Posts tonen met het label Interviews. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Interviews. Alle posts tonen

donderdag, november 02, 2017

The Rebel Riot Band: We kunnen de wereld niet veranderen, maar we kunnen zoveel mogelijk onszelf en onze omgeving veranderen.

Myanmar is momenteel in het wereldnieuws door de exodus van Rohingya-moslims naar Bangladesh. Maar wat u misschien niet weet is dat het land ook een kleine en uiterst actieve punkscene heeft. Eén van de groepen is The Rebel Riot Band, en deze idealisten spreken zich graag uit over de situatie in hun land.

The Rebel Riot Band is een punkgroep uit Myanmar. Hoe is het om een punker te zijn in jullie land?

De punkscene is rond 1995 gestart in ons land, denk ik. Een groep BMX fietsers zijn dan punkers geworden. Eén van de mensen uit deze groep was een schipper, en ging overzee voor zijn werk. Hij kocht een punkmagazine met een interview van de Sex Pistols en bracht dat mee. Toen de groep het interview gelezen had werd hij omgevormd van een BMX-groep naar een groep punkers… Zodus waren de Sex Pistols de eerste punkgroep in Myanmar.

Hoe levendig is de scene? Is het een grote scene?

Het is niet echt een grote scene. Ik denk dat je het kunt vergelijken met de punkscene in Europa rond 1980. Het is zich nog steeds aan het ontwikkelen. We hebben meer groepen nodig, meer zines, meer activiteiten, en zo voort.

Jullie zijn ook al verschillende keren in Indonesië gaan spelen. Een paar jaar terug kwam de Indonesische punkscene in het wereldnieuws omdat punks in Atjeh naar heropvoedingskampen werden gestuurd door de islamitische autoriteiten. Hoe is de situatie voor punks in Indonesië nu?

Die moslimoverheden zijn daar echt heel slecht. Ik heb heel veel respect voor de punks in Indonesië. Ze vechten een zware strijd voor vrijheid. Ik denk dat er tegenwoordig niet veel punks meer zijn in Atjeh. Indonesië kent veel verschillende regio’s met verschillende religieuze regels. In sommige regio’s zoals Atjeh zijn de regels heel streng, maar in andere regio’s is dat minder het geval.

Jullie hebben een heel idealistische levensstijl. Elke week organiseren jullie voedselbedelingen voor de daklozen in Rangoon, en jullie geven ook kunstlessen in scholen. Is dit een belangrijk aspect van de punk levensstijl voor jullie? Hoe slagen jullie erin om dit financieel draagbaar te houden?

Ja, bro. Dit is heel belangrijk voor ons. We klagen veel en zingen liederen over het systeem. Maar klagen is gemakkelijk, en het is beter om te doen wat we kunnen in onze omgeving. Daarom doen we deze dingen. We kunnen de wereld niet veranderen. We kunnen zelfs niet ons eigen land veranderen. Maar we kunnen zoveel mogelijk onszelf en onze omgeving veranderen. Het maakt niet uit of het kleine of grote dingen zijn. Doe het gewoon! Verander wat je kan. We hebben inderdaad een collectief bedrijf in Rangoon. Uit dat bedrijf zetten we geld opzij voor voedselbedelingen. We krijgen ook geld van vrienden uit andere landen en gebruiken af en toe crowdfunding.

Myanmar is momenteel in het wereldnieuws omwille van de exodus van Rohingya uit de Rakhine-regio. Jullie hebben onlangs een statement gemaakt dat de Rohingya niet de enige slachtoffers zijn in de regio en dat er andere vluchtelingen zijn die ook onze aandacht verdienen. Kan je daar meer over vertellen?

Juist, bro. Er zijn aan beide zijden vluchtelingen. De militaire leiders en China willen grote economische projecten opzetten in Rakhine. Dus willen ze daar mensen weg. Niet enkel de Rohingya, maar ook andere bevolkingsgroepen. Daarom wordt er dus gevochten. Ze gebruiken haat en racisme, maken mensen bang, enzovoort. Bij de Rohingya zijn er dan een aantal mensen die willen terugvechten tegen het leger. Ze hebben hun eigen leger opgericht: ARSA. Ze vechten tegen het leger en ander Rakhine-bewoners. In het nieuws komt dan: ‘terroristische aanval in Rakhine, een hoop onschuldige Rakhine mensen werden gedood, we moeten terugvechten…’ Het leger gebruikt dit. Lokale bewoners in Rakhine zijn kwaad en steunen het leger. Maar de soldaten doden niet enkel mensen van ARSA, ze vermoorden ook onschuldige Rohingyas. Dit geldt ook voor ARSA, die eveneens veel onschuldige slachtoffers maken. Het zijn beiden vervloekte moordenaars. Het is een hoop shit, bro. Het gaat heel slecht.

Een paar jaar geleden namen jullie een duidelijk standpunt in tegenover de discriminatie van moslims in Myanmar, waarbij jullie ook gezegd hebben dat boeddhistische organisaties als 969 ‘fascisten’ waren. Wie zijn deze organisaties en waarom zijn ze gevaarlijk?

969 heeft zijn naam intussen veranderd naar MaBaTha. Zij zijn pionnen van de militairen. Ze dansen naar de pijpen van de militairen. Ze verkondigen haat en racisme tussen boeddhisten en moslims. Ze zijn zeer gevaarlijk, want ons land is één van de sterke boeddhistische landen in de wereld. Veel mensen geloven alles wat boeddhistische monniken zeggen. Ze denken niet na of het juist of fout is. Ze geloven gewoon alles. 969 misbruikt dit zwakke punt bij de mensen. Het is verschrikkelijk. Maar wij proberen de mensen hun geesten te openen waar we kunnen, vooral bij de jonge mensen rondom ons…

Myanmar zit in een transitie van een militair regime naar democratie. Voelen jullie politieke verandering? Hoe denken jullie over deze evolutie?

Er is helaas weinig kans op democratie, bro. Mensen hebben hier geen echte vrijheid. De enige grote verandering is het economische systeem. Grote bedrijven uit het buitenland komen naar hier en proberen overal winst uit te halen. We kunnen niet vrij leven. We hebben bijvoorbeeld een wet die ’66 statement’ heet. Hiermee kan je gearresteerd worden als je negatieve dingen zegt over de regering of de monniken.

Hebben jullie het gevoel dat jullie punk levensstijl een impact heeft op andere mensen? Inspireert het mensen om een beter leven te leiden?

Ja, bro. dat voel ik. Vooral bij de jongere generatie. Ik denk dat we mensen inspireren om een goed leven te leiden.


zaterdag, oktober 21, 2017

Empusae: Wegens de diagnose van een vrij drastische oogziekte drie jaar geleden is mijn levensvisie en mentaliteit redelijk veranderd

Empusae stond reeds als genie geboekstaafd bij Dark Entries, en met de nieuwe cd ‘Lueur’ is ons respect voor het project enkel toegenomen. Sal-Ocin - het meesterbrein achter Empusae - had de lovende recensies voor ‘Lueur’ blijkbaar niet verwacht. Dat gebeurt nu eenmaal als je risico’s neemt. Hij vertelt er ons meer over in dit interview.

Dag Sal-Ocin. Je nieuwe cd ‘Lueur’ is in zekere zin de opvolger van ‘Sphere Of The Woods’, dat intussen van 2013 dateert. We weten dat je in de tussentijd niet stil gezeten hebt, maar waarom heb je zo lang gewacht om een volwaardige opvolger voor ‘Sphere Of The Woods’ te maken?

Ik heb inderdaad niet stilgezeten op muzikaal vlak. Ik heb twee soundtracks geschreven - ‘at land’ door Maya Deren en ‘la coquille et le clergieman’ door Germaine Dulac - alle twee silent movies waarbij de tweede de jury prijs heeft gewonnen voor beste soundtrack for silent films in Bolzano. Er is ook heel wat gebeurd op persoonlijk vlak. Wegens de diagnose van een vrij drastische oogziekte drie jaar geleden is mijn levensvisie en mentaliteit redelijk verandert. Ik maakte een lange periode door van ‘aanvaarden’ van mijn nieuwe noodlot (de genetische ziekte leidt naar blindheid, met een prognose tussen 2 en 20 jaar). De laatste stap naar het aanvaardingsproces was om een manier te vinden om mijn oog-demoon te counteren/exorciseren. Dit is me gelukt via een heel persoonlijk conceptueel project: Lueur.

Je cd kreeg overal lovende recensies, niet in het minst bij Dark Entries. Ben je tevreden over de reacties?

Het is eigenlijk wat overweldigend. Ik kan je verzekeren dat zoiets diep persoonlijks en intiem zo lovend erkend wordt, heel duidelijk onverwachts aankwam. De muziek is ook wat anders vergeleken met de vorige albums, dus ik verwachtte mij ergens aan een ontgoocheling van een deel van mijn fan-base, maar dit lijkt dus niet het geval te zijn én er werd een nieuwe weg geopend naar een nieuw publiek (metal, drone, post-rock) via Consouling Sounds, het label die Lueur uitbrengt.

Heel wat elementen verwijzen op ‘Lueur’ verwijzen naar het zicht. De naam van de cd, de hoes, de titels van de nummers… We weten dat je last hebt van een ernstige oogaandoening. Was dat de inspiratie voor de cd?

Inderdaad. Zoals ik eerder aanhaalde, was de proces van Lueur's compositie en concept een persoonlijke therapie ten opzichte van Retinitis Pigmentosa, de ziekte in kwestie. Eens de muziek vorm begon te krijgen heb ik het concept verder uitgewerkt met mijn partner en visueel artieste Christel Morvan (Nesisart).

Je partner Nesisart staat intussen al jaren in voor de visuele inkleding van je project. Zij ontwerpt de hoezen en zorgt voor videoprojecties tijdens je optredens. Het is alsof jullie elkaar perfect gevonden hebben. Gaat artistieke creatie en liefde bij jullie hand in hand?

Ik had dit nooit voor mogelijk gehouden. Bovendien was ik ook al jaren op zoek naar een artiest die de muziek en concepten visueel kon vertalen en ondersteunen. Wat ze nu voor Lueur heeft gedaan - zowel hoesontwerp als live visuals- ging zelf een heel stuk verder. Ze heeft bepaalde zaken uit de muziek geïllustreerd die ikzelf helemaal niet doorhad. Ook het symbolisme die ze gebruikt is ongelofelijk doordacht. Alsof ze ergens in mijn onderbewustzijn is gaan graven en via beelden geïllustreerd! Een beetje eng zelf bij momenten…

Ik denk dat iedereen erg te spreken is over de bijdrage van Colin H. Van Eeckhout (Amenra) aan ‘Lueur’. Zijn stem is echt een meerwaarde voor de muziek. Hoe is de samenwerking tot stand gekomen?

Ik was bezig met het componeren van ‘Guiding Light’ toen in op een bepaald punt vast zat. Ik bleef dingen zoeken en uitproberen maar ik vond maar niet wat er ontbrak. Na het even los te laten voor een aantal dagen, kwam er een klik in mijn hoofd en zag (hoorde) ik het heel duidelijk: Colin's stem. Ik heb hem daar dan ook voor aangesproken, een schets doorgestuurd van Guiding Light om te zien of het hem inspireerde. Hijzelf was toen heel druk bezig met verschillende projecten (Amenra, CHVE,...), wat dus niet evident ging zijn om er nog iets bij te nemen. Het bleek dus dat hij er heel enthousiast over was en dus ook geen neen tegen kon zeggen. Hij had nog nooit van Empusae gehoord maar de muziek en concept sprak hem direct aan. Wat volgde is dat ik het nummer op zich en de rest van de plaat verder schreef met zijn participatie in mijn achterhoofd. Het resultaat spreekt voor mij voor zich: een heel emotionele, intense en consistente samenwerking.

Je muziek is erg complex. Ze bevat elektronica, electro-akoestische opnames met vaak zelfgebouwde (strijk)instrumenten, percussie, piano, zang… En dan maak je nog nummers van 20 minuten die blijven boeien en tot in de details afgewerkt zijn. Hoelang werk je dan aan zo één nummer?

De basis van de twee nummers zijn relatief vlot gekomen. Als mijn geheugen me niet in de steek laat, ben ik begonnen in januari 2016 en waren ze af eind februari 2016. Dan kwamen de stemmen van Tom De Doncker - mijn erg dichte vriend sinds 22 jaar vriendschap, die sinds het eerste optreden mee deed in live situaties - en Colin. Erna heb ik beide nummers aangepast aan het bijdragen dus laten we zeggen, op een 3-4 tal maanden waren de compositie en opnames van de plaat af. Achteraf heeft Tim De Gieter (Much Luv Studio) een extreem professionele mix en mastering gedaan. De plaat had nooit zo'n niveau gehaald zonder zijn kunde. Ik geraakte er zelf niet om het deftig af te mixen, de combinatie van akoestische en elektronische instrumenten, deep-noise-drones en stemmen was kwa frequenties, compressie en geluidsproductie voor mij niet haalbaar.

Soms lijkt het wel alsof je overal tegelijkertijd bent. We noteren uit da afgelopen tijd samenwerkingen met Klankdal en Marc Titolo, en een belangrijke inbreng in het werk van Ordo Rosarius Equilibrio en Triarii. Hoe krijg je het allemaal voor elkaar?

Ik krijg die vraag eigenlijk af en toe. Voor mij valt dit best wel mee. Na het afwerken van een uitgave heb ik zowiezo veel tijd nodig om het te laten liggen. Wachten op een of andere muze… Plus moet je ook niet vergeten, dat we geen kinderen hebben - ook al is mijn day-job werken met kinderen - dus dat scheelt wel. Ik begin ook pas aan een project te werken als ik het helemaal voel, eerlijk gezegd gaat het vanaf dat moment soms heel snel. ORE en de split met Marc T. (Dirge, Dither) zijn samenwerkingen waardoor dus de helft van het werk is voor de andere partij.

Live kent Empusae verschillende incarnaties. Jij alleen samen met Nesisart, of in een groep met Tom De Doncker en Bejamin Sperling. Op de cd-voorstelling van ‘Lueur’ in de AB was zelfs Colin H. Van Eeckhout erbij. Is het gemakkelijk om al deze live-bezettingen te combineren?

Ik heb altijd getracht om vrienden en medemuzikanten als gast bij te vragen. De muziek van Empusae is redelijk gelaagd dus keuze genoeg om een laagje over te laten aan een andere muzikant. Iedere gast geeft dan ook zijn/haar eigen interpretatie van de muziek, maakt het voor iedereen boeiender denk ik. Nesisart is vanaf nu een vast lid voor Empusae, de reden daarvoor ligt voor de hand als de de vorige vragen hebt gelezen, denk ik. De twee hoogtepunten was op Maschinenfest een aantal jaren geleden. Empusae & Friends was een concert met voor elk nummer, een andere gastartiest (Ah-Cama Sotz, Monolith, Flint Glass, Tomas Hein-organisator Maschinenfest, Synapscape, Mimetic, the law-raw collective, S.Alt van Ant-Zen en Tom De Doncker). Het andere was voor Ogentroost. Een event gecureerd door Consouling Sounds in Ancienne Belgique als deel van BRCST festival. Het was een conceptuele avond rond Lueur met prachtige Consouling artiesten met als apotheose de live voorstelling van het album samen met ColinHVE, Barst, Treha Sektori, Bjørn Lescouhier, Femke, Tom DD en Nesisart's immense projectie.

Wat staat nog op de agenda van Empusae?

Er komen een aantal concerten de komende maanden, waaronder Wave Gothic Treffen en Wroclaw Industrial Festival. Christel en ik gaan deze zomer op reis naar Japan, waarbij we als extra de kans hebben gekregen om een aantal concerten te doen (Tokyo en Nagoya). Ik heb al heel veel ideeën voor nieuwe Empusae experimenten, maar voornamelijk muziekaal. Ik wacht nog even op een signaal van een muze…

zondag, oktober 15, 2017

La vièrge du chancelier Rolin: Ik wil graag mijn moeder bedanken om me als kleine broer gegeven te hebben aan mijn zus die heel goed viool speelt.

La Vierge du Chancelier Rolin heeft in de eerste helft van de jaren 90 een cultreputatie verworven met hun experimentele wave vol folkinvloeden. Op 22 en 30 april komen ze terug samen voor twee exclusieve reünieconcerten in Namen en Brussel. We dachten dat het een goed idee zou zijn om de groep daaromtrent wat vragen te stellen, maar moesten daar snel op terugkomen.

La Vierge du chancelier Rolin ontstond in 1990 op het Institut Saint-Louis in Namen, als ik goed geïnformeerd ben. Hoe hebben jullie elkaar ontmoet?

Pierre: Het draaide in feite allemaal rond seks.

Laurent: Ik weet er niets van, ik ben er pas in 1992 bij gekomen…

Thomas: Als mijn herinneringen goed zijn hebben ze elkaar al pratend ontmoet. Ze waren allemaal in het zwart gekleed in een Chevignon-school.

Sarah: Bij de start waren het Thibault, Jean-Phi – die toen de vriend was van Odile, de zus van Thibault die in hetzelfde jaar als Sarah zat in Saint-Louis - , en Pierre. Ze wilden samen een groep starten. Ze kenden via-via ook Vincent, een zanger met een heel diepe gothic stem, en ze hebben hem gevraagd om er ook bij te komen. Via Odile zijn ze dan Sarah tegengekomen die een synth bezat. Toen er concerten gegeven moesten worden heeft Nicolas geleerd om drum te spelen, want hij wou absoluut ook bij de groep.

Jullie gebruikten instrumenten die niet zo gangbaar waren in de new wave, met heel wat akoestische klanken: klassieke gitaar, viool, klavecimbel, orgel, percussie… Hoe zijn jullie bij deze instrumenten gekomen?

Pierre: Om de raven te kakken te zetten.

Laurent: Ik weet het niet. Ik mocht niets aanraken behalve mijn micro.

Thomas: Mijn zus had geen geld voor een MS-10. Anders zou ze als alle zangeressen destijds gedaan hebben. Sarah had de viool opgegeven in functie van synths, omdat ze viool goedkoop vond. Toen ze doorhad dat de groep goedkoop was, heeft ze de viool terug opgenomen.

Sarah: We wilden niet doen zoals iedereen, ook al was dat onbewust. Maar dat is wat tussen ons gewerkt heeft. We wilden niet in een hokje geplaatst worden. We wilden vooral testen, en scheppen, ook al konden we niet zo goed spelen. Op de eerste repetities heeft iedereen zijn instrument genomen en zijn we noten beginnen spelen door naar de noten van de anderen te luisteren. Vreemd genoeg heeft de saus gepakt. We namen onszelf helemaal niet ernstig. Thibault speelde klassieke gitaar omdat hij in een appartement woonde in een groot gebouw, en het was het enige instrument dat hij kon spelen zonder de buren te storen. Een elektrische gitaar zou oorlog geweest zijn.

Een karakteristiek van La vierge du chancelier Rolin was dat er meerdere zangers en zangeressen waren, eerder dan één frontman. Hoe is dat tot stand gekomen?

Laurent: We hadden het geluk om meerdere mensen te hebben met heel verschillende maar complementaire stemmen. Jean-Phi was perfect voor zachte ballades die de meisjes deden smelten. Helaas jaagde Thibaut ze daarna de gordijnen in met zijn geschreeuw, dan liet Nico ze trippen met zijn vreemde timbre en uiteindelijk werkte Pierre af door ze zin te geven om zich op te hangen… Mij hebben ze erbij gehaald omdat ze niet konden zingen en een instrument spelen tegelijkertijd.

Thomas: Er zijn altijd verschillende zangers geweest. De groep stond in het midden van de groep die middenin de groep stond. Het was een idealistisch aspect dat tot heel wat problemen leidde.

Pierre: We zijn dan ook gesplit.

Jullie hebben teksten in het Engels, het Frans en het Duits, een heel sympathiek meertalig concept… Jullie hebben echt alles terug in vraag gesteld niet?

Laurent: En op het einde werkten we zelfs aan een nummer waarvan de tekst steeds dezelfde zin was, maar herhaald in een vijftiental verschillende talen. Ik moet al mijn min of meer allochtone vrienden destijds echt de keel uitgehangen hebben.

Pierre: We hebben ook een tekst in het Waals. Ben je separatist of wat?

Sarah: We hebben veel lol gehad, zoveel is zeker. We hielden van het absurde en het surrealistische. Tijdens de weekends waarin we schreven kon de persoon die de micro nam de tekst ter plaatse uitvinden of gewoon lezen wat er voor hem stond. ‘The Red Cow in the Sycomore’ was zo geïnspireerd door een verhaal uit een cursus Engels. Er was zelfs een tekst waarin we gewoon de handleiding van de mixtafel voorlazen… De zin of de taal werd nooit echt collectief besproken. Het was de keuze van diegene die de micro nam en het was vaak meer de tonaliteit dan de betekenis die van belang was. Ik heb zelf bijvoorbeeld nooit één enkele tekst begrepen. Ik sprak destijds geen Engels.

Er wordt vaak verwezen naar And Also The Trees en Legendary Pink Dots als invloeden, maar ik hoor ook invloeden van Virgin Prunes, Clair Obscur, Collection d’Arnell-Andrea en The Revolutionary Army of the Infant Jesus. Is jullie geluid werkelijk beïnvloed door sommige van deze groepen, of was het eerder het resultaat van een instinctieve aanpak?

Pierre: Het klopt, we hebben eigenlijk helemaal niets geschapen.

Laurent: Vergelijkingen kunnen misleidend zijn , maar het helpt wel om te weten waar men mee te maken heeft. Het stoort me niet.

Thomas: Instinctief? Zoals bij wilde dieren? Walvissen bijvoorbeeld?

Sarah: We kunnen nog Purcell, Vivaldi, Nick Cave, Noir Désir of traditionele muziek uit Oost-Europa noemen. Sommige invloeden waren meer bewust en gewild dan anderen. And Also The Trees en Legendary pink Dots waren twee groepen waar we veel over praatten. Daar zit een inspiratie die de groep niet zal ontkennen. Daarbuiten was het eerder verspreid en individueel, en wellicht meer instinctief.

Jullie hebben in 1993 de springplankwedstrijd van Verdur Rock gewonnen; Wat betekende dat voor jullie?

Pierre: Dat we de beste waren.

Laurent: “De eersten zullen de laatsten zijn, de laatsten zullen de eersten zijn.” Amen.

Thomas: Dat ik trots kon zijn op mijn zus en dat ik moest doen zoals zij, dus in een punkgroep zingen.

Sarah: We hadden ons eigenlijk wat om te lachen ingeschreven. Het was in Namen, onze stad, dus we moesten het wel doen. Maar het reglement eiste dat er minstens een nummer in het Frans tussen zou zitten. Wij hadden er geen. We hebben er één geschreven voor de gelegenheid. Het feit dat we op een podium konden spelen was op zich al buitengewoon. Een heel mooie herinnering. En toen we alle prijzen behalve één wegkaapten, was het echt een schok. Dat hadden we echt niet verwacht. Maar goed, we waren jong en we namen het allemaal niet echt ernstig, dus hebben we de schok wel overleefd. We kregen het niet te hoog in onze bol. Het was een mooie springplank, en het heeft ons in staat gesteld om erg mooie ervaringen mee te maken, zoals de tournee in Québec en de opname van de cd.

Jullie voornaamste werk is de cd ‘Eva King’, verschenen in 1995. Helaas is het label kort na de uitgave failliet gegaan. Dat neemt niet weg dat de cd erg gesmaakt werd. Wat onthouden jullie van de cd?

Pierre: 10 stukken.

Laurent: Zat maï inglishe pronounciécheunne at ze taïme waz ôful.

Thomas: Erg mooie spookfoto’s voor de maisvelden van Hennet.

Sarah: Tetris. Jean-Phi was dol op videospelletjes. We hebben uren lang tetris gespeeld terwijl de anderen aan het opnemen waren. Aangezien we niet zo’n goede muzikanten waren namen we elk om beurt op. Een behoorlijke ervaring. Serieuzer, 20 jaar later: we hadden goede ideeën. Ik vind de composities eerlijk gezegd echt goed. Daarentegen speelden we echt niet goed… We zouden het vandaag opnieuw moeten opnemen.

Jullie hebben muziek gemaakt voor een opvoering van Bertold Brecht ‘Combien coute le fer’. Hoe is dat gegaan?

Pierre: Eerder goed.

Laurent: Maar dat was niet genoeg om de opmars van de NV-A te stuiten.

Thomas: Ja hoor, dat is goed gegaan. Het was 20 jaar geleden.

Sarah: Heel goed. We zijn er levend uit gekomen.

De groep is in 1996 uit elkaar gegaan, een jaar na de uitgave van ‘Eva king’. Wat waren de redenen voor de split?

Pierre: De islam.

Laurent: Seksverslaving.

Thomas: Ik wil graag mijn moeder bedanken om me als kleine broer gegeven te hebben aan mijn zus die heel goed viool speelt. Ik hou heel erg van haar.

Sarah: Geld, ambitie en zin in iets anders. Niemand wou onze tweede plaat financieren. Journalisten en publiek hadden ons graag, maar de platenlabels niet. We waren ondefinieerbaar, maar niet onbreekbaar.

Hoe heeft de groep zich hervormd na ongeveer 20 jaar voor het Saint-Louis Festival?

Pierre: Twee gealcolisserde muzikanten zijn naar een herinneringsfeest gegaan.

Laurent: Onze grootste fan van weleer heeft zijn huis verpand en zijn vrouw geprostitueerd om ons om te kopen, en omdat we nog twijfelden is hij tot chantage met zelfmoord overgegaan.

Thomas: Het is eenvoudig: om zich te hervormen zijn ze terug samengekomen. Het is het facebook-effect, zoals met de arabische lente. Het is trouwens sinds een paar dagen lente in België, en we houder er wel van.

Sarah: Toen we elkaar terugzagen en samen speelden was het alsof we elkaar de dag voordien uit elkaar gegaan waren. Ik geloof dat La Vierge du Chancelier Rolin eigenlijk nooit gesplit is.

Is er een kans op een heruitgave van de cd of een nieuwe compilatie?

Pierre: Cd’s verkopen niet meer.

Laurent: Behalve bij Cash Converters.

Thomas: Ik begrijp de vraag niet.

Sarah: In sha allah.

Hebben jullie nog gezamenlijke projecten na deze uitzonderlijke reünie?

Pierre: Uiteraard niet. We gaan het daar niet bij laten. We hebben al een nieuwe afspraak gemaakt binnen 20 jaar.

Laurent: Maar niet op vrijdag, dan ga ik zwemmen.

Thomas: Ik ben eruit gezet voor Saint-Louis. Ik geloof dat het al heel uitzonderlijk zou zijn indien we heelhuids door deze reünie geraken.

Sarah: We moeten eerst zien of er deze keer publiek op zal afkomen.

22 april 2017: Concert op het Saint-Louis Festival

30 april: La Vierge du Chacelier Rolin & Friends (The Imaginary Suitcase, Lohn, Sitoid)

Sistema Bezopasnosti: In moeilijke periodes heeft het oproepen van eeuwige waarden altijd al positieve gevolgen gehad

Neofolk uit Rusland. Als fans van zowel neofolk als van alles wat Russisch is, moest dit wel onze aandacht trekken. Toen we geconfronteerd werden met het eclectische oeuvre van Sistema Bezopasnosti - oftewel ‘Veiligheidssysteem’ - hadden we al heel snel het gevoel iets speciaals ontdekt te hebben. Toen we te weten kwamen dat de man achter dit project - Vladimir Doronin, ook bekend als VlaD of Letzte Soldat Nord - ook eens onderwees en publiceerde over filosofie, kropen we in onze pen om een paar scherpe vragen te stellen. En uiteraard kregen we evenveel scherpe antwoorden terug over de neofolk in Rusland, Siberische punk, esoterie, spiritualiteit, rebellie en de verhoudingen tussen oost en west.

Dag VlaD. Sistema Bezopasnosti zag het levenslicht in 1993 als een rockgroep. Van 1993 tot 2000 hebben jullie een behoorlijk succes gekend, in heel Rusland opgetreden, en hadden jullie zelfs plannen om op te treden met de Russische rockgrootheden van DDT. Kan je ons meer vertellen over deze aanvangsjaren?

Ja, natuurlijk. Ik heb de rockgroep opgericht in 1991, maar eerst onder een andere naam. Hij heet Sistema Bezopasnosti - Veiligheidssysteem - sinds 1993.

Het was een chaotische maar erg interessante periode. Er waren grote veranderingen aan de gang in ons land, in onze maatschappij en in de levens van de mensen. Crisissen op één gebied werden gecompenseerd door vooruitgang op andere gebieden, onder meer in de kunst. Voor ons waren de jaren 90 een tijd waarin we op zoek gingen naar onszelf en onze creatieve methode en stijl.

We hebben een paar demo’s opgenomen en brachten onze eerste plaat uit in 1994. Er waren een hoop ondergrondse concerten en festivals die echt massa’s mensen verzamelden. Tegen het midden van de jaren 90 werden we echt bekend in bepaalde kringen en stonden we aan het hoofd van de Siberische punkbeweging. Siberische punk heeft een aparte plaats verworven in het geheel van de punkbeweging. Geografisch draaide het om drie steden: Tjoemen, Omsk en Novosibirsk.

Bij ons lag de focus niet op het imago en de muziek, maar op onze intellectueel-poëtische kant. Siberische punk onderscheidde zich door zijn harde en rigide stijl. Het was nooit georiënteerd naar de westerse analogieën. Het had vaak wortels in de folk, met een ruwe garage-sound. We deden alles zelf, in lijn met het ‘Do It Yourself’-principe: we bouwden onze eigen instrumenten en apparatuur, soldeerden onze eigen snaren, hadden zelfgebouwde drums en percussie-instrumenten, handmatig geverfde posters… Zelfs de opnames werden door onszelf gekopieerd en verdeeld. We gebruiken nog steeds dit principe en al de ervaring die we daarmee hebben. Langzaam maar zeker geraakten onze cassettes over heel het land verspreid.

Joeri Chevchuk van DDT hoorde voor het eerst van ons in 1996 en nodigde ons uit om met hen op te treden. Zo traden we voor het eerst in een groot stadium op. We hadden een warme relatie met DDT. We hebben van hun raad gebruik gemaakt en onze eigen huisstudio gebouwd. We begonnen buiten Siberië beginnen op te treden, in de Oeral, in Moskou en sinds 2000 ook in Sint-Petersburg.

Bij het begin van het nieuwe millennium hebben jullie een draai genomen richting neofolk. Waarom deze stijlverandering? Heeft het de positie en het succes van Sistema Bezopasnosti beïnvloed?

Ik ben al heel lang een muziekliefhebber. Ik blijf steeds uitkijken naar nieuwe uitgaves en heb een enorme interesse in diverse muziekstijlen gaande van klassieke muziek tot avant-garde, van folk, reggae en jazz tot zwaardere muziek als metal, industrial, noise en electro. Ik blijf dus niet steken in een genre.

Onze stijlverandering was een echte revelatie voor ons label, maar ook voor het publiek en voor de muzikanten met wie ik apocalyptische folk of dark folk begon te spelen. Het was niet zo populair in Rusland, behalve in kringen van echte muziekliefhebbers. Ik had ook geen weet van dit soort rockmuziek. Wij noemden de stijl die we speelde ‘experimentele psychedelische punk rock’. We voelden ons verwant aan groepen als Swans.

Op een dag, toen we rituele muziek aan het spelen waren, vertelde de drummer van Grazhdanskaya Oborona (Volkswacht) - die deelnam aan de opname van onze platen - ons over een groep die Current 93 heette. Hij zij dat onze stijl heel erg op de hunne leek. Ik heb een plaat van die groep gevonden, heb ernaar geluisterd en heb begrepen dat ze grote gelijkenissen met ons vertoonden. Wij hebben nooit iemand gekopieerd. We speelden gewoon wat we zelf wilden. Soms gingen we ervan uit dat we de enigen waren die zo klonken, en zelfs nu denk ik dat er weinig gelijkaardige groepen zijn. Maar we hoopten wel dat er elders ook iemand zou zijn die dezelfde soort muziek maakte. Het is interessant dat ik nu vindt dat Current 93 psychedelische rock speelt met een ruwe garage-sound, hetgeen me doet denken aan ons geluid in de jaren 90. Zelf wil ik een heldere en klare klank hebben.

Mijn opleiding en zelfstudie hebben ook een belangrijke rol gespeeld in de stijlverandering. Ik heb eerst klassieke gitaar geleerd, gecombineerd met folkzang. Als student ging ik op folkexpedities in Siberië en de Oeral, om in afgelegen dorpen folklore, muziek en epossen te verzamelen. Mijn tweede opleiding is culturoloog en mijn derde filosoof.

Dit alles leidde - in combinatie met mijn enthousiasme voor het esoterische - langzaam tot een verandering in mijn wereldbeeld. Ik heb mijn interesses verbreed, ben de onderwerpen van mijn liedjes beginnen veranderen alsook mijn muzikale prioriteiten. Onze transitie naar neofolk gebeurde dus niet welbepaald zoals in andere groepen, waar de artiesten een muziekstijl kiezen die hen nauw aan het hart ligt. We zijn op natuurlijke wijze hiertoe gekomen, door vooruitgang en creatieve ontwikkeling.

De stijlverandering had geen impact op ons succes, in positieve noch in negatieve zin. Ik had het gevoel helemaal opnieuw te beginnen, maar ik had wel al een hoop ervaring. Ik hou van de Noorse groep Ulver, die begonnen zijn met black metal te spelen en later meer zijn gaan experimenteren om tot eclectische ambient te komen.


In feite zijn de cd’s van Sistema Bezopasnosti erg verschillend. De verscheidenheid is verbluffend. Wat beweegt je om zo’n gevarieerde dingen te maken?

Ik ben bewogen door de drang om de wereld een hoop dingen te vertellen, door mijn creatieve passie, door mijn zoektocht naar zin… Het is een soort wens om het onrecht van de materiële wereld te weerstaan. Op een nummer op de cd ‘Martian Dust’ zing ik: ‘Ik wil heel erg graag winnen, maar als ik verlies wil ik het doen op een manier die zinvol is.’

Als ik hindoeïstische terminologie zou verwoorden, zou ik zeggen dat ik bewogen word door raga en dvesha. In andere woorden: liefde voor wat me nabij is (raga), en haat voor de dingen die mijn ziel niet kan aanvaarden (dvesha). Dit zijn eeuwige invloedrijke begrippen die verwoord zijn in de filosofische wet van het samenvallen van tegengestelden.

Ik ben onder de indruk van de hoeveelheid creatieve gedachten, magie en kunst die de overwinning van de geest vieren, gemaakt door interessante, getalenteerde en moedige mensen: kunstenaars, vernieuwers, demiurgen, romantici en helden die altijd maar blijven vechten, ondanks alles. Al die eenzaten blijven me ontroeren. Ze zijn onopvallend maar blijven geloven in wat ze doen en in de juistheid ervan.

De laatste cd ‘Antidote’ bevat covers van verschillende artiesten. We zijn vertrouwd met neofolkgroepen als Current 93, Death In June en Coil, maar de Russische groepen op de plaat zijn hier onbekend. Het lijken vooral Siberische groepen te zijn. Jullie waren een deel van de Siberische sien en hadden nauwe relaties met verschillende groepen. Kan je hier meer over vertellen?

Ja, we waren een deel van de ondergrondse Siberische sien. In de jaren 90 vervoegden we het zogenaamde Moskou Rock Laboratorium, maar dat was puur formeel. Hoewel we tegenwoordig ver verwijderd zijn van de Siberische punk, kan het niet ontkend worden dat de beweging een grote impact op ons had, zoals wij ook een hoop nieuwe dingen bijgedragen hebben aan deze sien. Dit is waarom ik de meeste oude Siberische groepen respecteer. Bovendien vind ik dat de beste Russische groepen uit Siberië komen, al is het niet onmogelijk dat er iemand niet met deze stelling instemt.

De ‘Antidote’-plaat is een eerbetoon aan het talent van deze componisten, ter nagedachtenis van diegenen die ons reeds verlaten hebben. Sommigen zijn bekend in Rusland, anderen blijven ondergewaardeerd. Ik probeer mijn visie te geven op nummers van andere mensen, maar wil ze tegelijkertijd gevoelsmatig zo zingen alsof ik ze zelf geschreven zou hebben. De Russische auteurs waarvan ik nummers overneem zijn mensen die ik zelf gekend heb. We hebben dezelfde podia gedeeld, of elkaar onderweg tegengekomen. Voor de buitenlandse auteurs heb ik muzikanten gekozen waar ik me nauw bij betrokken voel of waar ik mee samengewerkt heb.

Ik wou een soort symbolische band weergeven, een analogie tussen verschillende muzikale tradities. Ik wou bewijzen dat creatieve wegen kunnen verschillen, maar dat de betekenis en het doel gelijk kunnen lopen. Iemand schreef in een commentaar: ‘Voor mij zijn deze nummers een antidote geworden, een geneesmiddel voor de verschrikkingen in het leven. Zij tonen de weg naar ongekende hoogtes en hebben mijn leven op een schitterende en onuitwisbare manier getekend.’

Sommige groepen - in het bijzonder Instruktsiya po vyzhivaniyu (Overlevingshandleiding), met wie je intensief hebt samengewerkt - werden beschuldigd van antisemitisme. Instruktsiya po vyzhivaniyu schreef een berucht nummer ‘Dood een jood’. Zijn deze aantijgingen gegrond, of is er sprake van provocatie of een misverstand?

Ik ben niet de auteur van het nummer waarover je praat, dus ik kan je geen objectief antwoord geven. Het werd lang geleden geschreven, in de jaren 80, en ik denk dat de meeste mensen het fout geïnterpreteerd hebben. Ik geloof niet dat het een oproep was om te handelen, maar eerder dat het inging op een fenomeen dat op dat ogenblik leefde. Het sprak over een belangrijk probleem in onze samenleving. Het nummer is een verwijzing naar het nummer ‘Kill The Poor’ van Dead Kennedys, waar we een parallel mee wilden maken.


VlaD, jij doceert filosofie aan de Staatsuniversiteit van Tjoemen. In welke zin beïnvloedt dat je werk met Sistema Bezopasnosti?

Mijn creatieve werk is mijn belangrijkste activiteit, maar wetenschap is er nauw mee verbonden. Ik doceer inderdaad aan de universiteit en heb les gegeven aan het Instituut voor Cultuur. Dankzij de wetenschap kan ik een hoop kennis verzamelen, het systematiseren en mijn eruditie vergroten. Dat heeft me erg geholpen in mijn kunst. Het heeft me geholpen om conceptueel te werken, op een holistische manier en met een specifieke methodologie.

Mijn tweede opleiding als culturoloog heeft me geholpen om een specialist te worden op gebied van cultuur en postmodernisme. De presentatie van mijn onderzoek ‘Rockcultuur als de moderne belichaming van de heldentraditie’ heeft me de kans gegeven om een basis te vinden voor deze kennis. Overigens behandel ik in dit werk de problemen van postmodernisme en tradities, en het belangrijkste hoofdstuk gaat over dark folk. Onverenigbare dingen verenigen zich dus in mij: wetenschappelijke kennis en esoterische kennis. Hoewel ik voornamelijk een mystiek en mythologisch wereldbeeld heb, kan ik dat kritisch evalueren en de zaken objectief bekijken dankzij de wetenschap.

Je bekritiseert het verlies aan idealisme en spiritualiteit in de moderne maatschappij. Kan je ons meer uitleg geven bij je analyse?

Deze thema’s zijn niet meteen in mijn nummers verschenen, en evenmin zijn ze er per ongeluk in terechtgekomen. Dit wereldbeeld heeft zich geleidelijk aan gevormd. Het begon op het niveau van algemene gevoelens en empirische observaties. Later pas, toen de wetenschap me geleerd heeft om te analyseren, heb ik de werken gelezen van Lyotard, Toynbee, Marcuse, Heidegger, Sprengler, Fukuyama en vele anderen. Ik vergeleek, zag parallellen, noteerde algemene wetmatigheden… Zo begonnen kleine elementen een plaats te vinden in een bepaald systeem aan opvattingen. Gesprekken over de neergang van de moderne beschaving en het verlies aan spirituele idealen in de maatschappij zijn al lang aan de gang, en niet enkel in wetenschappelijke kringen. Het is niet lokaal, maar wijdverspreid. Het is het belangrijkste probleem dat ik waarneem. Wat kunnen we eraan doen? Hoe kunnen we het rechttrekken? Is een spirituele vooruitgang van de mensheid mogelijk?

Je pleidooi voor ‘dromen, tradities, liefde en kunst’ kan als een oproep voor eschatologie beschouwd worden. Is het niet belangrijk om de echte wereld met al zijn problemen onder ogen te zien?

Kun je de wereld zo bekijken? Wel, het is alvast hoe ik het bekijk! Tradities, liefde, kunst, broederlijkheid en vriendschap zijn eeuwige waarden, en van hen dromen is zo natuurlijk… In onze pre-sacrale tijd zijn deze thema’s meer actueel dan ooit tevoren. Hen in herinnering brengen is meer dan een oproep, het is een alternatief, het is de basis. Het is een van de varianten, een van de mogelijkheden als we de keuze moeten maken tussen wat rechtvaardig is en wat gemakzuchtig is. Misschien is het wel de weg naar de volgende ontwikkeling van de moderne mens. Ik geloof niet dat deze weg naar vernieling leidt, maar naar creatie. In alle tijden heeft het oproepen van eeuwige waarden positieve gevolgen gehad in moeilijke periodes. Het is natuurlijk een idealistische visie, en ik moet me steeds opnieuw verzetten tegen de verlokkingen van de materialistische wereld. Maar ik weet ook dat ik op dit pad niet alleen ben.


Je muziek zit vol esoterische referenties: de occulte theorieën van Aleister Crowley, de joodse kabala of de Noorse mythologie van Ragnarok. Waarom kies je ervoor om hierover te zingen? Kan je een rode lijn trekken tussen al deze verschillende onderwerpen en stromingen?

Mijn nummers bevatten veel verwijzingen naar esoterie, literatuur en andere zaken, in de eerste plaats omdat ik geïnteresseerd ben in esoterie. Het geeft mijn wereldbeeld weer. Deze taal ligt me nauw aan het hart. Zoals ik al zei heb ik een mystieke mentaliteit. Esoterie heeft me sterker gemaakt. Het heeft me een vruchtbare bodem gegeven voor mijn creativiteit. Het is een onuitputbare bron. Als ik met iets eens of oneens ben, moet ik er meer over weten.

Er zijn gelijkenissen en verschillen tussen verschillende soorten esoterie. Hen allemaal door elkaar halen zou erg onwetend zijn. Voor mij is het de kracht van het verzet tegen de materiële wereld. Het is met andere woorden een manier om me te verzetten tegen zijn negatieve aspecten. Het is een methode om je onafhankelijkheid te vrijwaren en de link te bewaren met de oorspronkelijke tradities in de cultuur.

Ooit heeft deze esoterische hobby me geholpen om uit een creatieve crisis te geraken. Sistema Bezopasnosti houdt van vrijheid. Het is verzetsmuziek, verzet tegen onrecht, tirannie, tegen vreemde waarden en tegen alle onderdrukkende systemen die aan mensen opgelegd worden. Daarom aanvaard ik maar een systeem: veiligheid tegen agressie en de beperkingen van de materiële wereld.

Langzaam aan bracht mijn opstand me evenwel tot stilstand. Ik werd wanhopig. Ik begon te beseffen dat ik deze manier de wereld niet kon veranderen. Het was onmogelijk om alleen de confrontatie aan te gaan. Op een dag zal mijn kracht ontoereikend zijn. Ik kan me niet alleen verzetten. Ik heb die kracht niet. Ik zal mijn hoofd stoten tegen de muur van de echte wereld als ik me gewoon rechtlijnig blijf verzetten. Het is zoals Joe Strummer - de zanger van The Clash - zei: ‘ik geloofde ooit dat muziek de wereld kon veranderen, en al besef ik nu dat het niet zo is, ik ga er toch mee door.’

Iets gelijkaardigs gebeurde met mij. Ik ontdekte de esoterie. Ik vond dat ik mijn strategie moest veranderen en de onderwerpen en de focus moest verleggen om het voor mezelf veiliger en effectiever te maken. Dezelfde opstand bleef leven, maar in de plaats van me vlakaf te verzetten tegen de negatieve aspecten van de wereld, vecht ik nu door hen, lok ik ze bewust uit terwijl ik het onwezenlijke systeem van de-sacrale waarden negeer dat in de echte wereld domineert. Ik kies dus voor de positie van de uitlokker die alles negeert wat hem vreemd is of het zelfs veracht. Ik speel het spel door alles te vertalen naar de taal der symbolen, tekens, hinten naar ‘verborgen’ boodschappen en allegorieën.

Ik probeer het veilig te spelen, hun ruimte te omschrijven: een ruimte van macht die gehuld gaat in gothic somberheid, zwarte romantiek en hopen energie. Ik voel me een deel van deze kracht, van deze ruimte die ik bezit waarin ik vrienden en bondgenoten heb. Door zelfkennis van deze subtiele plannen wordt een mens bewust van zijn rol en de mechanismen in de echte wereld. Ik wordt eigenlijk een soort bodhisattva.

Het grafschrift van de filosoof en dichter Gregory Skovoroda luidt: ‘de wereld trachtte me te vangen, maar slaagde daar niet in’. Ik hoop dat het mij ook nooit overkomt. Vroeger zong ik over de zaken die me stoorden, die ik wou veranderen. Nu zing ik over hetgeen ik liefheb, waar ik in geloof, de dingen die me helpen leven, vechten, vooruitgaan, ontwikkelen… Ik ben blij dat het in harmonie is en hoop dat ook andere mensen er iets aan hebben.

Hoe zit het met de status van religie in Rusland? Ik heb het gevoel dat het moeilijk is om de orthodoxe religie te bekritiseren en vooral om op te komen voor de rechten van holebi’s. Dit is verrassend voor een land dat 70 jaar communistisch bewind heeft gekend, waarin geloof werd gemarginaliseerd.

Ik denk dat mensen in andere landen een verkeerd beeld hebben van Rusland, een beeld dat niet met de realiteit overeenkomt en bovenal niet onpartijdig is. Het zijn vooral stereotypen. Ik kan het begrijpen, want alles wat ongewoon is kan waakzaamheid of vijandigheid oproepen. Maar je moet begrijpen dat Rusland een erg groot land met een rijke geschiedenis en een eigen nationale cultuur. Zoals bij elk groot land ging dit niet altijd van een leien dakje en bestaan er tegenstrijdigheden. Grote mijlpalen hebben altijd grote inspanningen en offers gevergd.

Die 70 jaar communisme waren een uitzonderlijke periode op wereldvlak, een enorm experiment. Gedurende die periode gebeurden vele tragische dingen, maar ook heel wat goede zaken. In die tijd was de rol van religie nihil. Intussen is die situatie erg veranderd. Religie neemt nu een belangrijke plaats in. Ze neemt een actieve en notabele rol op, maar we hebben nu andere problemen. De relaties en verschillen tussen mensen met verschillende overtuigingen zijn slechter geworden, en worden soms zelfs agressief, vooral met organisaties die de orthodoxe kerk of de islam vertegenwoordigen. Er zijn al verschillende precedenten en provocaties geweest: verboden op alternatieve concerten, pogroms op tentoonstellingen van avant-garde artiesten en dergelijke. Het is zeker een verontrustende ontwikkeling in onze samenleving.

Heel wat muzikanten in Rusland lijken aangetrokken door ideologische stromingen als de euraziatische beweging of de nationaal-bolsjewieken. Wat denk jij daarvan?

Het komt misschien omdat creatieve mensen graag grootse gebaren maken in de zin van patriotisme of andere emotionele uithalen. Ik kan zeggen dat Sistema Bezopasnosti zich altijd buiten de politiek gehouden heeft en nooit deelgenomen heeft aan eender welke politieke actie. Wij waren nooit lid van een politieke partij. Sommige politieke organisaties hebben getracht ons aan hun kant te krijgen, maar we hebben steeds geantwoord dat we dat niet deden. We hebben zelfs concerten gegeven onder het motto ‘tegen allen’ en ‘voor onszelf’, hetgeen onze apolitieke positie demonstreert.

Ik geloof dat muzikanten een grote impact op mensen kunnen hebben. Mensen luisteren naar hen, vertrouwen op hun kunstzinnigheid… Een muzikant is als een tribuun, en alles wat de muzikant zegt kan op verschillende manieren opgevat worden. Hij moet dus neutraal zijn in tal van zaken. Zelf vind ik politiek iets vies. Het is mijn wereld niet. Ik heb er geen uitstaans mee.


Op ‘De magische lamp van Osama Bin Laden’ (2004) en ‘Nina, Wendy, Ann…’ (2005) zong je respectievelijk over oost en west, tegelijkertijd stellend dat beiden samen horen. We zijn thans getuige van nieuwe spanningen tussen het westen en Rusland, gevoed door leiders aan beide kanten. Het voelt soms aan als een nieuwe koude oorlog. Wat vind jij van die spanningen?

Deze vraag is zeer actueel. We beleven inderdaad dergelijke spanningen. De relaties tussen Rusland en het westen zijn erg afgekoeld en dat is niet goed. We leven in een tijd van zogenaamd postmodernisme, dat gekenmerkt wordt door deconstructie, verdeeldheid, fragmentatie, gebrek aan integriteit en gemeenschappelijke structuren. We zien hoe landen en regio’s vernietigd worden.
Mensen zijn agressiever geworden. Ze zijn nu vijanden. Ze leven in grotere en kleinere megasteden. We zien dat zelfs in de kunsten. Toen rockmuziek domineerde was het verenigd. Je kon niet op je eentje rock spelen, je moest een groep hebben. Dus hadden we rockgroepen. Dark folk is meer iets voor individuen op hun eentje. Ik had vroeger een groep. Nu doe ik alles op mezelf, alleen. Natuurlijk had ik intussen de nodige ervaring opgedaan.

De technische vooruitgang heeft onze kansen en ons potentieel verruimd. Maar het kan het probleem van eenzaamheid op kleine of grote schaal niet oplossen. Ik geloof dat muzikanten, dichters en andere artiesten een grote kans hebben om aan te tonen dat kunst geen nationale of linguïstische grenzen kent. Dankzij kunst kunnen we elkaar begrijpen.

De nationale basis voor folklore of cultuur is geen grond voor verdeeldheid, maar om dialoog te creëren, om gemeenschappelijke punten te vinden. Dit zijn belangrijke onderwerpen in mijn publicaties en in mijn onderzoek. We zitten allemaal in hetzelfde schuitje, en het is belangrijk om te weten naar waar we reizen. Er zijn aanrakingspunten tussen de problemen van de ene en de problemen van de andere. Zelfs het feit dat ik nu ver van je af ben, en toch een interview voor je magazine kan geven, zegt dat mijn publiek contact kan maken en over zaken in dialoog gaan. Hartelijk dank dus dat ik mijn mening kon geven over zulke belangrijke onderwerpen. Ik wens iedereen veel geluk en succes op de weg naar hun transcendente ervaring!

maandag, september 05, 2016

The Arch: We hebben geen controle over onze inspiratie en de anarchie van onze fantasie

The Arch heeft onlangs ‘Fates’ uitgebracht, een cd die wat ons betreft nog lang mag blijven nazinderen. Intussen zijn ze ook al dertig jaar oud, en blijven ze optreden en aan nieuwe nummers werken. De groep zal dit jaar nog één keer in België te zien zijn, en wel op donderdag 15 september in de Backstay Bar te Gent. Wij vroegen ons af hoe een groep het zo lang uithoudt, en gingen met ons vragenlijstje naar de groep toe.

Jullie bestaan dit jaar 30 jaar, en jullie hebben nog steeds 3 originele groepsleden aan boord. Hoe is het mogelijk dat The Arch het zo lang uitgehouden heeft?

We veronderstellen dat dat komt omdat we vrienden zijn. We vinden het aangenaam om elkaar te ontmoeten, om bij elkaar te zijn in onze repetitie ruimte. Komt er heden avond niks van, dan hebben we toch gezellig samen zitten relaxen. We hebben een aantal extra leden gehad die er mee gestopt zijn, maar al die ex-leden kunnen we nog steeds vrienden noemen.

Hoe is The Arch 30 jaar geleden ontstaan?

Diverse leden kenden elkaar, maar speelden in verschillende groepen. Op een avond in 1985 waren we bij elkaar om eens te jammen en ‘Revenge Revival’ was het resultaat. Een ander nummer van die heuglijke jam was ‘Gaga á gogo’, maar dat nummer is compleet verdwenen in de nevels des verledens. Enfin, ‘Revenge Revival’ was de trigger om samen verder te gaan.

Jullie eerste ep ‘As Quiet As’ was meteen een schot in de roos. Nummers als ‘Revenge Revival’ en vooral ‘Babsi ist Tod’ blijven jullie achtervolgen. Hoe voelen jullie zich erbij om steeds getypeerd te worden aan de hand van werk dat 30 jaar geleden verscheen?

De eerste plaat is voor zoveel groepen erg belangrijk. Het embryo van de verdere carrière. Voor de fans van het eerste uur, blijft die impressie langer hangen. Maar er is meer. Dé grote troef van die eerste plaat: toen waren onze songs nog erg eenvoudig, één guitaarlijn en één sequence. Daarna ontwikkelde zich de neiging om minder snel tevreden te zijn: het wordt complexer, nog een extra sequence hier en een extra gitaar daar. Voor je het weet worden de nummers kapot gewerkt. In de muziek geldt meer dan waar ook: ‘more is less’. Omtrent dit punt hebben we al heel wat discussie gehad binnen de groep. Tijdens het maken van een nummer moeten we afstand nemen van het feit dat we dat nummer honderd keer beluisteren en dat we het dus beu gehoord zijn. We moeten een nummer steeds beschouwen vanuit het standpunt van iemand die het een eerste keer hoort. Want de eerste beluistering is de belangrijkste.



Jullie hebben vele jaren samengewerkt met Ludo Camberlin, de man die naast Poëzie Noire heel wat groepen geproduced heeft. Weinig mensen herinneren zich dat nog, maar begin jaren 90 zaten jullie met hem en The Neon Judgement mee aan de basis van de ‘Louvain-rave-on’-scene. Bedoeling was - als ik het goed verstaan heb - om meer naar de dance-scene toe te groeien. Hoe kijken jullie daarop terug?

Op muzikaal vlak hebben wij geen planning. We jammen er samen op los en wat er uit komt, weten we niet op voorhand. We hebben geen controle over onze inspiratie en de anarchie van onze fantasie. Wij zijn er veeleer de volgelingen van, of zelfs de slaven. De mensen die zo vriendelijk zijn om ons werk te beluisteren, zullen het wel bestempelen in deze of gene zin, zoals richting dance-scene. We kunnen niet anders dan dat oordeel te aanvaarden.

Er viel me nog iets op bij het overlopen van jullie discografie: ‘In Sofa’ uit 1997 wordt aardig weggemoffeld. Het is nergens mogelijk om nummers van deze cd te beluisteren. Waaraan ligt dat?

‘In Sofa’ was een ramp, in die zin dat we de mastering gingen laten uitvoeren door onze toenmalige platenfirma. Maar die hebben er vierkant hun voeten aan geveegd: niks mastering, alles recht op CD, zodat die plat en stil klinkt. We zouden die nummers moeten laten hermasteren door Kenny KGB.

‘Fates’ werd effectief geproduced door Kenny KGB van Simi Nah. Jullie komen ook uit op het Why2K-label van Simi Nah. Hoe is de samenwerking tot stand gekomen?

Dat is gekomen omdat we iemand nieuw zochten om ons live te mixen. CUVG, Pieter en Ivan kenden Kenny. En zo ging hij met ons mee op tour. Hij deed de mixing zo goed, dat we hem gevraagd hebben om ook 'Fates' te mixen en te masteren. Hij heeft dat gedaan met een zulkdanige dosis vakkundigheid dat we kunnen stellen dat zijn bijdrage tot ‘Fates’ essentieel is. No Fates without Kenny.

‘Fates’ gaat nog verder in de lijn die al met ‘Engine in Void’ werd ingezet: meer variatie, meer plaats voor atmosferische nummers, trip-hop-invloeden, de achtergrondzang van Chiffon’s Tale… Hebben jullie het gevoel dat jullie de laatste jaren een nieuw hoofdstuk hebben geopend in het werk van The Arch?

Als je als band een nieuwe plaat met dertien ongekende nummers presenteert, dan is dat altijd ergens een nieuwe stepstone. Dat zal ook zo zijn met de volgende plaat, waar we al volop aan bezig zijn. Als er bovendien nog personen bij komen als Chiffon’s Tale en Kenny KGB, dan neem je automatisch ongekende richtingen ten opzichte van het verleden. Een nieuw hoofdstuk zoals dat heet.



Jullie hebben allemaal een gezin en een vaste baan. Toch merk ik dat jullie regelmatig in alle uithoeken van Europa spelen. Hoe krijgen jullie dat voor elkaar?

Dat is een heel gepuzzel: hogere wiskunde. Pieter, Ivan en CUVG zijn zelfstandig en kunnen zelf hun verlof bepalen. Ian heeft een crazy job als boswachter en kan eveneens vrij zijn verlof kiezen.

Jullie spenderen heel veel aandacht aan de teksten. Deze mogen ‘geen loos gelul in de lucht’ zijn, zoals jullie ooit in een interview stelden. Het valt op dat Ian Lambert - die toetsen en programmatie voor zijn rekening neemt - heel wat van de teksten aanlevert, maar ook een aantal buitenstaanders. Hoe zetten jullie de norm voor een tekst?

We proberen er iets in te steken waarover de luisteraars kunnen nadenken, al dan niet met een specifieke reflectie op hun eigen leven, met alles er op en er aan. Wij hebben altijd graag gewerkt met teksten van ‘buitenstaanders’, in zover die term geldig is. Als ze maar iets fascinerend of intrigerend als boodschap hebben.

Jullie hadden al nummers met Duitse titels - ‘Babsi ist Tod’ en ‘Die rote Kapelle’ - maar met ‘Immerzu’ hebben jullie voor het eerst een nummer in het Duits gezongen.

Die tekst is in feite een gedicht, geschreven door een meisje dat in mysteriën gehuld is: Pia. Alleen Ivan kent haar, de rest van de groep zou haar graag wel eens willen ontmoeten en leren kennen. Maar ze blijft schitteren door afwezigheid en onzichtbaarheid. Haar gedicht paste prima op een blues jam waaraan we aan het sleutelen waren en zo is 'Immerzu' ontstaan.

Jullie wilden van de nieuwe cd jullie meesterwerk maken, zo stond in een interview uit 2013. Wat mij betreft is dat gelukt. Wat denken jullie erover?

Het is aan de fans om daarover te oordelen. Persoonlijk zijn we er heel tevreden over. We hebben dertien kindjes gebaard, die nu hun eigen leven kunnen leiden. We zullen wel zien wat er van wordt. En nu beginnen aan de volgende kindjes...

The Arch live in de Backstay Bar in Gent op donderdag 15 september 2016

In een ander interview doet The Arch het verhaal achter het ontstaan en de tekst van elk nummer op 'Fates'.

The Arch: facebook / website

The Arch: ‘The Game of Thrones’, geïnspireerd op de warboel van de Rozenoorlogen, zeshonderd jaar geleden in Engeland, is eigenlijk nog steeds aan de gang.

The Arch heeft met ‘Fates’ zijn vijfde en volgens velen beste cd afgeleverd. Op donderdag 15 september brengen ze die nog eens live in de Backstay Bar in Gent, met uiteraard ook ouder werk. De plaat blijft ons fascineren, en daar we weten dat de groep altijd over onderwerpen zingt die iets dieper graven dan het doordeweekse popliedje, vroegen we hen om wat uitleg te geven bij de dertien nummertjes die op de schijf prijken.

Gasoline Lady

De originele titel was Petroleum Lady. Het nummer gaat over een meisje dat met zichzelf hopeloos in de knoei en de knoop ligt. Ze weet niet wat ze wil, maar ze wil het wel nu, at once. Pogingen tot toenadering resulteren in irrationele reacties van woede en verdriet. Ze is zo explosief als gasoline. Dat maakt haar ongenietbaar voor haar omgeving, waardoor het allemaal nog erger pleegt te worden. Als er iets mis gaat, dan geeft ze jou de schuld: gewoon al omdat je haar wil helpen.
De tekst gaat over een specifiek geval. Onze vrienden zijn natuurlijk erg benieuwd over wie het juist gaat, maar dat potje houden we maar best gedekt.

Robot Sapiens

Een bespiegeling aangaande politiek. Figuren die de samenleving leiden, verzinken in corrupte toestanden omdat ze aangelokt worden door geld en macht. Ze worden onbewust de pionnen van verborgen agenda’s, uitgedacht door louche figuren in hun sjieke salons. Bovendien is het aldoor een moeras van ambras: de politieke leiders kunnen elkaars bloed drinken om toch maar wat meer macht te verwerven. ‘The Game of Thrones’, geïnspireerd op de warboel van de Rozenoorlogen, zeshonderd jaar geleden in Engeland, is eigenlijk nog steeds aan de gang. De voor de hand liggende oplossing van al die miserie is het delegeren van de macht aan een machine: de Robot Sapiens die de beslissingen zal nemen: objectief, immuun voor machtspelletjes, vrij van nepotisme, niet te verleiden met geschenken allerhande, enz. Maar daar kunnen alweer ongekende risico’s aan kleven.

Fates

Een eeuwigheid geleden komt een tovenaar in het bezit van een kistje waar geen slot aan is: hij krijgt het niet open. Hij wil natuurlijk weten wat daar in zit. Na veel gespeur komt hij uit bij een toverspreuk in het Sanskriet. Hij declameert die spreuk en het deksel van het kistje springt los. Er zitten drie identieke houten poppetjes van meisjesfiguren in. Doordat het kistje geopend is, komt die drieling tot leven, ze beginnen te groeien en ontpoppen zich als meisjes van ongekende schoonheid. Ze hangen aan elkaar als klei en als iemand iets wil geven aan één van die drie, dan moeten de twee anderen dat ook hebben. Anders is het evenwicht tussen de zussen verstoord. Als één van hen je in de ogen kijkt, zullen de andere twee dat ook doen. Uitputtend voor iemand die met hen de liefde wil bedrijven. Zij evolueren tot de schikgodinnen die de draden des levens van eenieder spinnen. Het einde van het nummer is een gebed, ter verering van de drie schikgodinnen.


Spear of Destiny.

Een specifiek verhaal. Het nummer gaat over Kirk Brandon, de zanger van Spear of Destiny. We hebben ooit het voorprogramma gedaan van The Spear of Destiny en hebben dan backstage kennis gemaakt met die band. Kirk Brandon heeft ons verteld over zijn leven en de massieve miserie die hij mee gemaakt heeft: ziekte, operaties en eindeloze bedlegerigheid. Hij liet ons de littekens van die operaties zien. Hij leek zelf getroffen te zijn door de Spear of Destiny. Maar tijdens het optreden ontpopte hij zich als een fantastisch performer met massa’s energie: opgestaan uit de doden. Eigenlijk zouden we dat nummer of de Fates CD naar hem moeten versturen: de song gaat over hem, maar hij weet er nog niet van.

Monsters and I

Een nachtmerrie tekst, geschreven door Pia, op een gothic soundtrack. Doordat er chromatische akkoordovergangen in zitten, hebben we het idee gekregen om het nummer te presenteren aan Ronny Moorings, de zanger van Clan of Xymox, waarvoor we veel curtain-raisers gedaan hebben. Omdat chromatische akkoordenschema’s één van de handelsmerken zijn van Clan Of Xymox. Alzo hebben we de eer de stem van Ronny op onze CD te kunnen laten horen.

Dirty William

Ergens in de jaren tachtig verzeilden we in een café, tijdens de voormiddag. Die afspanning zat goed vol. Aan de toog hing een man met een gouden ketting alreeds compleet beschonken. Hij was luidkeels iedereen aan het te storen met zijn penetrant zat gebrabbel en had het vooral op ons gemunt. ‘Ozim’ was een vloek om van hem verlost te zijn.

Eyes Wide Open

Een tekst die geschreven is door onze manager Luo De Buyser. Je ligt in het ziekenhuis gedurende een eindeloze en slapeloze nacht, vol pijn. Met wijdopen ogen staren in een diepe duisternis die symbool staat voor de toekomst. Waardoor je allerlei visioenen begint te zien. Een nummer dat we graag live spelen vanwege de high pitched vocals.

Immerzu

Dit nummer is ontstaan uit een bluesjam van Ivan, in een ¾ maat. Ivan heeft daarop een tekst van een gedicht geplaatst van een vriendin van hem: Pia. Zij heeft de Duitse tekst geschreven. Een buitenbeentje waarmee we tegenwoordig onze optredens openen.

One by one

Gaat over hoe schaamte en liefde hand in hand kunnen gaan: het had allemaal zoveel beter kunnen zijn als we dit en dat anders gedaan zouden hebben, on our lovers heart. Maar de kans is verkeken en ze zal niet meer terugkomen. Helaas zit er op ons leven geen Rewind knopje. Met schaamte voor de aangerichte schade. Anyway anytime.

Brainduck

Een heel oud nummer dat verschenen is op In Sofa. We zijn het steeds live blijven spelen, waarna het nummer gereanimeerd werd door Chiffon’s Tale die er een nieuw refrein voor uitdacht.

Empty Garden

Een melancholisch nummer met een belangrijke vocale bijdrage van Chiffon’s Tale. Het gaat over een lege, ommuurde tuin in een smalle vallei. De muren rond die tuin zijn spiegels waarin je de tuin wel, maar jezelf niet kan zien. Are you in there, are you out there? Ook een nummer dat we live heel graag spelen.

Deaf and Blind

Jaren lang is de koningin vruchteloos op zoek naar een orgasme in de blauwbloedige kringen. Bij de koning is het nog het ergst van al: zijn minnespel is even boeiend als gras zien groeien. Ten einde raad doet zij iets ongehoord: zij verlaagt zij zich tot het bedrijven van de liefde met een man des volks. Het resultaat is het langverwachte kletterend orgasme dat horen en zien vergaan. Ook letterlijk: haar lichaam blokkeert helemaal. Hare majesteit wordt doof, blind en verlamd. Haar lichaam wordt een troosteloze gevangenis met als enige geneugte de herinnering aan die eenmalige, roodbloedige explosie van genot.

Frozen Jungle

Een moeder bezoekt bij nacht het graf van haar enige kind: ze voelt zich in een tropisch oerwoud van gevoelens, een jungle die bevroren is. De uitsmijter van de CD met een etherisch akkoordenschema.



The Arch: facebook / website

Peter Slabbynck (Red Zebra, Ex-RZ): Oude stempel? Die benaming snap ik niet. Een beetje respect graag!

Red Zebra bestaat helaas al een paar jaar niet meer. Hun muziek werd intussen steeds schaarser bij de platenboer. Maar dankzij de nieuwe verzamelaar - The Beauties of the Beast, bij Starman Records - kun je de grootste hits uit de beginperiode opnieuw in huis halen aan een schappelijke prijs. Intussen tourt voormalige zanger Peter Slabbynck met EX-RZ, een groep waarmee hij veel nummers van Red Zebra herneemt, maar ook nieuw werk mee maakt. Een cd is in de maak. Genoeg elementen om Slabbynck eens aan zijn oren te trekken.

Dag Peter. De nieuwe Red Zebra-verzamelaar ‘The Beauties of the Beast’ - met werk dat jullie tussen 1980 en 1983 uitgaven - verkoopt erg goed. Niet dat het me erg verwondert, want jullie klassiekers waren al lang niet meer verkrijgbaar op cd. Hoe komt het dat het zo lang heeft geduurd om deze nummers weer uit te brengen?

Tja, eigenlijk moet je dat niet aan mij vragen want ik vroeg het mij ook af. Tijdens de 35 optredens van de Living Room Marathon van EX-RZ vorig jaar, werd er vaak gevraagd of het oudere werk van Red Zebra nog op cd verkrijgbaar was. Daarop heb Starman Records gecontacteerd en die zagen dat wel zitten. Verder heb ik mij er niet te veel mee gemoeid, maar uiteraard ben ik bijzonder blij met deze nieuwe verzamel-cd.

Mogen we even recapituleren? Het startschot voor Red Zebra werd blijkbaar reeds in 1978 gegeven. Hoe vonden vier zestienjarige punkenthousiastelingen elkaar uitgerekend in Brugge?

In 1978 sijpelde de punk eindelijk helemaal door tot hier. Het was immers een tijdperk zonder Studio Brussel, zonder MTV, zonder internet. Vandaar de vertraging. We kenden elkaar van de scouts en we hadden een leiding die met muziek bezig was. Eén van hen zou later onze drummer worden. Dat Brugge zo’n bloeiende punkscène had, was wellicht een reactie op het conservatisme ter plekke.

De inspiratie voor de naam Red Zebra kwam blijkbaar van de Rode Brigades. Kan je daar wat meer over vertellen?

Daar kan ik niet op antwoorden want volgens de advocaat van de vroegere gitarist heb ik de naam niet bedacht. Vreemd dat die man dat allemaal zo goed weet. Misschien eens aan hem vragen? (Een wenk naar de oorsprong van de naam vind je in dit eerder interview met Red Zebra, xk)

Jullie namen in 1980 deel aan Humos Rock Rally. Jullie geraakten zelfs tot in de finale, maar je verklaarde toen dat je blij was dat jullie niet bij de winnaars hoorden. Waarom dan deelnemen?

De finale bereiken was op zich al een enorme overwinning. Ik denk dat we samen met de Brassers de minst ervaren groep waren. Winnen was dan ook onmogelijk. Maar iedereen had ons opgemerkt en omdat we niet in de top drie eindigden, lag er ook geen druk op ons. Winnen is fijn maar niet altijd een geschenk want plots word je heel anders bekeken.

Jullie maakten een fenomenale start met ‘I Can’t Live In A Living Room’, dat nochtans slechts als B-zijde van jullie eerste single bedoeld was. Hoe snel hadden jullie het enorm potentieel van dat nummer - dat nog steeds in alle tijdloze honderds blijft verschijnen - begrepen?

Niet snel vrees ik, het was gewoon één van de nummers maar tijdens de Rock Rally hadden we er wel goede reacties op gekregen. Het is voor mij ook een beetje een raadsel waarom we ‘Innocent People’ als A-kant kozen. Gelukkig waren er deejays als Gust De Coster die het plaatje ook omdraaiden. Een fenomenale start zou ik het dus niet noemen, eerder een gerateerde start die toch nog goed kwam.

In 1981 kwam ‘Bastogne’ uit, dat een hoogtepunt was uit jullie carrière. De ep werd integraal opgenomen op ‘The Beauties Of The Beast’. Tegen dan hadden jullie de evolutie van punk naar cold wave volbracht. Hoe kijk je terug op deze tijd?

Als een bijzonder leuke tijd maar eerlijk gezegd beleef ik momenteel met EX-RZ even veel plezier aan muziek maken als toen. Dat we met Red Zebra evolueerden van punk naar new wave was nogal logisch. Hoe beter je leert spelen, hoe meer je je van pure punk verwijdert. Maar mijn lyrics vind ik wel nog steeds punk.

Een jaar later kwam ‘Maquis’ uit. De plaat werd gemengd onthaald, al stonden er wel prima nummers op als ‘Polar Club’ en ‘The Beauty Of The Beast’. Bijna alles wat jullie van 1980 tot 1983 opgenomen hebben prijkt op de cd, behalve een viertal nummers van ‘Maquis’. Hoe komt dat?

‘Maquis’ roept bij mij gemengde gevoelens op. Er staan een paar zeer goeie nummers op, maar ook een paar mindere. Het is veel minder een eenheid dan ‘Bastogne’. We waren aan het zoeken en een beetje de weg kwijt. Vergeet ook niet dat toenmalige bassist Chery Derycke een belangrijke bijdrage leverde aan ‘Bastogne’. Hij was er niet meer bij op ‘Maquis’.


Je laatste wapenfeit in de eerste levensfase van Red Zebra was ‘Always’ uit 1984. Niet lang erna hield jij het voor bekeken. De rest van de groep ging nog even door met Patrick Provoost als zanger, tot ook zij in 1986 besloten er de brui aan te geven. Waarom geraakte de groep zo snel opgebrand?

Er zijn veel groepen uit die tijd die het nog minder lang vol gehouden hebben dus dat valt wel mee. Ik was op een bepaald moment uitgezongen en wou nieuwe wegen bewandelen. Andere muziek maken, andere teksten schrijven. Kort daarop heb ik dan The Boy Wonders opgericht. Na een lange omzwerving ben ik nu met EX-RZ terug bij het begin, de new wave.

Er volgden heel wat reünies, en zelfs nieuw werk. Humo schreef ooit dat jullie ‘qua definitieve allerlaatste afscheidsoptredens zelfs The Ramones naar de kroon staken.’ Het laatste - wellicht allerdefinitiefste - afscheidsoptreden dateert intussen van 2013, al hadden de andere leden van Red Zebra je reeds in 2010 verlaten. Sinds 2014 is er dan EX-RZ, een groep waarmee je oude Red Zebra-klassiekers speelt en nieuw werk componeert. Wist je van geen ophouden?

Waarom moet ik ophouden? Ik amuseer mij nog steeds op een podium en aan nieuwe onderwerpen om over te zingen geen gebrek. Maar wees gerust, ik ben niet verslaafd aan het podium. Ik kan gerust een hele tijd zonder optredens. Eén van de leukere zaken nu is dat ik ook regelmatig in het buitenland optreed met EX-RZ. Vorige maand speelden we nog in Italië en Duitsland. En intussen werken we rustig verder aan ‘Future retard’, onze eerste full cd.

EX-RZ heeft alvast gescoord met het nummer ‘Bankers Will Never Be Beggars’, een nummer dat sinds zijn verschijnen twee jaar geleden enkel maar actueler geworden is. Haal je nog steeds je inspiratie uit de verontwaardiging over de politieke actualiteit?

Ik heb een boekje vol met nieuwe titels en er komen er alsmaar bij. De actualiteit blijft mij inderdaad inspireren. Ik wil best wel over de liefde zingen maar het gaat mij niet zo goed af. Ik ben liever ‘an angry old man’. Het is wel fijn, al die positieve reacties te zien op ‘Bankers Will Never Be Beggars’. Het is een echte meezinger aan het worden. Vooral in Duitsland komen mensen mij zeggen dat ze mijn teksten appreciëren.

In zekere zin blijf je wel de punk en wave van de oude stempel verdedigen. Met The Rotten Pistols en New Dark Age heb je toch twee groepen die zich toeleggen op het spelen van nummers van respectievelijk The Sex Pistols en The Sound…

Oude stempel? Die benaming snap ik niet. Een beetje respect graag! Dit zijn hoogtepunten van punk en new wave en dat wil ik laten horen. Punk is aan zijn veertigste verjaardag toe maar bij ons gaat dat geruisloos voorbij. Daar wou ik iets aan doen met The Rotten Pistols. En met New Dark Age wil The Sound eren. Nog te weinig mensen weten hoe fenomenaal hun eerste platen waren.

Lees onze oudere interviews met Red Zebra op Dark Entries hier (2009) en hier (2010)

dinsdag, april 12, 2016

Hedera helix: Het is pas bij een levend optreden dat alle elementen die Hedera helix uitmaken, aanwezig zijn

14 jaar bestaat Hedera helix intussen. Ze zijn momenteel de laatste hand aan het leggen aan hun nieuwe cd ‘Pastiche’, de opvolger van reeds zeer goed ontvangen ‘Dolce’ uit 2003. Er staan ook twee optredens op stapel waarop het nieuwe werk te horen zal zijn. Het eerste is een speciale set voor Coalescaremonium op 2 april, het tweede is de officiële cd-voorstelling in Zulte op 7 mei. Oscar Valerius Kandinsky van Hedera helix staat bekend als als een groot erudiet, en dus schotelden we hem enkele vragen voor.

Hedera helix is onder de mensen meer bekend als ‘klimop’, een groenblijvende, houtige liaan uit de klimopfamilie (Araliaceae). Wat is de actualiteit rond deze bijzonder populaire plant?

Het is een project dat ondertussen al meer dan veertien jaar bestaat. Het invullen van een leemte in de hedendaagse podiumkunsten? Hedera helix is muzikaal een mengeling tussen electro en industriële pop. Tekstueel met scherpe lyriek en visueel met zonderling bewegingstheater. Soms dansbaar, soms intiem en intens. We zijn met zes, een collectief. Een 'correctief’ zo u wil.

Uit onderzoek blijkt dat planten sneller groeien onder invloed van muziek. Maar is het daarom ook een goed idee om klimop met muziek te bestoken?

Wel, de machinerie is deze keer wel aan het draaien. De nieuwe cd is bijna klaar. Eric Van Wonterghem is druk aan het masteren en elders wordt de vormgeving van de verpakking van 'Pastiche' gerealiseerd. Enkel Sabam moet nog een bewijs van 'non-interventie' leveren voor het persen. Wat eigenlijk kafkaïaans is, want we beheren onze rechten zelf.

Bij een rouwhulde in Madrid voor de Hongaarse stervoetballer Puskás Ferenc, overleden in 2006, speelde Laura Benítez een stuk op cello. Wat voelden jullie?

Je moet ons vooral komen bekijken op Coalescaremonium voor de art nouveau-set. Of op 7 mei voor de cd-voorstelling. Voor wie de cd dan in zijn collectie tastbare muziekdragers wil: die kost op de voorstelling acht euro in plaats van tien. Milde doordenker: "voor hetzelfde geld kost het meer ..."

Dr. Edgar Berillon stelde dat ten tijde van Lodewijk XIV reeds werd gezegd dat een reiziger enkel en alleen aan de enorme omvang van de uitwerpselen te weten kon komen of hij de grenzen van Duitsland was overgestoken. Ook in zijn boek ‘Hoe kunnen we ooit overeenkomen met een volk dat stinkt’ uit 1915 rekende hij af met de Duisters en hun excrementen. Wat denken jullie? Kunnen we overeenkomen met de Duitsers?

God, 'succes' ... Ik heb liever 'respect'. Een schijf uitbrengen is voor ons niet echt belangrijk, zelfs de muziek op zich is niet alles. Het is pas bij een levend optreden dat alle elementen die Hedera helix uitmaken, aanwezig zijn. We hebben er dertien jaar over gedaan om dertien nummers op te nemen. Tijd was wel een probleem, dat moet ik toegeven. We zijn allemaal met veel verschillende dingen bezig. Het leven is te kort om één truukje te leren zeker?

Is het jullie al opgevallen dat ‘Asthma’ en ‘isthmi’ de enige Engelse zesletterige woorden zijn die beginnen en eindigen met een klinker met daartussen enkel medeklinkers?

De keuze voor het Nederlands heeft te maken met een zekere volwassenwording. Het Hollywood-imitatiegedrag zijn we al lang voorbij. Maar ik moet toegeven dat een vleugje exotisme me niet vreemd is. Op Pastiche is er één nummer in het Spaans en één in het Frans en dwarrelen er ook nog Italiaanse, Portugese en Russische frasen door de teksten.

De Doelisten verzetten zich in het midden van de 18e eeuw tegen de macht der burgemeesters in en rond Amsterdam. Ze verkregen het herstel van de gilden in hun oude rechten, en het verbod op straathandel. Bij de burgemeestersverkiezing in 1752 leden deze echter een grote nederlaag. Wat is er fout gelopen?

Het visuele maakt bij een concert het plaatje compleet. Een groene kool smaakt het best met spek gestoofd en het geheel is meer dan de som der delen. Voor mij hoort het er allemaal bij. We zijn nu met zes op het podium. Dat begon als drie muzikaal en drie visueel/dans, maar dat was een onzinnige scheiding, gezien voor Elixir piano en zang geen uitdaging is en voor Buttercup percussie evenmin. Het zal dus zowel muzikaal als visueel niet aan variatie ontbreken.

Recent wetenschappelijk onderzoek heeft uitgewezen dat duiven gemakkelijker kankercellen herkennen op beelden van bijvoorbeeld een mammografie. Staan jullie het gebruik van duiven voor deze doeleinden voor?

Vorig jaar zat aan de ingang van Coalescaremonium een bevallige dame die ons vriendelijk vroeg om 40 euro neer te leggen. Er werd ons een kunststof bandje om de pols gemeten en toen mochten we zomaar binnenschrijden. Verbijsterend. Nee, de contacten met Coalescaremonium zijn twee jaar geleden al gelegd en dan is een deel van de organisatie naar ons komen kijken op een festivalletje in Berlare. Het feit dat zij zo hard werken om het geheel te kaderen maakte dat het snel klikte. En ook de locatie: het zaaltje heeft iets theaterachtigs en past daarom perfect bij wat we doen.

In ons heelal is een gigantische alcoholwolk ontdekt op een afstand van zo’n 6500 lichtjaar van de Aarde, in een gebied waar sterren zich vormen uit wolken gas en stof. Hoelang zal het volgens jullie duren vooraleer we deze kunnen beginnen te ontginnen?

De set op Coalescaremonium is volledig aangepast aan het thema, de locatie en het publiek, met een speciale franstalige cover. Voor de cd-voorstelling hebben we graag de focus wat meer op ons. Familie en vrienden, die misschien bang zijn van goths, kunnen we niet vragen om 35 euro neer te tellen. We ontvangen ze beter in Zulte.

Wat zijn jullie plannen voor de verdere toekomst?

Dat is een rare vraag.

Hartelijk dank voor deze inzichten.

Moge uw bonen talrijk zijn.

Foto's: Bert Blondeel & Bart Vandermeersche

Hedera helix: website / facebook