze gekregen hebben aan de Jupilerstand, dat ondanks de hevige concurrentie met voorsprong de meest irritante festivalstand is op de weide.

Vroeger was het op een optreden van The Cure echt uitkijken naar het publiek. De optocht aan lange zwarte jassen en gecrepeerde haren maakt vandaag helaas geen deel meer uit van de show. Ook ik hoor bij de generatie die vroeger zijn haar hoog opstak. Toen ik als zestienjarige over het straat liep hoorde ik regelmatig opmerkingen als ‘kijk, dat is ene die in The Cure speelt’ of ‘die denkt dat em Robert Smith is’. Ik rouw nog steeds om het verdwijnen van dit kapsel uit het straatbeeld. Maar gaandeweg heb ook ik de haarlak laten varen. Al draag ik wel nog steeds het zwart dat me het beste past.

Kledij en kapsel gingen veel verder dan de idolatrie van één enkele groep of persoon. Heel jong al was ik gefascineerd door diegenen die zich afzetten tegen het afstompend conformisme van onze samenleving. De punkers vond ik best wel cool, maar iets te agressief en sloganesk naar mijn smaak. De zwartzakken – planten werden ze ook wel genoemd – waren zichtbaar meer introvert en bedachtzamer, eigenschappen die ook op mij van toepassing waren. Aan de hand van hun t-shirts wist ik af te leiden dat The Cure hun groep was, en ik vroeg een klasgenoot om me eens wat op cassette op te nemen (in die tijd werd er nog niet gedownload of gebrand).

Toen ik de cassetjes voor het eerst hoorde viel ik achterover. ‘It doesn’t matter if we all die’, was zowaar de eerste zin die door mijn luidsprekers schalde. Nu was ik zelf ook niet de meest vrolijke jonge knaap, maar hier had ik meteen mijn twijfels bij. 'Zo erg is het nu ook weer niet.' Ondertussen – na 10.000 luisterbeurten – zijn dergelijke nummers deel van mijn leven geworden. Ik was ook gecharmeerd door de persoon van Robert Smith, iemand die een alternatieve en nonconformistische filosofie incarneerde zonder te vervallen in het machismo van metallers en punks.

‘I really don’t know what I’m doing here, I really think I should have gone to bed tonight’ is ook een openingszin die kan tellen. Probeert Smith met deze Open(er) het Werchterpubliek een subtiele hint te geven? Wellicht niet, want onmiddellijk erna krijgen we High voorgeschoteld. Met The End Of the World tast hij even het geduld van het publiek af, maar dan ontpopt The Cure zich tot een ware jukebox die de ene hit na de andere speelt: Lovesong, Push, Inbetween Days…

De bezetting van de groep is alweer veranderd sinds het fantastische laatste optreden in ons land, in het Sportpaleis van Antwerpen. Roger O’Donnell mag de groep weer bijtreden op toetsen. Ik heb nooit begrepen waarom deze man tot twee keer toe uit de groep werd gezet, maar het doet vermoeden dat de personeelswissels in The Cure vaker het gevolg zijn van persoonlijke conflicten dan van muzikale criteria. Ook het verdwijnen van Porl Thompson – waarvan u een gedetailleerd relaas vindt in Yves Boones prachtige bespreking van het optreden op Pinkpop – doet dergelijke twijfels rijzen. 
Hij wordt vervangen door Reeves Gabrels, die zijn pluimen onder meer verdiend heeft bij David Bowie. Al had Smith wat mij betreft een slechtere gitarist mogen uitkiezen. Ik heb de indruk dat Gabrels een heel optreden lang probeert te bewijzen dat hij nog veel meer kan dan wat de liedjes van The Cure voorschrijven.

Ondertussen blijft het klassiekers regenen. Just Like Heaven, Pictures Of You, The Walk… Het meest opvallende nummer is wellicht Bananafishbones, uit de meest experimentele plaat van The Cure: The Top. Met nummers uit het nieuwe millennium gaat Smith behoedzaam om. We tellen er maar drie, en vermoeden dat zelfs Smith ondertussen doorheeft dat deze composities niet tot zijn meest glorierijke behoren. Ik denk ook dat de groep twee festivalsets heeft: eentje dat opgebouwd is rond Disintegration, die ze op Pinkpop gespeeld hebben, en eentje rond Wish, die we hier te horen krijgen. Hoewel alle memorabele Cure-platen aan bod kwamen, komt Wish duidelijk het meest uit de verf. End mag dan ook de set afsluiten. Smith lijkt bloedserieus als hij het publiek ‘please stop loving me’ toezingt.

Het heeft geen enkel effect. Wij blijven van hem houden! Aan het begin van de bisnummers prevelt Smith zelfs iets in de microfoon. Hoogst ongewoon voor een man die een heel optreden lang enkel naar de grond of de hemel heeft zitten staren en de interactie met het publiek doorgaans tot een ‘thanks’ aan het einde van elk nummer beperkt houdt. Hoe dan ook gaat het publiek volledig uit de bol tijdens Friday I’m In Love en Boys Don’t Cry. Het had van mij nog veel langer mogen duren, maar ik ben blij dat ik erbij ben geweest. Terwijl de echte Werchtergangers nog drie dagen en vier nachten voor de boeg hebben vooraleer ze vuil en uitgeput naar huis kunnen, maak ik me naarstig uit de voeten.

SETLIST: Tape / Open / High / The End of the World / Lovesong / Push / Inbetween Days / Doing the Unstuck / Just Like Heaven / From the Edge of the Deep Green Sea / Pictures of You / Lullaby / The Walk / Bananafishbones / Play for Today / A Forest / Primary / Shake Dog Shake / The Hungry Ghost / Wrong Number / One Hundred Years / End

BIS: Friday I'm In Love / Boys Don't Cry

ASP: Eisige Wirklichkeit

13 nummers. Zoveel staan er op de nieuwe single van ASP. Goed voor 74 minuten muziek. Dat men dit nog een ‘single’ durft noemen! Ik herinner me dat het ooit een zaak van staatsbelang was in Nederland om te weten of er vier dan wel vijf nummers op een single mochten staan.


Dat we de laatste cd van ASP – Fremd, het eerste volume van de nieuwe Fremder-Zyklus – heel goed vonden, had u als trouwe lezer van Dark Entries natuurlijk al gelezen. Asp had er het lumineuze idee op nagehouden om zijn fans te consulteren over wat de volgende single uit dit werk mocht zijn. Een mooi voorbeeld van interactie met het publiek, en tegelijkertijd een goede maner om zich te verzekeren dat al deze betrokken mensen uw werk ook zullen kopen.


Zelf vond ik de uitkomst van de online raadpleging erg voor de hand liggend. Het werd het nummer met het hoogste dansvloerpotentieel: Eisige Wirklichkeit. Zoals gebruikelijk bij een single krijg je verschillende versies van het nummer te horen. 4 in totaal. Ook Rücken an Rücken krijgt dezelfde behandeling toegemeten, wat doet vermoeden dat de groep dit als de andere grote kanshebber voor de single beschouwde. Niet onterecht: Eisige Wirklichkeit kreeg 436 stemmen, Rücken an Rücken 281 en FremdkörPerson, erstens – dat op deze cd slechts twee keer voorkomt – 181 stemmen.


En toch zijn de versies gevarieerd genoeg om niet te vervelen. We vermelden hier even de Horror-score version van Eisige Wirklichkeit en de Stripped down piano version van Rücken an Rücken om ons punt te maken. Het enige nummer dat niet op Fremd staat is Bald Anders, Nun anders version, dat een andere versie is van het nummer van Ougenweide dat ASP al op hun vorige single Wechselbalg ten gehore brachten.


De laatste vijf nummers bestaan uit live-versies van niet minder dan de helft van de laatste cd. Alsof dat niet genoeg is bestaat er een gelimiteerde editie met een dvd van het optreden van ASP op het M’era Luna Festival 2011, waarvan u hieronder een extract ziet. De logica gebiedt dat je eerst de full-cd aankoopt, en eigenlijk alle officiële cd’s van ASP, en dan pas dit schijfje. Zo hoort het ook. Eens u die allen hebt is deze single – die er eigenlijk geen is – een essentiële aankoop.


www.aspswelten.de


Hekate: Die Welt der dunklen Gärten

Met deze pracht-cd begeeft Hekate zich in één klap bij de belangrijkste groepen in de neofolk. En één van de meest volgroeide acts ook, want op deze cd vind je een grote variatie van alles wat het genre te bieden heeft: van folk tot neoklassiek, van striemende percussie tot elektronische klanktapijten.

Hekate trok mijn aandacht omdat ze ooit een plaat uitbrachten met nummers uit de Duitse revolutie van 1848: ‘Hambach 1848’. Helaas ging dat ook gepaard met een paar foute verdenkingen aan het adres van de groep. Nu ken ik dit repertoire ook in de uitvoeringen van uitgesproken linkse folkartiesten als Zupfgeigenhanzel, Dieter Süverkrüp of Walter Mossmann, en mijn mening is dat deze nummers meer een uitgesproken democratische geest uitstralen dan enige drang naar totalitarisme. (Deze liederen voeden eerder de interpretatie dat de mislukking van de democratische revolutie van 1848 de deur heeft opengezet voor een Duitse eenmaking onder aanvoering van het autoritaire Pruisen, het leger dat destijds ook een land had.)

U hebt begrepen dat een groep die dergelijke onderwerpen aansnijdt mijn interesse wekt. En op deze cd vind ik nog veel meer dat mijn interesse wekt. De cd zit vol literaire citaten: Lord Byron, Anaïs Nin, Joseph von Eichendorff... En ze citeren liever Kant dan Nietsche, wat voor een neofolk-groep ook verfrissend is. Ze doen het bovendien in verschillende talen. Op deze cd hoor je Duits, Engels en Frans en Latijn.

Muzikaal is het eveneens erg veelzijdig. Uiteraard krijgen we gitaar, zwevende synths, percussie en afwisselende zang van Axel Menz en Suzanne Grosche. Maar Hekate heeft zijn best gedaan om nog een tikkeltje meer te doen: koorgezang, orkestraties, oosterse en middeleeuwse instrumenten. Zo is ‘Die dunkle Wolke’ een prachtige herwerking van een traditioneel middeleeuws lied. Het titelnummer is een heel erg mooie ballade. ‘Per Aspera ad Astra’ is vernoemd naar het schilderij van Karl Wilhelm Diefenbach dat de cover siert. En op afsluiter ‘House of God’ kan je de invloeden van Dead Can Dance gewoon niet ontlopen.

Kortom, met Die Welt Der Dunklen Gärten heeft Hekate een klassewerk afgeleverd, hun beste werk ooit. Twintig jaar doorzetten heeft onmiskenbaar zijn vruchten afgeleverd.

donderdag, juni 14, 2012

XXI Wave-Gotik-Treffen in Leipzig: Griezels, feeën en DDR-Grufties

‘Een stad vol griezels’, zo betitelden De Standaard en Het Nieuwsblad hun fotoreportage over het XXIste Wave-Gotik-Treffen in Leipzig. ‘Naast de optocht van de griezels was er een festival met de zwaarste industrial en de donkerste rock’, wisten de kranten nog te melden. Nu wil ik de berichtgeving van onze kwaliteitspers niet tegenspreken, maar Leipzig is nog zoveel meer dan dat. Het feit dat heel de stad zwart kleurt met de meest extravagante kapsels en kleding – van griezelig tot feeëriek – is een belangrijke factor in de charme van het festival. Ook al zak ik voor de 6de keer naar Leipzig af, het blijft een adembenemend schouwspel.

Meer dan 200 optredens in alle stijlen en voor alle smaken, aangevuld met films, lezingen en tentoonstellingen zijn een ander aspect. Dat al deze evenementen uitgesmeerd worden over een hele stad die op zich al de reis rechtvaardigt, is nog iets dat het Treffen onderscheidt van andere festivals. Het is gewoonweg onmogelijk om alles te zien. Zorgvuldig afwegen en plannen is de boodschap. En je planning niet overladen, want dat zorgt enkel voor frustratie. Een eerste blik op het programma leert ons dat er weinig grote of onvermijdelijke namen op staan. We beslissen om er een rustige WGT van te maken en het programma van dag tot dag samen te stellen op basis van onze inspiratie. Dat laatste is wonderwel gelukt, het eerste werd een totale mislukking.



Dag 1: Grufties in de DDR

De tentoonstelling ‘Als der Südfriedhof mein Wohnzimmer war - Grufti-Szene in der DDR’ wist me al meteen te intrigeren. Het vindt plaats in de ‘Runde Ecke’, dat vroeger de hoofdzetel was van de Stasi in Leipzig en nu een museum is over de geschiedenis en de methoden van de beruchte geheime dienst. Deze gelegenheidstentoonstelling handelt over de manier waarop de ‘Grufties’ – de vroege goths, genoemd naar het Duitse woord voor graf – behandeld werden in de DDR. Door de overheid werden ze beschouwd als ‘negatief-decadente jongeren’, samen met punks, skinheads en heavy-metallers. Veiligheidsdiensten hielden nauwkeurige statistieken bij van de aanwezigheid van dergelijke jongeren in elke stad.

Op de tentoonstelling kon je verslagen van de verhoren van aangehouden Grufties inzien. Daaruit bleek dat Grufties een pessimistische levenshouding aannamen, de dood vereerden, occultistische en anarchistische standpunten innamen, al waren ze minder politiek ingesteld dan de punks. Er bleken toen al verschillende stromingen te bestaan, waarvan de belangrijkste de Cureheads waren, die af en toe een wit hemd plachten te dragen en niet veel moesten hebben van al het occulte gelul van de andere groep, de harde kern die het liefst ’s nachts in kerkhoven samenkwam en op zijn beurt onderling verdeeld was tussen aanhangers van satan en van lucifer. Maar veel meer nog dan de politie vreesden de Grufties de skinheads, die het geweld tegen hun negatief-decadente medejongeren niet schuwden. Het geweld kwam grotendeels van één kant. De Grufties zelf onderscheidden zich door hun apathische en geweldloze houding, zo notuleerden de Stasi-medewerkers.

De victoriaanse picknick van onze landgenote en fotografe Viona Ielegems maakt ondertussen deel uit van de vaste afspraken op het WGT. Het Clara-Zetkin park ziet letterlijk zwart van het volk, en niet zomaar het eerste het beste volk. Iedereen heeft zich prachtig opgemaakt in kostuums en hoepelrokken, met de nodige make-up en zin voor detail. We blijven iets te lang in de ban van deze verleidelijke sirenes en komen bijgevolg pas in de Felsenkeller als Ahráyeph – nog landgenoten - hun slotakkoord spelen. Maar we zijn hier vooral om Press Gang Metropol te zien, een groep die drie vierden van wijlen Corpus Delicti verenigt. De nieuwe groep verenigt invloeden van de klassieke drievuldigheid - The Cure, Joy Division en Bauhaus - met de veelvuldigheid aan Editors, Interpols, Nationals en White Lies. Gelukkig zijn nog niet alle scherpe kantjes eraf. Bij momenten klinken ze zelfs als Corpus Delicti, zeker als ze nummers van hun legendarische voorgangers overnemen.



Dan begeef ik me naar het Centraltheater, de schouwburg van de stad waar naar mijn ervaring enkel goede concerten doorgaan. Het contrast tussen het statige theater en de extravagante goths is opnieuw treffend. Corde Oblique doet wat je verwacht van een groep van het Prikosnovenie-label. Hun rustige, dromerige folk vertolkt de Italiaanse geschiedenis en natuur en is zonder meer een hoogtepunt van het festival. Love Is Colder Than Death straalt de Dead Can Dance-invloeden uit, maar doet dat goed. Minpunt is dat drie vierde van de muziek vooraf opgenomen is. Toch spelen ze nog één vierde live, waaronder de prachtige zang van Anja Herrmann en instrumenten als sitar, oosterse fluit, en diverse percussie-instrumenten. Heerlijk.

Dag 2: ten dienste van de staat

Ook op zaterdag kom ik al vroeg uit de veren om een lezing over Laibach en NSK bij te wonen. Alexei Monroe, een Brit die een lijvige doctoraatsthesis en nog tal van andere publicaties over het onderwerp op zijn naam heeft staan, blijkt die moeite niet gedaan te hebben. Dat zijn gsm-wekker onvoorzien terug op de Britse tijd was overgeschakeld kan als een verzachtende omstandigheid gelden. Alexander Nym, de tweede spreker, weet de zaak te redden door een uitgebreide uiteenzetting te geven en uit Monroes bijdrage voor te lezen uit het door hem samengestelde boek Schillerndes Dunkel, een prachtige en rijkelijk geïllustreerde uitgave van meer dan 400 bladzijden waarbij je evenwel wat rechtse retoriek en veelvoudige occulte verwijzingen door de vingers moet zien.

Als Monroe eindelijk komt opdagen heeft hij nog net de tijd om zijn nieuwe boek State Of Emergence voor te stellen. Dat handelt over het eerste NSK-wereldcongres in Berlijn in oktober 2010. De NSK – oftewel Neue Slowenische Kunst - werd in 1984 opgericht als kunststroming en bestond uit Laibach, Irwin (schilderkunst) en het Scipion Nasice Sisters Theater. Samen probeerden ze op provocerende wijze de link tussen kunst en ideologie te onderzoeken. Met de nodige zin voor ironie proclameerden ze zichzelf als dienaars van de staat. Toen Joegoslavië uit elkaar viel, vonden ze er niets beter op dan een eigen staat op te richten. Zo werd NSK de eerste virtuele kunststaat zonder grenzen. Iedereen kan vrijwillig burger worden, en het blijkt dat veel inwoners gepassioneerd zijn door hun nieuwe nationaliteit. Ze produceren hun eigen volkskunst, hebben eigen nieuwsuitzendingen, congressen en zetten overal waar ze kunnen initiatieven op.



Zo gaf Monroe in het begin van de namiddag toelichting bij een tentoonstelling rond Autopsia in de NSK-ambassade in Leipzig. Deze keer ben ik rijkelijk te laat, maar nog tijdig genoeg om te vernemen dat Autopsia, een aan Laibach verwant collectief dat oorspronkelijk Servisch was maar al heel lang vanuit Praag opereert, zich thematisch bezig houdt met martial muziek, religie, metafysica, technologie en dood. Hun kunst bevat minder verwijzingen naar fascisme en communisme, maar is muzikaal en visueel even conceptueel uitgewerkt als Laibach. Andere aandachtspunten zijn het doorgedreven pessimisme en het totaal gebrek aan hoop in hun werk. Op zondag geven ze hun eerste concert in 25 jaar in het Völkerschlachtdenkmal. Alweer een activiteit bij op mijn reeds drukke agenda.

Dan begeef ik me weer naar het Stasi-museum om een debat over de DDR-Grufties bij te wonen. Sprekers zijn de eerder vermeldde Alexander Nym en Alexandert Pehlemann, hoofdredacteur van het boek ‘Spannung, Leistung, Widerstand’ over de ondergrondse subcultuur in de DDR. Deze laatste spreekt onder meer over de sterke criminalisering en repressie die de punkers trof nadat Stasileider Erich Mielke in 1983 had opgeroepen om het ‘Punk-Problem’ op te lossen. Vanaf 1984-85 gingen de zaken erop vooruit. Punkoptredens konden doorgaan in de kerken, die meer en meer een verzamelpunt vormden voor alle vormen van oppositie. De Stasi zocht dan weer naar informanten binnen de scene. Elke punkband had één of twee Innoficieller Mitarbeiter (IM’s) die informatie doorgaven. Een ander gespreksonderwerp was de moeilijkheid en de vindingrijkheid om aan de juiste kleren te geraken. Sommige groepen traden destijds in Sovietuniformen op, en Pehlemann maakte zich vrolijk over de verschijning van diezelfde uniformen op het WGT. ‘Eindelijk een tegengewicht voor al die Wehrmachtuniformen.’



Een muziekfestival? Wel, het wordt inderdaad tijd om nog eens een streepje muziek op te snuiven. Ik ga naar het heidens dorp, waar naast een middeleeuwse markt in open lucht ook heel wat folk en neoklassiek te horen valt. De eerste groep die ik daar aan het werk zie, is het Deense Euzen. Geen folk, maar buitengewoon dromerige en romantische progrock die echt indruk op me weet te maken. Maar de groep waar ik voor kwam is Trobar de Morte. Hun optreden in het Centraltheater verleden jaar staat nog steeds in mijn geheugen gegrift, en met hun tournee met Faun hebben ze hun populariteit in Duitsland blijkbaar goed weten te verankeren. Ook deze keer weten ze met hun op Keltisch getinte muziek het publiek te veroveren.



Ik verander opnieuw van locatie om in de Felsenkeller het 20-jarig jubileum van Hekate bij te wonen. Tien jaar geleden vierde de groep zijn verjaardag ook al op het WGT, in de veel kleinere Moritzbastei. Hun laatste cd Die Welt der dunklen Gärten was een succes en leidde ook tot heruitgaven van hun hele discografie. Toch wordt het optreden een afknapper. Ze beginnen zowat een uur te laat. De groep bestaat vooral uit percussionisten, die in de eerste plaats aangevuld worden met samples en elektronica. Gelukkig worden er nu en dan ook akoestische gitaren en draailieren bovengehaald en steekt er regelmatig een uitstekende violist zijn kop op. Ook gastbijdragen van In Slaughter Natives en Andréa Nebel weten het optreden wat uit het slop te werken. Maar van zo’n interessante groep had ik nu eenmaal veel meer verwacht.

Dag 3: Völkerschlacht

Voorpaginanieuws in de Leipzicher Volkszeitung: ‘Reuze-Gothic-party is lol en vult de kassa’. De 20.000 gothicers die zich uit de ganse wereld naar Leipzig hebben begeven boeken alle hotels vol en kijken niet op een euro meer of minder. Hotels zijn best tevreden met het zwart volkje. Ze hoeven hoogstens een later ontbijt en wat meer kapstokken om hun extravagante kostuums aan te hangen. En na hun vertrek een grondige wasbeurt in de badkamer, om alle sporen van haarlak te verwijderen. Alles bijeengeteld brengt het festival een omzet van 15 miljoen op voor de stad. Niet mis. Je begrijpt waarom de plaatselijke middenstand elk jaar weer uitkijkt naar het WGT.



De derde dag beginnen we met een culturele uitstap naar het Völkerschlachtdenkmal. Hier vonden de hevigste gevechten plaats in de Volkerenslag in 1813. Na de catastrofale nederlaag van zijn Grande Armée in de Russische veldtocht trachtte Napoleon zijn macht in Duitsland te bestendigen, maar trof in Leipzig een grote coalitie van Russen, Oostenrijkers, Pruissen en Zweden die hem een koekje van eigen deeg gaven. Met de inzet van meer dan 500.000 strijdkrachten, waarvan zeker 100.000 het leven lieten, was het destijds de grootste en dodelijkse veldslag in de wereldgeschiedenis.

Dan is het tijd voor de jaarlijkse shopping in de agra-Halle. Dit redelijk ver uit het centrum gelegen domein is het kloppend hart van de WGT. Het biedt plaats aan een uitgebreide camping en een concertzaal met een capaciteit van 5.000 personen. Om het domein te bereiken moet je eerst door een herenhaag aan fotografen die erop uit zijn om kiekjes te maken van de mooist uitgedoste creaturen. Dan wandel je door een lange baan die we al jaren de catwalk noemen. Het circus aan hanekammen, cybers en victoriaanse kostuums blijft de moeite om te zien. En dan geraken we er. De markt, waar je alles vindt dat je elders niet of nauwelijks vindt: kleren, schoenen, sieraden, boeken en natuurlijk cd’s. Mocht u denken dat ik als Dark Entries-medewerker sowieso al in de cd’s verzink – niet onterecht trouwens – dan kan ik u hierbij melden dat mijn verzameling elk jaar met het WGT nog een boost krijgt.



Ik heb al snel twee uur besteedt aan het overlopen van alle standjes, en na een omweg langs het hotel keer ik terug naar het Völkerschlachtdenkmal om het eerste optreden van Autopsia in 25 jaar tijd mee te maken. IJle tonen, diepe stemmen, pauken en galmende geluiden… Muzikaal is het wat ik verwacht hadden, maar te zien viel er helemaal niets, tenzij de crypte van het majestueuze monument dat in 1913 gebouwd werd bij de honderste verjaardag van de Volkerenslag, aan de vooravond van een nog veel grotere slachting. Het optreden evolueert van soundscapes naar neoklassiek, rituele percussie, industrial en experimentele elektronica. Een uur lang blijven de muzikanten van achter een zwart gordijn spelen. Het is me niet duidelijk of het om een nieuwe compositie gaat of een mix van eerder werk die vakkundig aan elkaar gewerkt wordt, maar ik vermoed eerder het laatste want het optreden sluit af met een stukje dubieuze dubstep die vermoedelijk van hun recente samenwerking met Achtar afkomstig is.

Op mijn terugweg weet ik nog een flink deel van het optreden van Of The Wand And The Moon mee te pikken. Eigenlijk ben ik niet zo vertrouwd met dit project van de Deen Kim Larsen, maar uit de reacties van het publiek kan ik afleiden dat de man een groot deel van zijn klassiekers speelt, bestaande uit melancholische en zweverige neofolk in de stijl van Rome en Sol Invictus.



Dag 4: kerk en oppositie

De vierde dag is een dag waarop we het rustiger aan doen. Andermaal beginnen we met een museum: het Zeitgeschichtliches Forum, dat handelt over de geschiedenis van de DDR. Opnieuw gaat er veel aandacht naar de tegencultuur en haar muzikale varianten in de communistische staat. Na een tijdlang het bestaan van rockgroepen door de vingers gezien te hebben, beslist de overheid in 1965 om beatgroepen te verbieden. Het leidt in Leipzig tot één van de grootste betogingen sinds de massale opstand 1953. De uitwijzing van Wolf Biermann, een van oorsprong marxistische dichter en zanger die omwille van zijn kritiek op de autoritaire staat het zwijgen opgelegd werd en na een controversieel optreden in West-Duistland zijn burgerschap kwijtspeelde, is een kantelmoment. Talloze artiesten protesteerden heftig tegen de uitzetting en werden op hun beurt aangehouden of uitgewezen.

Aangezien er niet zoveel alternatieven voorhanden waren voor kritische stemmen, concentreerde de tegenbeweging zich steeds meer rond de kerken. Daar kwamen de vredes- en milieubewegingen samen en konden verboden artiesten als Bettina Wegner of Stefan Krawczyk optreden. Beiden werden uiteindelijk uitgewezen naar het westen. De wekelijkse vredesdiensten in de Nicolaikirche in Leipzig groeiden in 1989 uit tot maandagdemonstraties, die week na week meer volk trokken en uiteindelijk meer dan 300.000 mensen op de been brachten. Leizpig was hiermee de eerste stad waar massabetogingen plaatsvonden, die zich al snel over het hele land verspreidden. Hiermee verdiende Leipzig de titel van hoofdstad van de ‘vreedzame revolutie’.



Het WGT is een uitgetekende kans om van alles te ontdekken, als je maar de nodige openheid van geest toont. Op aanraden van een vriend gaan we naar de Felsenkeller om Coronatus aan het werk te zien, een Duitse symfonische metalgroep met twee zangeressen. Later op de avond zouden in dezelfde zaal Tyr en Finntroll optreden, maar ik verkies de Parkbühne, een mooie locatie om de laatste dag rustig en zonnig door te brengen. Daar zijn we getuige van het energieke optredens van The Exploding Boy en van onze eigen Belgische The Names. Door een speling van het lot waren deze de afsluiter op het podium, een plaats waar ze eigenlijk ook thuishoren. Ze wisselen onsterfelijke nummers als Night Shift en Calcutta af met nieuw werk. Pure nostalgie natuurlijk, maar ook dat maakt deel uit van het WGT.

Tenslotte staat in het Centraltheater nog Irfan op het programma, één van de pareltjes dat het Franse cultlabel Prikosnovenie – 4AD, maar dan beter – aan het licht heeft gebracht. Deze Bulgaarse groep wist met hun eerste cd al veel lof te vergaren omdat ze de invloeden van Dead Can Dance vermengden met hun eigen muzikale traditie. Later dit jaar komt een nieuwe cd van hen uit, waarop de Byzantijnse en Ottomaanse invloeden nog nadrukkelijker aanwezig zullen zijn. Een passende afsluiter voor een festival dat voor mij behoorlijk in het teken van het oosten stond.

Bij het afsluiten van het WGT heb ik het gevoel dat ik er moeilijk meer uit had kunnen halen. Een vol-Treffen dus. Ook al was dit niet de meest indrukwekkende affiche aller tijden, ik heb geen spijt van mijn keuzes. Het festival biedt zoveel mogelijkheden en variaties dat je altijd wel iets vindt naar je smaak. Ik heb bij het weggaan alvast mijn kamer geboekt voor volgend jaar.



Foto’s:
1. De victoriaanse picknick (www.viona-art.com)
2. Fotomodel en artiste nemisx op het victoriaanse picknick (nemisx.wordpress.com)
3. Plakaat van de NSK-ambassade te leipzig
4. Sfeerbeeld van het heidens dorp
5. Lady Morte van Trobar de Morte in het heidens dorp (www.trobardemorte.com)
6. Elven en magiërs poseren in het Südfriedhof
7. Bonte kleuren aan de agra-Halle
8. The Names op de Parkbühne (http://www.myspace.com/thenamesofficialwebsite)
9. Wachten op Autopsia op de trappen van het Völkerschlachtdenkmal (www.autopsia.net) 
10. Batcavers aan de agra-Halle

zondag, mei 06, 2012

Rangarang – pre-revolutionary Iranian pop

De jaren 60 en 70 worden wel eens beschouwd als de gouden periode van de Iraanse pop. Er werd een hoop hoogstaande muziek gemaakt, waarvan we hier een uitstekende selectie voorgeschoteld krijgen. Vrouwen met kleurrijke jurken en steeds veranderende kapsels, mannen met lange haren en baarden, elektrische gitaren, psychedelische orgels, ballades tot en met disco. Maar eens de islamisten aan de macht kwamen in 1979, was hun liedje uitgezongen. De mollahs wilden liefst komaf maken met de decadente popwereld. De muziekindustrie werd ontmanteld, sommige sterren vluchtten, anderen werden voor een revolutionair tribunaal gebracht en monddood gemaakt.

Dat er een grootschalige popcultuur ontstond in Iran was niet zo evident. In 1957, het jaar waarin de sjah een tweepartijensysteem toestond, werd een grote campagne gevoerd tegen rock-'n-roll. Naar verluid hing er bij Elvis Presley thuis een krantenbericht waarin melding werd gemaakt van de campagne, die de naam ‘Haat Elvis’ had meegekregen. Het is wellicht een teken van de ‘westersgezindheid’ van de sjah dat de popmuziek er vanaf de jaren 60 floreerde. Het waren de Britten en de Amerikanen die de monarch terug aan de macht brachten in 1953, enigszins misnoegd door de nationalisering van de olie-industrie door zijn grote rivaal Mohammed Mossadeq.

De sjah had een politiek project van verwestering en modernisering, maar deze verwestering werd vaak ten koste van de traditionele Perzische cultuur gezien. Want wat je op deze cd ziet en hoort valt best te rijmen met de westerse muziek uit de jaren 70. En toch heeft het een onmiskenbaar Perzische klank. Alle nummers zijn in het Perzisch gezongen en er wordt veel gebruik gemaakt van traditionele instrumenten als de tar, santoor, sitar of oud, wat deze cd dubbel zo interessant maakt. (Hoeveel hippie-groepen zochten trouwens tevergeefs naar die oosterse klank?)

De censuur door de Iraanse clerus had ook invloed op westerse artiesten: Frank Zappa baseerde er zijn rock-opera Joe’s Garage op, en voor The Clash gold het als inspiratie voor het nummer Rock The Casbah. Hoewel Rangarang - de naam van de compilatie verwijst naar een erg populaire televisieshow - duidelijk een aanklacht wil zijn tegen de repressie door het islamitische regime, hoef je hier weinig protestliederen te verwachten. (De zanger Dariush is een uitzondering. Door zijn banden met de oppositie tegen de sjah belandde hij korte tijd in de gevangenis.) De sjah stond niet bekend als een groot aanhanger van het recht op vrije meningsuiting, en dus handelden de meeste nummers over liefde, weliswaar in de Perzische traditie van rijk geïllustreerde metaforen (in wezen ben je een raadsel voor mij, op één moment ben je een regendruppel en plots daarna een volledige oceaan…).


Het rijkelijk gedocumenteerde cd-boekje staat vol met sombere verhalen van sterren die beroepsverbod kregen, in de gevangenis terechtkwamen of gewoon in eenzaamheid, drugs en depressie verzonken. Het meest tragische is vast het leven van Fereidoon Farrohzad, die de dubbel-cd mag openen. Deze dichter, schrijver en zanger was de presentator van Mikhakeh Noghrei, een televisieshow waar vele Iraanse popsterren aan bod kwamen. In 1979 mocht hij samen met tal van andere zangers en acteurs voor het revolutionair tribunaal verschijnen. Na een korte gevangenschap vluchtte hij naar de VS - een belangrijk toevluchtsoord voor Iraanse muzikanten – om zich uiteindelijk te vestigen in Duitsland. Hij stond bekend als een hevig tegenstander van de islamitische republiek, en werd in 1992 neergestoken in zijn appartement in Bonn. Alles wijst erop dat de moord door het Iraanse regime opgezet was, dat destijds een behoorlijke reputatie had in het elimineren van politieke tegenstanders in het buitenland.

Meer psychedelische trekjes krijgt de cd met Mehrpouya, een sitarvirtuoos die de elektrische gitaar introduceerde in Iran, alsook muziek met potten en pannen. Maar de absolute topper die de Iraanse psychedelica op de wereldkaart zette, was Kourosh Yaghmaei. In tegenstelling tot andere muzikanten - waaronder zijn twee broers - bleef hij na de revolutie in Iran. 17 jaar lang mocht hij niet optreden en geen platen uitbrengen. Hij schreef kinderboeken en gaf gitaarlessen. Na 17 jaar kon hij opnieuw optreden, en hij geniet nog steeds een grote populariteit en navolging.

De Iraanse popwereld was ook verbonden met artiesten uit omringende landen. Ahmad Zahir stond bekend als de Afghaanse Elvis. (In die tijd kon Iran trouwens rekenen op een vaste toevloed van hippies, die via busjes de doortocht maakten naar de Strawberry Fields van Afghanistan, where poppies grow.) Met de toenemende spanningen tussen regering, communisten en islamisten in Afghanistan eind jaren 70 waagde Zahir het om ook politieke nummers te schrijven. Hij stierf in 1979, kort voor de communisten de hulp van Moskou inriepen om de islamisten te bestrijden. Volgens sommigen werd Zahir vermoord op bevel van een communistische generaal. Anderen houden het op een verkeersongeval. Wat wel zeker is, is dat de taliban - voor zover ik weet het enige regime ooit dat elke vorm van muziek verbood - zijn graf vernielden zodra ze Kaboel ingenomen hadden.

Je vindt ook nog grote diva’s als Leila Foroufar, Shohreh, de immens populaire Googoosh of Neli, die met het prachtnummer Hobab de dubbelaar mag afsluiten. Muzikaal is het voortreffelijk. Laat je niet misleiden door het woord ‘pop’ in de titel van deze cd. Deze muziek was ongetwijfeld populair, maar het is ook kwalitatief hoogstaand. Op twee cd’s staat een grote variatie aan muziek, die zeer logisch en coherent opgebouwd is. Deze cd is niet enkel een interessante geschiedenisles, maar ook een muzikale openbaring.

Rangarang op Vampisoul

Video: Kourosh Yaghmaei, Khaar

Rel rond Pussy Riot in Rusland

Van de Russische punkgroep Pussy Riot zijn verschillende leden aangehouden en leven anderen ondergedoken. De reden: een controversiële opvoering in de orthodoxe Christus Verlosser-kathedraal in Moskou, waarin de groep een gebed hield voor het aftreden van Putin. ‘O maagdelijke moeder van god, laat Putin weggaan’, waarbij de feministische groep een dans opvoerde. De drie gevangen leden worden beschuldigd van hooliganisme en kunnen tot 7 jaar gevangenis krijgen.

Sinds de val van het communisme is er een ware heropleving van de orthodoxe kerk, die haar hervonden macht graag politiek verzilvert. Patriarch Kyrill sprak openlijk zijn steun uit voor Putin in de afgelopen presidentiële campagne, en zei dat ‘orthodoxe mensen niet naar betogingen gaan’, een duidelijke hint naar de massale protestbewegingen. Ondertussen worden wereldwijd protestacties opgezet om de vrijlating van de groepsleden te eisen.

Free Pussy Riot

De video van het omstreden optreden:

zondag, april 22, 2012

ASP: Fremd

Wat na de Schwarze Schmetterling? Het is de vraag die menige fan en ook Asp zelve zich wellicht lang gesteld hebben. Het laatste deel van de zwarte vlinder-cyclus dateert al van 2007. In de tussentijd heeft de groep nog Zaubererbruder – der Krabat Liederzyklus opgenomen, een dubbel-cd die met talrijke folkinvloeden die een buitengewoon groot succes werd.


Sindsdien heeft meesterbrein Alexander Spreng – Asp met kleine letters, terwijl de groep met grote letters geschreven wordt – regelmatig herhaald dat hij zin had om weer te rocken als vanouds. Het heeft langer geduurd dan verwacht, onder meer door een burn-out van Spreng en het afscheid van gitarist en producer Matthias Ambré, een man die jarenlang heel verdienstelijk werk geleverd heeft voor de groep.


Ambré vervangen was geen sinecure. Spreng doet een beroep op zijn vriend Lutz Demmler van Umbra et Imago, die zich behoorlijk van zijn taak weet kwijt te schelden. Demmler neemt ook Sören Jordan mee, een uitstekende gitarist die weliswaar nog iets meer tot zijn recht zou mogen komen op de nieuwe cd.


Fremd is het eerste deel van een nieuwe cyclus, de Fremder-Zyklus, maar op de cover prijkt al meteen een afbeelding van een zwarte vlinder. Ook muzikaal klinkt het allemaal niet zo vreemd, zelfs heel vertrouwd. De eerste drie nummers – waaronder de singles Wechselbalg en Eisige Wirklichkeit – zijn duidelijk bedoeld om de luisteraars gerust te stellen: ASP kan nog steeds rocken. En, zo heeft Alexander Spreng verklaard, de nieuwe cyclus is ook bedoeld als een vervolg op de eerste. Aha!


Hoe de vork net in de steel zit blijft nog een beetje duister. Met The Mysterious Vanishing of the Foremar Family - mijn favoriet nummer op de nieuwe cd - begin ik voor het eerst een beeld te krijgen van het nieuwe verhaal dat zich ontspint. In een oud herenhuis leeft een familie, die hun ongewenst neefje in de kelder opgesloten heeft. Op een dag zijn ze allemaal - inclusief het neefje - spoorloos verdwenen. Groot mysterie. Ik word er wel al iets wijzer van. Het neefje is waarschijnlijk het wisselkind (Wechselbalg) en hun bestemmingsoord de ‘ijzige werkelijkheid’.


Dat de nieuwe wereld waarin de hoofdrolspelers terecht gekomen zijn geen peis en vree is, wordt duidelijk in Rücken an Rücken. Angstkathedrale is een monumentaal nummer van 18 minuten, dat met zijn zware gitaren en doemerige synths duidelijk schatplichtig is aan Type O Negative. De cd is trouwens opgedragen aan hun in 2010 overleden zanger Peter Steele.


Schön Schön Schön is een poging van Asp om met een erotische tekst op de proppen te komen. Nu ben ik nooit echt vragende partij voor dergelijke nummers, maar ik heb toch veel bewondering voor Asp als hij op een nummer als Werben – van één van zijn vorige meesterwerken Aus der Tiefe – hele horden extatische (en mooi uitgedoste) gothic-meisjes kan laten meezingen op een tekst als ‘vul me met leven, kom en vul me met jou’. Bovendien valt deze tekst ook prima in een tweede graad op te vatten vanuit de relatie tussen zanger en publiek. Helaas hoort Schön Schön Schön niet in dezelfde categorie thuis. Ik durf zelfs zeggen dat de zwakke tekst en melodie een (klein) smet op deze cd vormen.


Fremdkörperson, erstens opent met middeleeuwse luit en fluit, maar wordt snel een uitstekende rocker met een pakkend refrein. Met Unverwandt krijgen we een prachtige afsluiter met een dubbele bodem: we hebben een nieuw concept en een nieuw verhaal, maar bij ASP brandt nog steeds het oude vuur, de inspiratie die ook bij de Schwarze Schmetterling overvloedig aanwezig was.

En toch blijf ik na het beluisteren van Fremd op mijn honger zitten. Niet omdat dit slecht is. Integendeel, Fremd is een uitstekende cd. Een paar elementen uit het hele verhaal zijn nu bekend, maar het is wachten op de volgende cd’s om alle puzzelstukken op elkaar te laten sluiten. Ik zit dus al de hunkeren naar het vervolg. En dat is – weeral – een hele prestatie van Asp. En een belangrijke aanwijzing dat de nieuwe cyclus aan de verwachtingen zal voldoen, of die zelfs zal overtreffen.




PS: ik voel u al aankomen. U wil natuurlijk dat clipje zien waarin die gothic-meisjes meezingen op Werben. Kom, hieronder hebt u het.



Dit artikel verscheen oorspronkelijke in Dark Entries op30/12/2011

The Marchesa Casati opent voor voorstelling nieuwe cd van The Curse Of The Vampire

De vloek van The Curse Of The Vampire slaat weer toe. Hun uitstekend debuut 'Anger & Agony' dateert al van 2008 en was geïnspireerd door groten als Joy Division, Sex Gang Children, Virgin Prunes en vooral - ja, heel erg vooral - The Cure. Deze invloeden vind je ook overvloedig terug op de nieuwe 'Fading for a lifetime', al werd er voor deze productie wat meer gebruik gemaakt van elektronica.

De uitgave is gepland voor 31 maart, en wie voor de gelegenheid graag naar Frankrijk afzakt kan die avond in de Arsenic in Calais terecht. Op 13 april volgt een tweede concert in La Rumeur in Rijsel - of Lille, als je graag het taalgebruik van het Franstalig imperialisme overneemt - met The Marchesa Casati als support.







Dit bericht verscheen oorspronkelijk in Dark Enries op 27/03/20012

ASP: Der komplette schwarze Schmetterling – Zyklus 1 bis 5

Het verhaal van de ‘schwarze Schmetterling’ – oftewel zwarte vlinder – speelt zich af in de donkere toren. Asp leeft er in totale afzondering. Of toch niet; ook de ‘zwarte vlinder’ woont in de donkere toren. Wie deze zwarte vlinder net is, is niet helemaal duidelijk. Een vijandig individu, een duister alter ego van Asp, of een parasiet die zich in Asp gevestigd heeft en zijn leven verzuurd... Vast staat dat Asp het goede beoogt terwijl de zwarte vlinder slecht en destructief is. En dit, het eeuwige gevecht tussen goed en kwaad, al dan niet binnen één persoon, is een klassiek thema waarover je kan blijven schrijven.

ASP, de groep is genoemd naar de initialen van meesterbrein Alexander Spreng, heeft tussen 2000 en 2007 vijf cd’s uitgebracht in de cyclus van de zwarte vlinder. Het is een indrukwekkend oeuvre – niet in het minst door de buitengewoon geïnspireerde en verscheiden teksten van Spreng – en de groep heeft er dan ook veel succes mee geoogst.

Het ziet er voorlopig naar uit dat er geen vervolg meer komt op het verhaal van de zwarte vlinder. ASP had deze 2008 even op pauze gezet om de zeer succesvolle dubbel-cd ‘Zaubererbruder - Der Krabat-Liederzyklus’ uit te brengen – gebaseerd op de kinderroman ‘Meester van de zwarte molen’ – en kondigt nu het begin aan van de ‘Fremd’-cyclus aan, waarvan de eerste cd in oktober uitkomt. En dus vond de groep – of misschien moeten we na de recente personeelswissels maar besluiten dat ASP het werk is van Spreng – om de fans eens goed te verwennen met een boek en 10 cd’s die de volledige werk rond de zwarte vlinder omvatten.

Laat het mijn grote teleurstelling zijn dat de teksten niet opgenomen zijn in dit boek. Die zijn – voorlopig toch – terug te vinden op de website van de groep, en er bestaat ook een boekuitgave van (die net als deze box niet volledig gratis is). Ik heb alvast het gevoel dat deze uitgave niet echt ‘komplet’ is zonder de teksten. Als je de moeite neemt om een boek van meer dan 100 bladzijden te maken om dit werk te illustreren, had je dit essentieel aspect toch moeten opnemen.

Afgezien daarvan niets dan goed over deze uitgave. Het boek bevat hoogstaande kleurendruk van de volledige artwork voor al de verschillende cd’s, voor een groot deel afkomstig van de ondertussen in gothic-kringen erg begeerde grafische kunstenaar Ingo Römling of Monozelle (die trouwens ook muzikaal bijdraagt op verschillende nummers).

Het duurt natuurlijk even om de verzameling cd’s door te nemen. Mij valt op hoe ongemeen goed deze groep van meet af aan was. Elke cd uit de cyclus is uitstekend en bevat een paar nummers die je als klassiek mag beschouwen. (Wie een beperkter budget heeft en enkel met deze klassiekers tevreden is, kan zich nog steeds de dubbel-cd-compilatie Horror Vacui aanschaffen.) En vanaf de derde cd – Weltunter – wordt het allemaal nog veel beter. Het hoogtepunt is ongetwijfeld het vijfde en laatste deel: de dubbel-cd Requiemembryo.

Cd’s 7 tot en met 10 bevatten dan weer de singles uit deze periode, met een aantal remixen en leuke covers. Dingen die je wellicht niet uit jezelf zou kopen, maar die je in deze vorm zeker niet afslaat.
Oh ja, bekijk ook de video van ‘Me’, een animatieclip die in 2008 verscheen bij de Horror Vacui-compilatie en die het concept van de ‘schwarze Schmetterling’ prachtig weergeeft.




Dit artikel verscheen in Dark Entries op 26/09/2011

zondag, april 01, 2012

Akvarium viert 4000-jarig bestaan

De legendarische Russische rockgroep Akvarium viert zijn 4000ste verjaardag. Deze ouderdom kan verrassen, omdat historici en muziekwetenschappers er totnogtoe vanuit gingen dat de groep in 1972 in Leningrad was opgericht. In een interview gaf zanger Boris Grebenshikov toe dat hij het zelf eigenlijk ook niet meer zo goed wist, maar 'over het algemeen is iedereen het erover eens dat we al heel lang bestaan'. Het jubileum wordt gevierd met een hele resem optredens, compilaties, uitgaven van onuitgegeven of moeilijk te vinden materiaal en een oproep aan fans om covers van Akvarium-klassiekers in te sturen. Ook hoopt de groep hun volledige catalogus beschikbaar te maken via Kroogi, een website waarop je muziek kan beluisteren of downloaden volgens het 'betaal wat je wil'-principe. We hopen dat hen nog een lang leven toebeschoren is.


donderdag, maart 01, 2012

The Marchesa Casati op 17 maart in Eernegem

Dag allemaal,

Ik treed op 17 maart op met The Marchesa Casati, een gothic-groepje waarin ik gitaar speel. Dit gaat door in de B52 in Eernegem, een boerengat ergens in West-Vlaanderen. Je geraakt er niet met de trein, en als je met de wagen wil komen kan je best voorzien zijn van een GPS.

Ik heb begrepen dat het zaaltje behoorlijk klein is. Er zullen allerlei ongure types in het zwart rondlopen, en één van hen ben ik. Je wordt voor 7 euro afgezet om binnen te komen, en je ziet nauwelijks iets van de groepen, die trouwens allemaal klinken alsof ze een behoorlijk stuk in het vorig millennium zijn blijven steken. Wie wel van deze muziek houdt, kan op dezelfde avond ook naar Blixa Bargeld in de AB of naar de gothrock special van Porta Nigra in Aarschot gaan.  En dan spreken we nog niet over de prijs van de drank.

Het is dus aangewezen om niet te komen. Maar wie het toch niet kan laten om die avond naar het putje van West-Vlaanderen te rijden kan ik verzekeren: je bent van harte welkom, en ook de ander groepen zijn goed.

Alles gebeurt in de B52 in Eernegem, Aartrijksestraat 92. Als de organisator over een horloge beschikt en erop staat dat de timing gerespecteerd wordt, gaan de deuren open om 20u30 en beginnen we te spelen om 21u. Het is over als het gedaan is, met name als ook The Cheshire Cat (The Bouncing), Fallacious World en Trouble Fait' gespeeld hebben. Maar je kan daarna nog wat napraten of je uitleven op de after-party.

Nu we toch over mijn activiteiten hebben: ik draag ook regelmatig bij tot Dark Entries, een online muziekmagazine gespecialiseerd in wave, gothic en andere duistere muziek. Je vindt onze website op www.darkentries.be

Website van The Marchesa Casati: http://www.myspace.com/themarchesacasatiband
Website van de optredens op 17 maart: http://nl-nl.facebook.com/events/257700177590763/

Groetjes,

Xavier


vrijdag, december 30, 2011

Nieuw meesterwerk van Akvarium: Archangelsk

Het is altijd uitkijken naar een nieuwe cd van Akvarium, zeker sinds de groep in 2006 het prachtige Wilde Russische Vagebond uitbracht. Deze plaat kondigde een ware verrijzenis aan. Wit Paard uit 2009 was eveneens uitstekend, en met deze Archangelsk is het niet anders.

Openingsnummer 'Terug Naar Archangelsk' is meteen een terugblik op de geschiedenis van Akvarium, naar een periode in het begin van het millennium die we vriendelijk ‘de zoekende jaren’ zullen noemen – jaren van experimenteerdrift met elektronica. Of misschien verwijst het zelfs naar de klassieke rockperiode van de groep begin jaren 80. Akvarium gaf toen een optreden in de stad Archangelsk dat behoorlijk wat stof deed opwaaien en resulteerde in een maandenlang optredenverbod in de befaamde Leningrad Rock Club, het toenmalige epicentrum van de Russische rock.

'Rode Rivier' houdt het bij alternatieve rock. Alhoewel, midden in het nummer duiken de eerste Ierse invloeden op. En de Ierse pijler in de groep is aanzienlijk versterkt. Niet in het minst door fluitvirtuoos Brian Finnegan, een aanwinst uit Aquarium International, een 19-koppig orkest van vermaarde muzikanten uit gans de wereld waarmee Akvarium-frontman Boris Grebenshikov in 2008 verschillende optredens deed. (U vindt hier de link naar het concert van dit fenomenaal ensemble in the Royal Albert Hall.) Drummer Liam Bradley is een Ier die ervaring opgedaan heeft bij Van Morrison en er spelen nog een resem Ierse gastmuzikanten mee.

'Over Het Klaverveld' is een geluidscollage van gitarist Igor Timoef die weinig opmerkelijks heeft, zij het dat Kenneth – What’s The Frequency – Schaffer er wat morsecodes voor aanlevert. De man geniet buiten de verwijzing van REM bekendheid als expert in radiogolven en uitvinder van de eerste draadloze microfoons en van satellietverbindingen tussen de V.S. en Rusland. Onder Akvariumfans heeft hij een bedenkelijke reputatie omdat hij Grebenshikov in volle perestrojka wist te overhalen om het solo te wagen in het Engels.

Die solocarrière draaide rampzalig uit en vormde ook de doodsteek voor de heel populaire Akvarium uit de jaren 80. Achteraf beschouwd kunnen we dit ook als een zegen beschouwen, want zonder dit fiasco hadden we misschien geen recht gehad op de ‘nieuwe Akvarium’, de groep die in de jaren 90 prachtplaten afleverde als het Russisch Album, Kostroma Mon Amour of Navigator.

De parade trekt weer op met 'De Mars Van De Heilige Koeien'. Het nummer grossiert in Ierse invloeden, maar dan wel van een buitengewoon vrolijke soort. De tijd waarin Grebenshikov vol weemoed zong over droge wodka, vergezeld van brood met tranen is voorbij. Nu krijgen we wodka martini met vliegende runderen. Schenk nog maar eens in, en goed!

'Kapitein Bellerofon' haalt de blazers boven voor een nummer dat meer effect heeft dan alle verzamelde antidepressiva. Het leven is eenvoudig en mooi, en het doet er weinig toe wie de geheimzinnige kapitein wel is. ‘Aan de buitenkant zie ik eruit als een steen, maar inwendig ben ik een vuurspuwer.’

Nog meer raadselachtige personages, maar dan in een trager tempo met een ode aan de 'Geheimzinnige Uzbeek'. Wat hij komt doen is niet duidelijk – de vergeten pincode terugbrengen? – maar het is weer een buitengewoon meeslepende ballade, van het soort waar Grebenshikov een patent op lijkt te hebben.

'Het Vuur Van Babylon' moet ons eraan herinneren dat Akvarium de eerste Russische groep was die zich ooit aan reggae waagde, en is een verwijzing naar het legendarische nummer Babylon uit 1981. Ik hou niet van reggae. Ik haat het. Maar hier ben ik werkelijk verzot op. De blazers gaan eraan toe dat het een lieve lust is en de melodie zit ongelooflijk ingenieus in elkaar.

'De Regenkleurige Hemel' had niet misstaan op het Russische Album of op Kostroma Mon Amour, met zijn zachte gitaren en fluiten in typische Akvarium-stijl.

Grebenshikov heeft er altijd een punt van gemaakt om zijn platen grandioos af te sluiten. 'Eentje Voor Onderweg' is een melig en melancholisch nummer in die traditie. Het nummer opent met exotische klanken, maar verzinkt met een zacht accordeondeuntje in een rokerig café (waar zijn ze gebleven) waarin iemand al veel te veel gedronken heeft en er toch niet genoeg van krijgt. Het is tijd om naar huis te gaan, maar daar nemen we onze tijd voor. Meer dan 7 minuten en half, en van mij mocht het nog veel langer aanslepen. Kom, nog eentje.

Met Archangelsk bewijst Grebenshikov nogmaals dat je als oude zak nog steeds relevant kan zijn. Je kan misschien denken dat 9 nummers wat weinig is voor een groep die steeds zo productief geweest is, maar Grebenshikov stond er op om uiterst selectief te werk te gaan en heeft van het twintigtal nummers die hij sinds de voorganger geschreven heeft enkel deze uitgekozen. Misschien zitten er nog pareltjes onder de andere nummers, en dan krijg je die vroeg of laat nog voorgeschoteld. Intussen kan je maar blij zijn dat Akvarium – een groep die zijn plaats in de geschiedenisboeken al ruimschoots verdiend heeft – wederom zo’n goede cd aflevert.



Clip: De Mars Van De Heilige Koeien


In memoriam Václav Havel, de rock’n’roll president

De dissident die uitgroeide tot president, Václav Havel, werd wereldberoemd als leider van Charta 77 en later als president van Tsjecho-Slowakije en Tsjechië. Minder bekend is zijn rol in de alternatieve muziekcultuur in zijn land, de Tsjechische ‘Underground’. De term underground werd gelanceerd door dichter Egon Bondy – door Havel zelf omschreven als een ‘geniale gek’ – en is een een referentie naar de toen in alternatieve kringen erg populaire Velvet Underground. (Er wordt zelfs beweerd dat de ‘Velvet Revolution’ eveneens een verwijzing zou zijn naar deze groep.)

De alternatieve cultuur bevond zich in een stroomversnelling tijdens de Praagse lente en Dubčeks poging om een ‘socialisme met een menselijk gezicht’ in te voeren. Met de inval van tanks uit het Warschaupact in 1968 liepen diens hervormingen fataal af. Elke uiting van onafhankelijke geest werd met botte repressie beantwoord, en dat gold ook voor de bruisende muziekscene. Desondanks bleven in het geheim concerten en festivals doorgaan. Het geheel escaleerde toen bij een festival in 1976 een honderdtal concertgangers gearresteerd werden. Dit incident resulteerde in een proces tegen 18 muzikanten, waarvan 4 tot gevangenisstraffen veroordeeld werden. Gedurende dit proces werd de gerechtszaal een verzamelpunt voor kritische intellectuelen, waaronder Havel, dat zou uitgroeien tot de burgerrechtenbeweging Charta 77.

Havel nam de rol op van woordvoerder van de beweging en zou bijgevolg jaren in de gevangenis doorbrengen. Op het voorstel om het land te verlaten – ook een populaire tactiek van de overheid – ging hij nooit in. Toen het communisme in elkaar stortte mocht hij de hoogste post in de republiek opnemen. Hij bleef zijn wortels trouw. Als president nodigde hij de leden van The Velvet Underground uit op de koffie, benoemde hij Frank Zappa tot cultureel attaché en liet hij niet na van regelmatig te verwijzen naar onder het communisme vervolgde groepen als The Plastic People Of The Universe. Zijn legatie als president mag dan al omstreden zijn (zo gaat dat nu eenmaal met presidenten) en zijn literaire erfenis moeilijk te beoordelen (het enige boek dat ik gelezen heb – zijn uit de gevangenis aan zijn vrouw geschreven ‘Brieven aan Olga’ – is misschien politiek relevant, maar literair eerder genant), zijn nalatenschap als dissident en als spreekbuis van een alternatieve cultuur onder een totalitair regime maken van hem een monument waar je niet omheen kan.

Lees hier een uitgebreide geschiedenis van de Tsjechische Underground.

Video: een optreden van DG 307, één van de belangrijkste groepen uit de Tsjechische underground.

zondag, oktober 23, 2011

Peter Murphy: De Gothfather is in form, Het Depot 18/10/2011

Toen ik de zaal binnenwandelde ging het gerucht dat Peter Murphy nog op het vliegtuig zat, en dat de aanvang van het concert onzeker was. Toch stond Murphy twintig minuten later op de planken, op het afgesproken tijdstip. Professioneel gedrag is nu eenmaal wat we verwachten van iemand die al jaren in het vak zit. Nog maar net geland, en het optreden neemt een vliegende start, ook al moet Murphy nog af en toe wat aanwijzingen geven aan de PA.

Velocity Bird, de opener van Murphys laatste cd Ninth, mag het lont aansteken, en er volgen meteen verschillende nummers van dezelfde cd: Peace To Each, Memory Go en vooral de mooie single I Spit Roses. Dan murmelt Murphy iets over de klassensamenleving in Groot-Brittannië en over jongeren die je op elke vraag zullen antwoorden dat je de pot op kunt. Blijkbaar is dat een inleiding op Silent Hedges, dat over deze jongeren gaat. We hadden niet verwacht dat Murphy zo snel met Bauhaus-klassiekers ging uitpakken, maar wie zijn wij om te klagen.

De bassist schakelt over naar viool om Subway te spelen. Ik hou enorm van dat nummer, al was het maar omdat er een memorabele versie van bestaat op Dust, de cd die Peter Murphy in 2002 uitbracht. Murphy had zich al jaren voordien bekeerd tot het soefisme en was in Turkije gaan wonen. Dust werd een mengeling van rustige elektronica met traditionele Turkse instrumenten. De vermaarde wereldmuzikant – en tevens ook soefi - Mercan Dede heeft de plaat geproducet, en er spelen een hele schare Turkse muzikanten op mee.

Hoewel Murphy zich voorgenomen had om Dust door het strot van de mensen te duwen, moeten we vaststellen dat hij zich snel terug richting rock keert. Unshattered uit 2004 was zelfs een vrij makke popplaat. Dan volgde de reünietournee en -plaat met Bauhaus. De groep kon uitgebreid touren met Nine Inch Nails, wiens frontman Trent Reznor zijn bewondering voor Bauhaus niet onder stoelen of banken stak. Het is dan ook niet helemaal toevallig dat Murphy de NIN-klassieker Hurt overnam, waarop opviel met wat een uitstekende stem hij begiftigd is.

Met I Fall With Your Knife en All Night Long speelt Murphy ook wat oudere solonummers, om dan via een allesbehalve vervelende omweg door het vlakke veld - In The Flat Field – weer bij zijn laatste cd terecht te komen (The Prince & Old Lady Shade, Uneven & Brittle). Bij de bisnummers wordt weer uit de oude pot gegraaid. The Three Shadows Part 1 mag dan al een instrumentaal nummer zijn, het geeft ons een aanwijzing van welke de beste Bauhaus-plaat aller tijden is, en All We Ever Wanted Was Everything zal dat zeker niet tegenspreken. De Bowie-hommage Ziggy Stardust stamt ook uit deze periode, al heb ik hierbij wel het gevoel dat Murphy wat schrik heeft van de hoge noten.

De tweede bisronde begint Murphy met een lange monoloog, waarin hij onder meer vertelt hoezeer hij van Nederland en van Rotterdam houdt, waar zijn dochter ooit gewoond heeft. Vergist hij zich van land, of ligt het gewoon aan het feit dat de bekendste Rotterdammer ook een paar jaar in Leuven heeft gewoond? Met A Strange Kind Of Love speelt hij nog een ouder solonummer – wie graag een overzicht heeft van dit solowerk raad ik de live-cd Just For Love aan, een soort best of in een beperkte bezetting van drie muzikanten – gevolgd door de laatste single Seesaw Sway. Eindigen doet hij met Cuts You Up, dat ooit een grote hit was in de VS.

Laat niemand u wijsmaken dat Peter Murphy verleden tijd is. Met dergelijke optredens mag hij wat mij betreft nog vaak terugkomen.