Amenra is terug, en deze keer niet met hun akoestische muziek, maar met het vertrouwde pletwalsgeluid dat de groep internationaal succes heeft verzekerd. Amenra neemt de draad gewoon terug op, en de nieuwe cd heet toepasselijk 'Mass VI' (het vervolg op Mass I tot V, voor wie de discografie van de groep niet kent). De plaat komt uit op het Neurot-label van geestesgenoten Neurosis, hetgeen de groep op het voorplan zal brengen in de VS, en dat op 20 oktober 2017. 'Children Of The Eye' is de eerste single, en Amenra heeft er - naar goede gewoonte - een visueel prachtige video bij laten maken door Wim Reygaert, met sculpturen van Isabelle De Vos. Zanger Colin H. Van Eeckhout liet het volgende los over de clip: 'Het idee was om de strijd te visualiseren die we allemaal uitvechten met onzichtbare vijanden in het leven, zoals depressie, rouw, ziekte...'
Posts tonen met het label Belgisch. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Belgisch. Alle posts tonen
donderdag, november 02, 2017
zaterdag, oktober 21, 2017
Empusae: Wegens de diagnose van een vrij drastische oogziekte drie jaar geleden is mijn levensvisie en mentaliteit redelijk veranderd
Empusae stond reeds als genie geboekstaafd bij Dark Entries, en met de nieuwe cd ‘Lueur’ is ons respect voor het project enkel toegenomen. Sal-Ocin - het meesterbrein achter Empusae - had de lovende recensies voor ‘Lueur’ blijkbaar niet verwacht. Dat gebeurt nu eenmaal als je risico’s neemt. Hij vertelt er ons meer over in dit interview.
Dag Sal-Ocin. Je nieuwe cd ‘Lueur’ is in zekere zin de opvolger van ‘Sphere Of The Woods’, dat intussen van 2013 dateert. We weten dat je in de tussentijd niet stil gezeten hebt, maar waarom heb je zo lang gewacht om een volwaardige opvolger voor ‘Sphere Of The Woods’ te maken?
Ik heb inderdaad niet stilgezeten op muzikaal vlak. Ik heb twee soundtracks geschreven - ‘at land’ door Maya Deren en ‘la coquille et le clergieman’ door Germaine Dulac - alle twee silent movies waarbij de tweede de jury prijs heeft gewonnen voor beste soundtrack for silent films in Bolzano. Er is ook heel wat gebeurd op persoonlijk vlak. Wegens de diagnose van een vrij drastische oogziekte drie jaar geleden is mijn levensvisie en mentaliteit redelijk verandert. Ik maakte een lange periode door van ‘aanvaarden’ van mijn nieuwe noodlot (de genetische ziekte leidt naar blindheid, met een prognose tussen 2 en 20 jaar). De laatste stap naar het aanvaardingsproces was om een manier te vinden om mijn oog-demoon te counteren/exorciseren. Dit is me gelukt via een heel persoonlijk conceptueel project: Lueur.
Je cd kreeg overal lovende recensies, niet in het minst bij Dark Entries. Ben je tevreden over de reacties?
Het is eigenlijk wat overweldigend. Ik kan je verzekeren dat zoiets diep persoonlijks en intiem zo lovend erkend wordt, heel duidelijk onverwachts aankwam. De muziek is ook wat anders vergeleken met de vorige albums, dus ik verwachtte mij ergens aan een ontgoocheling van een deel van mijn fan-base, maar dit lijkt dus niet het geval te zijn én er werd een nieuwe weg geopend naar een nieuw publiek (metal, drone, post-rock) via Consouling Sounds, het label die Lueur uitbrengt.
Heel wat elementen verwijzen op ‘Lueur’ verwijzen naar het zicht. De naam van de cd, de hoes, de titels van de nummers… We weten dat je last hebt van een ernstige oogaandoening. Was dat de inspiratie voor de cd?
Inderdaad. Zoals ik eerder aanhaalde, was de proces van Lueur's compositie en concept een persoonlijke therapie ten opzichte van Retinitis Pigmentosa, de ziekte in kwestie. Eens de muziek vorm begon te krijgen heb ik het concept verder uitgewerkt met mijn partner en visueel artieste Christel Morvan (Nesisart).
Je partner Nesisart staat intussen al jaren in voor de visuele inkleding van je project. Zij ontwerpt de hoezen en zorgt voor videoprojecties tijdens je optredens. Het is alsof jullie elkaar perfect gevonden hebben. Gaat artistieke creatie en liefde bij jullie hand in hand?
Ik had dit nooit voor mogelijk gehouden. Bovendien was ik ook al jaren op zoek naar een artiest die de muziek en concepten visueel kon vertalen en ondersteunen. Wat ze nu voor Lueur heeft gedaan - zowel hoesontwerp als live visuals- ging zelf een heel stuk verder. Ze heeft bepaalde zaken uit de muziek geïllustreerd die ikzelf helemaal niet doorhad. Ook het symbolisme die ze gebruikt is ongelofelijk doordacht. Alsof ze ergens in mijn onderbewustzijn is gaan graven en via beelden geïllustreerd! Een beetje eng zelf bij momenten…
Ik denk dat iedereen erg te spreken is over de bijdrage van Colin H. Van Eeckhout (Amenra) aan ‘Lueur’. Zijn stem is echt een meerwaarde voor de muziek. Hoe is de samenwerking tot stand gekomen?
Ik was bezig met het componeren van ‘Guiding Light’ toen in op een bepaald punt vast zat. Ik bleef dingen zoeken en uitproberen maar ik vond maar niet wat er ontbrak. Na het even los te laten voor een aantal dagen, kwam er een klik in mijn hoofd en zag (hoorde) ik het heel duidelijk: Colin's stem. Ik heb hem daar dan ook voor aangesproken, een schets doorgestuurd van Guiding Light om te zien of het hem inspireerde. Hijzelf was toen heel druk bezig met verschillende projecten (Amenra, CHVE,...), wat dus niet evident ging zijn om er nog iets bij te nemen. Het bleek dus dat hij er heel enthousiast over was en dus ook geen neen tegen kon zeggen. Hij had nog nooit van Empusae gehoord maar de muziek en concept sprak hem direct aan. Wat volgde is dat ik het nummer op zich en de rest van de plaat verder schreef met zijn participatie in mijn achterhoofd. Het resultaat spreekt voor mij voor zich: een heel emotionele, intense en consistente samenwerking.
Je muziek is erg complex. Ze bevat elektronica, electro-akoestische opnames met vaak zelfgebouwde (strijk)instrumenten, percussie, piano, zang… En dan maak je nog nummers van 20 minuten die blijven boeien en tot in de details afgewerkt zijn. Hoelang werk je dan aan zo één nummer?
De basis van de twee nummers zijn relatief vlot gekomen. Als mijn geheugen me niet in de steek laat, ben ik begonnen in januari 2016 en waren ze af eind februari 2016. Dan kwamen de stemmen van Tom De Doncker - mijn erg dichte vriend sinds 22 jaar vriendschap, die sinds het eerste optreden mee deed in live situaties - en Colin. Erna heb ik beide nummers aangepast aan het bijdragen dus laten we zeggen, op een 3-4 tal maanden waren de compositie en opnames van de plaat af. Achteraf heeft Tim De Gieter (Much Luv Studio) een extreem professionele mix en mastering gedaan. De plaat had nooit zo'n niveau gehaald zonder zijn kunde. Ik geraakte er zelf niet om het deftig af te mixen, de combinatie van akoestische en elektronische instrumenten, deep-noise-drones en stemmen was kwa frequenties, compressie en geluidsproductie voor mij niet haalbaar.
Soms lijkt het wel alsof je overal tegelijkertijd bent. We noteren uit da afgelopen tijd samenwerkingen met Klankdal en Marc Titolo, en een belangrijke inbreng in het werk van Ordo Rosarius Equilibrio en Triarii. Hoe krijg je het allemaal voor elkaar?
Ik krijg die vraag eigenlijk af en toe. Voor mij valt dit best wel mee. Na het afwerken van een uitgave heb ik zowiezo veel tijd nodig om het te laten liggen. Wachten op een of andere muze… Plus moet je ook niet vergeten, dat we geen kinderen hebben - ook al is mijn day-job werken met kinderen - dus dat scheelt wel. Ik begin ook pas aan een project te werken als ik het helemaal voel, eerlijk gezegd gaat het vanaf dat moment soms heel snel. ORE en de split met Marc T. (Dirge, Dither) zijn samenwerkingen waardoor dus de helft van het werk is voor de andere partij.
Live kent Empusae verschillende incarnaties. Jij alleen samen met Nesisart, of in een groep met Tom De Doncker en Bejamin Sperling. Op de cd-voorstelling van ‘Lueur’ in de AB was zelfs Colin H. Van Eeckhout erbij. Is het gemakkelijk om al deze live-bezettingen te combineren?
Ik heb altijd getracht om vrienden en medemuzikanten als gast bij te vragen. De muziek van Empusae is redelijk gelaagd dus keuze genoeg om een laagje over te laten aan een andere muzikant. Iedere gast geeft dan ook zijn/haar eigen interpretatie van de muziek, maakt het voor iedereen boeiender denk ik. Nesisart is vanaf nu een vast lid voor Empusae, de reden daarvoor ligt voor de hand als de de vorige vragen hebt gelezen, denk ik. De twee hoogtepunten was op Maschinenfest een aantal jaren geleden. Empusae & Friends was een concert met voor elk nummer, een andere gastartiest (Ah-Cama Sotz, Monolith, Flint Glass, Tomas Hein-organisator Maschinenfest, Synapscape, Mimetic, the law-raw collective, S.Alt van Ant-Zen en Tom De Doncker). Het andere was voor Ogentroost. Een event gecureerd door Consouling Sounds in Ancienne Belgique als deel van BRCST festival. Het was een conceptuele avond rond Lueur met prachtige Consouling artiesten met als apotheose de live voorstelling van het album samen met ColinHVE, Barst, Treha Sektori, Bjørn Lescouhier, Femke, Tom DD en Nesisart's immense projectie.
Wat staat nog op de agenda van Empusae?
Er komen een aantal concerten de komende maanden, waaronder Wave Gothic Treffen en Wroclaw Industrial Festival. Christel en ik gaan deze zomer op reis naar Japan, waarbij we als extra de kans hebben gekregen om een aantal concerten te doen (Tokyo en Nagoya). Ik heb al heel veel ideeën voor nieuwe Empusae experimenten, maar voornamelijk muziekaal. Ik wacht nog even op een signaal van een muze…
Kinderen van Moeder Aarde vieren de zonnewende
Er zijn zo van die gebeurtenissen in het leven die men graag blijft onthouden. Een huwelijk is er zo één. Verleden vrijdag stapten Dark Entries-voorzitter Dimi en zijn geliefde Sigrid samen in het huwelijksbootje. Voor de gelegenheid werden een aantal optredens georganiseerd van Kinderen van Moeder Aarde, Dark Poem, Massenhysterie en Hybryds. Kinderen van Moeder Aarde hebben eveneens voor de gelegenheid een nieuwe mini-cd uitgebracht. De cd - Offering Flowers To The Moon And The Sun - komt niet toevallig ook net voor zonnewende uit. Hij bevat vijf nummers waarvan eentje speciaal geschreven werd voor het huwelijk van Dimi en Sigrid, die we bij deze ook van harte willen feliciteren.
Je kunt de cd bestellen via facebook of rokersvalley@gmail.com.
Labels:
Belgisch,
Dark Entries,
Kinderen van Moeder Aarde
The Breath Of Life: Under The Falling Sky
Stel je even voor dat The Breath Of Life een nieuwkomer zou zijn en ‘Under The Falling Stars’ hun debuut… Ze zouden ongetwijfeld een revelatie zijn. Doch The Breath Of Life werpt al sinds de jaren 80 magische melodieën op ons af. Nog nooit hebben ze een slechte plaat uitgebracht, en dat zal met deze negende worp niet veranderen. Meer zelfs, sommigen gewagen hier van hun beste plaat ooit.
Nochtans zijn er geen grote stijlveranderingen. Wat je hoort is klassieke Breath Of Life zoals je het al lang kent. Goed, de live-drums zijn weer vervangen door programmatie, maar dat maakt niet het grote verschil. De viool speelt zoals vanouds hemels en Isabelle Dekeyser zingt de sterren van de hemel.
Met Philippe Mauroy en Didier Czepczyk heeft de groep twee mensen aan boord die vloeiend gitaar en bas spelen. Om de eenvormigheid van de cd te bevorderen hebben ze afgesproken dat Mauroy hier de gitaar zou spelen en Czepczyk zich op de bas zou concentreren. Bijgevolg hebben we een ruwere gitaarstijl en een zeer melodische bas. Een keuze die uitstekend werkt.
Cocteau Twins is hier zeker een mooie referentie, al blijft de viool van Giovanni Bortolin het geheime wapen dat de groep onderscheidt van andere groepen in hetzelfde genre. Er zijn nog meer punten die opvallen: de ritmische diversiteit, gitaren die laveren tussen dromerig en punky, de originele programmatie…
Hoogtepunten zijn voor mij zeker meer poppy nummers als ‘Stolen Dreams’, ‘Until The Day’ en ‘Higher’. Maar er staat geen enkel zwak nummer op ‘Under The Falling Stars’, en dus is het bijna spijtig dat de vinyl-uitgave drie nummers minder kent dan de cd. We wijzen ook op de mooie hoes van ‘Under The Falling Stars’, die uit de lens van Dark Entries-huisfotograaf Xavier Marquis komt.
‘Under The Falling Stars’ is een bijzonder sterke plaat die je eigenlijk moet beluisteren zonder voorkennis van The Breath Of Life. Vergeet dus al wat je weet en droom weg…
zondag, oktober 15, 2017
La vièrge du chancelier Rolin: Ik wil graag mijn moeder bedanken om me als kleine broer gegeven te hebben aan mijn zus die heel goed viool speelt.
La Vierge du Chancelier Rolin heeft in de eerste helft van de jaren 90 een cultreputatie verworven met hun experimentele wave vol folkinvloeden. Op 22 en 30 april komen ze terug samen voor twee exclusieve reünieconcerten in Namen en Brussel. We dachten dat het een goed idee zou zijn om de groep daaromtrent wat vragen te stellen, maar moesten daar snel op terugkomen.
La Vierge du chancelier Rolin ontstond in 1990 op het Institut Saint-Louis in Namen, als ik goed geïnformeerd ben. Hoe hebben jullie elkaar ontmoet?
Pierre: Het draaide in feite allemaal rond seks.
Laurent: Ik weet er niets van, ik ben er pas in 1992 bij gekomen…
Thomas: Als mijn herinneringen goed zijn hebben ze elkaar al pratend ontmoet. Ze waren allemaal in het zwart gekleed in een Chevignon-school.
Sarah: Bij de start waren het Thibault, Jean-Phi – die toen de vriend was van Odile, de zus van Thibault die in hetzelfde jaar als Sarah zat in Saint-Louis - , en Pierre. Ze wilden samen een groep starten. Ze kenden via-via ook Vincent, een zanger met een heel diepe gothic stem, en ze hebben hem gevraagd om er ook bij te komen. Via Odile zijn ze dan Sarah tegengekomen die een synth bezat. Toen er concerten gegeven moesten worden heeft Nicolas geleerd om drum te spelen, want hij wou absoluut ook bij de groep.
Jullie gebruikten instrumenten die niet zo gangbaar waren in de new wave, met heel wat akoestische klanken: klassieke gitaar, viool, klavecimbel, orgel, percussie… Hoe zijn jullie bij deze instrumenten gekomen?
Pierre: Om de raven te kakken te zetten.
Laurent: Ik weet het niet. Ik mocht niets aanraken behalve mijn micro.
Thomas: Mijn zus had geen geld voor een MS-10. Anders zou ze als alle zangeressen destijds gedaan hebben. Sarah had de viool opgegeven in functie van synths, omdat ze viool goedkoop vond. Toen ze doorhad dat de groep goedkoop was, heeft ze de viool terug opgenomen.
Sarah: We wilden niet doen zoals iedereen, ook al was dat onbewust. Maar dat is wat tussen ons gewerkt heeft. We wilden niet in een hokje geplaatst worden. We wilden vooral testen, en scheppen, ook al konden we niet zo goed spelen. Op de eerste repetities heeft iedereen zijn instrument genomen en zijn we noten beginnen spelen door naar de noten van de anderen te luisteren. Vreemd genoeg heeft de saus gepakt. We namen onszelf helemaal niet ernstig. Thibault speelde klassieke gitaar omdat hij in een appartement woonde in een groot gebouw, en het was het enige instrument dat hij kon spelen zonder de buren te storen. Een elektrische gitaar zou oorlog geweest zijn.
Een karakteristiek van La vierge du chancelier Rolin was dat er meerdere zangers en zangeressen waren, eerder dan één frontman. Hoe is dat tot stand gekomen?
Laurent: We hadden het geluk om meerdere mensen te hebben met heel verschillende maar complementaire stemmen. Jean-Phi was perfect voor zachte ballades die de meisjes deden smelten. Helaas jaagde Thibaut ze daarna de gordijnen in met zijn geschreeuw, dan liet Nico ze trippen met zijn vreemde timbre en uiteindelijk werkte Pierre af door ze zin te geven om zich op te hangen… Mij hebben ze erbij gehaald omdat ze niet konden zingen en een instrument spelen tegelijkertijd.
Thomas: Er zijn altijd verschillende zangers geweest. De groep stond in het midden van de groep die middenin de groep stond. Het was een idealistisch aspect dat tot heel wat problemen leidde.
Pierre: We zijn dan ook gesplit.
Jullie hebben teksten in het Engels, het Frans en het Duits, een heel sympathiek meertalig concept… Jullie hebben echt alles terug in vraag gesteld niet?
Laurent: En op het einde werkten we zelfs aan een nummer waarvan de tekst steeds dezelfde zin was, maar herhaald in een vijftiental verschillende talen. Ik moet al mijn min of meer allochtone vrienden destijds echt de keel uitgehangen hebben.
Pierre: We hebben ook een tekst in het Waals. Ben je separatist of wat?
Sarah: We hebben veel lol gehad, zoveel is zeker. We hielden van het absurde en het surrealistische. Tijdens de weekends waarin we schreven kon de persoon die de micro nam de tekst ter plaatse uitvinden of gewoon lezen wat er voor hem stond. ‘The Red Cow in the Sycomore’ was zo geïnspireerd door een verhaal uit een cursus Engels. Er was zelfs een tekst waarin we gewoon de handleiding van de mixtafel voorlazen… De zin of de taal werd nooit echt collectief besproken. Het was de keuze van diegene die de micro nam en het was vaak meer de tonaliteit dan de betekenis die van belang was. Ik heb zelf bijvoorbeeld nooit één enkele tekst begrepen. Ik sprak destijds geen Engels.
Er wordt vaak verwezen naar And Also The Trees en Legendary Pink Dots als invloeden, maar ik hoor ook invloeden van Virgin Prunes, Clair Obscur, Collection d’Arnell-Andrea en The Revolutionary Army of the Infant Jesus. Is jullie geluid werkelijk beïnvloed door sommige van deze groepen, of was het eerder het resultaat van een instinctieve aanpak?
Pierre: Het klopt, we hebben eigenlijk helemaal niets geschapen.
Laurent: Vergelijkingen kunnen misleidend zijn , maar het helpt wel om te weten waar men mee te maken heeft. Het stoort me niet.
Thomas: Instinctief? Zoals bij wilde dieren? Walvissen bijvoorbeeld?
Sarah: We kunnen nog Purcell, Vivaldi, Nick Cave, Noir Désir of traditionele muziek uit Oost-Europa noemen. Sommige invloeden waren meer bewust en gewild dan anderen. And Also The Trees en Legendary pink Dots waren twee groepen waar we veel over praatten. Daar zit een inspiratie die de groep niet zal ontkennen. Daarbuiten was het eerder verspreid en individueel, en wellicht meer instinctief.
Jullie hebben in 1993 de springplankwedstrijd van Verdur Rock gewonnen; Wat betekende dat voor jullie?
Pierre: Dat we de beste waren.
Laurent: “De eersten zullen de laatsten zijn, de laatsten zullen de eersten zijn.” Amen.
Thomas: Dat ik trots kon zijn op mijn zus en dat ik moest doen zoals zij, dus in een punkgroep zingen.
Sarah: We hadden ons eigenlijk wat om te lachen ingeschreven. Het was in Namen, onze stad, dus we moesten het wel doen. Maar het reglement eiste dat er minstens een nummer in het Frans tussen zou zitten. Wij hadden er geen. We hebben er één geschreven voor de gelegenheid. Het feit dat we op een podium konden spelen was op zich al buitengewoon. Een heel mooie herinnering. En toen we alle prijzen behalve één wegkaapten, was het echt een schok. Dat hadden we echt niet verwacht. Maar goed, we waren jong en we namen het allemaal niet echt ernstig, dus hebben we de schok wel overleefd. We kregen het niet te hoog in onze bol. Het was een mooie springplank, en het heeft ons in staat gesteld om erg mooie ervaringen mee te maken, zoals de tournee in Québec en de opname van de cd.
Jullie voornaamste werk is de cd ‘Eva King’, verschenen in 1995. Helaas is het label kort na de uitgave failliet gegaan. Dat neemt niet weg dat de cd erg gesmaakt werd. Wat onthouden jullie van de cd?
Pierre: 10 stukken.
Laurent: Zat maï inglishe pronounciécheunne at ze taïme waz ôful.
Thomas: Erg mooie spookfoto’s voor de maisvelden van Hennet.
Sarah: Tetris. Jean-Phi was dol op videospelletjes. We hebben uren lang tetris gespeeld terwijl de anderen aan het opnemen waren. Aangezien we niet zo’n goede muzikanten waren namen we elk om beurt op. Een behoorlijke ervaring. Serieuzer, 20 jaar later: we hadden goede ideeën. Ik vind de composities eerlijk gezegd echt goed. Daarentegen speelden we echt niet goed… We zouden het vandaag opnieuw moeten opnemen.
Jullie hebben muziek gemaakt voor een opvoering van Bertold Brecht ‘Combien coute le fer’. Hoe is dat gegaan?
Pierre: Eerder goed.
Laurent: Maar dat was niet genoeg om de opmars van de NV-A te stuiten.
Thomas: Ja hoor, dat is goed gegaan. Het was 20 jaar geleden.
Sarah: Heel goed. We zijn er levend uit gekomen.
De groep is in 1996 uit elkaar gegaan, een jaar na de uitgave van ‘Eva king’. Wat waren de redenen voor de split?
Pierre: De islam.
Laurent: Seksverslaving.
Thomas: Ik wil graag mijn moeder bedanken om me als kleine broer gegeven te hebben aan mijn zus die heel goed viool speelt. Ik hou heel erg van haar.
Sarah: Geld, ambitie en zin in iets anders. Niemand wou onze tweede plaat financieren. Journalisten en publiek hadden ons graag, maar de platenlabels niet. We waren ondefinieerbaar, maar niet onbreekbaar.
Hoe heeft de groep zich hervormd na ongeveer 20 jaar voor het Saint-Louis Festival?
Pierre: Twee gealcolisserde muzikanten zijn naar een herinneringsfeest gegaan.
Laurent: Onze grootste fan van weleer heeft zijn huis verpand en zijn vrouw geprostitueerd om ons om te kopen, en omdat we nog twijfelden is hij tot chantage met zelfmoord overgegaan.
Thomas: Het is eenvoudig: om zich te hervormen zijn ze terug samengekomen. Het is het facebook-effect, zoals met de arabische lente. Het is trouwens sinds een paar dagen lente in België, en we houder er wel van.
Sarah: Toen we elkaar terugzagen en samen speelden was het alsof we elkaar de dag voordien uit elkaar gegaan waren. Ik geloof dat La Vierge du Chancelier Rolin eigenlijk nooit gesplit is.
Is er een kans op een heruitgave van de cd of een nieuwe compilatie?
Pierre: Cd’s verkopen niet meer.
Laurent: Behalve bij Cash Converters.
Thomas: Ik begrijp de vraag niet.
Sarah: In sha allah.
Hebben jullie nog gezamenlijke projecten na deze uitzonderlijke reünie?
Pierre: Uiteraard niet. We gaan het daar niet bij laten. We hebben al een nieuwe afspraak gemaakt binnen 20 jaar.
Laurent: Maar niet op vrijdag, dan ga ik zwemmen.
Thomas: Ik ben eruit gezet voor Saint-Louis. Ik geloof dat het al heel uitzonderlijk zou zijn indien we heelhuids door deze reünie geraken.
Sarah: We moeten eerst zien of er deze keer publiek op zal afkomen.
22 april 2017: Concert op het Saint-Louis Festival
30 april: La Vierge du Chacelier Rolin & Friends (The Imaginary Suitcase, Lohn, Sitoid)
Militia: New European Order
Ik twijfel. Is dit nu een heruitgave of niet? ‘New European Order’ is natuurlijk bekend als het debuut van Militia uit 1996. Er was vraag naar een heruitgave, maar de groep vond dat het hetzelfde vandaag veel beter kan dan toen en daalde af in de ondergrondse studio SubTerra om alles netjes terug op te nemen.
Bovendien durft de groep erg afwijken van de originele versies die ze destijds opgenomen hebben. Het titelnummer lijkt volledig nieuw, andere nummers werden voorzien van extra metaalpercussie en sampels en zelfs de volgorde van de nummers werd lichtjes gewijzigd. En dus is dit misschien gewoon een nieuwe plaat die gebaseerd is op de illustere voorganger.
Militia zag het levenslicht in 1989, als uitloper van een radioprogramma dat ‘Radio Militia’ heette. In dat programma van Frank Gorissen mochten muzikanten live hun ding doen. Saxofonist Jo Billen was één van de muzikanten die langskwam. Het klikte zo goed dat Gorissen en Billen samen Militia oprichtten. Billen hield het later voor bekeken, maar valt toch te horen op deze (her)uitgave.
De originele versie van ‘New European Order’ verscheen in een box met twee lp’s en een single, in de lijn van de aandacht die Militia altijd al gehad heeft voor de verpakking van hun uitgaven. Deze keer is dat een wat conventionelere, maar niet minder mooie digipack met foto’s van oorlog en industrialisering.
Bij Militia ging het nooit enkel om de muziek. ‘New European Order’ was het eerste luik van de ‘Militia Statement’-trilogie, dat het eco-anarchistisch denken van de groep zou uiteenzetten. De trilogie werd voortgezet met ‘Nature Revealed’ uit 1998 - dat het ecologische aspect benadrukte - en uiteindelijk ‘The Black Flag Hoisted’ uit 2000, vol van verwijzingen naar de anarchistische geschiedenis.
Opener ‘Natura Magica’ is een uitgestrekt ambient-nummer gebleven met minimale percussie, en op verschillende nummers is de sfeer ronduit dreigend. Wie van wilde klingel-klangel houdt wordt op deze dubbelaar eveneens op zijn wenken bediend. Ondanks de onconventionele instrumenten heeft het vaak veel weg van mars- en strijdliederen. De sloganeske teksten en sampels geven de muziek een extra radicale inslag.
Militia heeft een paar keer aangekondigd er een eind aan te willen maken. Die wil is er nog steeds, maar er staan nog een paar projecten op til die afgewerkt dienen te worden. Zo zou ook ‘The Black Flag Hoisted’ dezelfde behandeling krijgen als ‘New European Order’, er werd een benefietcompilatie voor politieke vluchtelingen uit Noord-Korea beloofd - een reactie op het omstreden optreden van Laibach in de geïsoleerde tirannie - en is er een concept-cd over de strijd van Ambiorix tegen de Romeinse bezetting gepland.
We hopen dat deze van dezelfde kwaliteit zullen zijn als de huidige (her)uitgave, en blijven dus hunkeren naar meer. Einstürzende Neubauten, Test Dept., SPK… het zijn de groepen waar Militia vaak mee vergeleken werd, en een lijstje waarin ze ook thuishoren. Bij de top van de industrial, dus.
zaterdag, oktober 07, 2017
Baby Fire: Gold
Dominique Van Cappellen-Waldock streeft er al heel haar leven naar om een zuivere meidengroep op te richten. Een mooie betrachting, maar niet zo eenvoudig. Zo herinneren we ons het verhaal van Dominiques vorige groep Naifu, oorspronkelijk een vrouwelijk viertal, waarin Dominique na een tijdje als enig stichtend lid door mannen omringd werd.
Zelfs Baby Fire moest er een tijdje aan geloven. Dominique - die zich in deze groep Diabolita laat noemen - werd in dit project lang vergezeld van drumster Cha. Samen maakten ze twee erg goede cd’s, maar na het fantastische ‘The Red Robe’ zag Cha zich genoodzaakt om de groep te verlaten omdat ze in te veel groepen drumde. Een tijd lang moest Dominque zich verzoenen met Alinovsky aan de drumstokjes, een man die evenwel ervaring had opgedaan in Tuxedomoon, Digital Dance en The Durutti Column.
Doch dit euvel is intussen verholpen. Sinds een tijdje heeft Dominique niet één, maar twee vrouwen gevonden die in de groep wilden meespelen. Isabel Rocher neemt thans plaats achter de drums en Gaby Séguin ‘bemant’ de bas. Alinovsky mag als troost als gastmuzikant wat toetsen bijdragen.
Nu was ik even bang dat de toevoeging van een bas een grote verandering in het geluid zou veroorzaken, een minpunt aangezien ik de minimale combinatie van enkel gitaar en drums erg geslaagd vond op de vorige cd’s. Na beluistering van deze ‘Gold’ dien ik iedereen gerust te stellen. Het geluid van Baby Fire - de naam verwijst naar een uitspraak van pyromaan en seriemoordenaar Ottis Tool - klinkt nog steeds even hol en leeg. Hol en leeg en ongelooflijk intens, als een sirenezang die je tot een plek van ondoorzichtelijke duisternis lokt.
Want net als bij de vorige cd’s valt er niet te lachen met Baby Fire, of het is groen lachen van angst en pijn. De teksten zijn alweer een orgie van dood, moord, bloed, messen en scalpsels. ‘Burning Body, Burning Bed’ stelt op een vrij monotone deun de geperverteerde ziel van Diabolita voor. In het nummer moet een brandend lichaam in lakens en dekens gehuld worden, waarna het bed geblust moet worden zodat het huis niet zou afbranden. Een titel als ‘Let It Die’ spreekt denk ik voor zich. ‘Brussels’ is een pessimistische reflectie over - wel ja - Brussel (en zou nog een remix moeten krijgen door niemand minder dan ex-Bad Seed Hugo Race).
De gitaarlijnen van Diabolita zijn nog steeds vervloekt eenvoudig, maar zij zijn het skelet waarond bas en drums zich kronkelen om het geheel nog intensiever te maken. We horen erg vaak toetsen die de sfeer van verdoemenis totaal maken, zoals op ‘Tiger Heart’. Op ‘Gold’ mag Cécile Gonay alias Seesayle getormenteerde vioolklanken laten weergalmen, hetgeen met nog meer effect herhaald wordt op ‘Liver’, dat een grandiose tekst heeft meegekregen (in the slow hours of the night, shadows stretch like a cat).
Kevin R. Thompson van The Enablers levert slidegitaar voor het nummer ‘How Do I Love Thee’, dat met de zin ‘now I feel I should follow you into the furnace’ de drang naar totale overgave aan een geliefde verwoordt, en vooral de manier waarop die wanhopig en destructief kan worden. Op ‘The Salamander’ mag Pierre Vervloesem een tandje bijsteken op gitaar, en deze man - die eerder al met dEUS en Flat Earth Society samenwerkte - verdient een pluim omdat hij deze cd prachtig geproduced heeft.
‘Depletion of Melancholy’ boort wat er u nog rest aan hoop na het beluisteren van ‘Gold’ vakkundig de grond in. Ook al klinkt de slotzin ‘I love life’ door merg en been, het is niet het gevoel dat overheerst als de cd afgelopen is. Ik vestig nog even de aandacht op de heel erg geslaagde hoes van de hand van Alice Smith. Een hoes die niet alleen mooi op zich is, maar ook aansluit bij de vele verwijzingen naar het lichaam in de teksten van Diabolita.
Toegegeven, Baby Fire is geen licht verteerbare kost. Na het beluisteren van de cd blijf je nog even met een leeg en ongemakkelijk gevoel achter. We gaan ‘Gold’ dan ook enkel aanraden aan mensen die werkelijk pessimistische en donkere muziek kunnen waarderen, maar als u op deze site beland bent is de kans groot dat u daarbij hoort. Wij vinden het alvast een uitstekende plaat.
I gathered all the pieces of my broken soul
Stumbled across the garden
To the edge of the pond
I threw the shreds in the water
Ground Nero: Onze songs gaan over zware thema’s: eenzaamheid, depressies, alcoholisme, burn-outs... kortom: problemen die voor vele mensen een enorme kwelling betekenen.
Ground Nero bestaat nog niet zo lang en heeft zonet zijn debuut-ep ‘Beyond’ uitgebracht. Een schot in de roos, mogen we wel zeggen, want de groep – die zich onbeschaamd in de traditie van jaren 80-grootheden als Killing Joke, Bauhaus, The Sisters of Mercy en vele anderen plaatst – mag binnenkort diverse podia onveilig maken en wordt op gespecialiseerde radioprogramma’s in binnen- en buitenland gespeeld.
Gefeliciteerd met jullie debuut-ep. We vinden hem uitstekend. Hoe voelen jullie zich zelf bij de uitgave?
Van harte bedankt! Het is bovendien nog eens super fijn om dit van de kenners van het genre te mogen horen. Wij zijn uiteraard enorm blij dat onze EP binnen en ook vooral buiten de landsgrenzen zeer goed wordt ontvangen, want je kan dan nog zo overtuigd zijn van je werk, het moet toch altijd weer bij het publiek in de smaak vallen.
De reden waarom wij hem al zo vlug uitgebracht hebben heeft vooral te maken met het feit dat we hierdoor op talloze “dark wave/gothic”-zenders in Europa airplay konden krijgen en zo onmiddellijk ook de feedback van de luisteraars. Dus in die zin is dit voor ons een bevestiging van de richting die we willen uitgaan. Tegelijk is dit ook de motivatie om onze songs voor het komende album nog een heel stuk te optimaliseren.
Met de muziek die jullie maken zullen jullie zeker het verwijt of het compliment krijgen dat jullie erg jaren 80-geluid klinken. Hoe bewust is dat en hoe gaan jullie daarmee om?
Wij willen bewust authentiek 80-ies coldwave klinken, dat zit in ons DNA en dat willen we geenszins onder stoelen of banken steken. Integendeel, wij zijn er fier op. Elke generatie heeft haar stijlrichtingen, maar dat wil niet zeggen dat die daarom achterhaald zijn. Als dat zo zou zijn, dan hoeft Green Day ook geen punk en Metallica geen metal meer te spelen, om nog te zwijgen van blues, jazz, enz. die nog veel ouder zijn. En aan de mantra “het moet vernieuwend zijn” hebben we al helemaal geen boodschap, want dat is puur snobisme. Voor ons moet muziek gewoon goed zijn, punt. Het maakt niet uit welk genre. Op grote events als Sinner’s Day komen rond 7000 zwartjassen opdagen om naar de oude gloriebands te komen kijken. Ik neem aan dat ze er niets op tegen zouden hebben een nieuwe band te leren kennen die hun geliefde sound terug laat herleven.
De groep komt eigenlijk voort uit Von Durckheim - een referentie naar de nazistische zenboeddhist Karlfried von Durckheim? - waar gitarist Peter Smeets en bassist Peter Philtjens reeds in speelden. Vertel eens meer over die groep?
Toch niet. Het was Emile Durkheim, een Franse socioloog, psycholoog en filosoof, die o.a. bekend staat voor zijn onderzoek naar de zelfmoordaantallen in katholieke en protestantse middens, en dit in relatie tot de sociale controle hierin. Alleen Peter Smeets maakte deel uit van Von Durckheim, maar ook niet heel de tijd. Een van de meest bekende optredens van Von Durckheim was in 1983 in de Kwint in Zonhoven. Er waren toen 4 groepen die optraden: Von Durckheim, Siglo XX, O-Veux en Red Zebra. Later zijn er nog andere bezettingen binnen Von Durckheim geweest, en de stijl veranderde ook.
Voor Ground Nero hebben jullie een bijzondere zanger gerekruteerd: Gwijde de Eerste. Hij was in de jaren 80 zanger bij Portrait Bizarre. Hoe zijn jullie bij hem terechtgekomen?
Peter Smeets kende Portrait Bizarre vanuit het verleden, maar het was op aangeven van Peter Philtjens, onze bassist, dat hij toen op zoek is gegaan naar Gwijde, die op dat moment op non-actief stond wat muziek betrof. Bij onze eerste ontmoeting was het dan ook onmiddellijk raak. De stem van Gwijde, die we nog van Portrait Bizarre kenden, was onnoemelijk veel zwaarder geworden. Echt de stem die we eigenlijk zochten voor de Nero sound…en bovendien, het klikte onmiddellijk.
Een ander lid is onze eigenste Dark Entries-redacteur en radiopresentator Danny Quetin. Wij vragen ons nog steeds af wat hij bij jullie doet…
Danny was eigenlijk al bij Ground Nero betrokken vóórdat de band überhaupt bestond!
Peter Smeets was (en is) fan en trouwe luisteraar van zijn radioprogramma De Dag des Oordeels en had zijn zoektocht naar nieuwe bandleden voor zijn nieuwe Dark-Wave band op de FB-pagina van De Dag des Oordeels bekend gemaakt. Dus kan je eigenlijk zeggen, dat De Dag des Oordeels als meest bekende Dark-Wave en Post punk programma in België een heel belangrijke schakel was bij het ontstaan van Ground Nero.
Danny heeft ons dan ook van heel kortbij gevolgd en omdat hij heel erg in ons geloofde hebben we hem gevraagd om ons sound-management bij onze gigs en repetities over te nemen.
De hele ep is te beluisteren op YouTube, met vrij mooie visuele montages. Vanwaar deze opmerkelijke en erg lovenswaardige keuze?
Onze songs zijn voor een stuk autobiografisch en gaan over zware thema’s: eenzaamheid, depressies, alcoholisme, burn-outs, familiale drama’s, kortom problemen die voor vele mensen een enorme kwelling betekenen, mensen die hierin wegkwijnen. Wij willen met onze muziek die mensen bereiken en hen met de nodige empathie, als het ware, troosten. (H)erkenbaarheid is hier het trefwoord. Het is voor ons ook de essentie van de cold wave, niet zozeer het cosmetische: de zwarte kleding enz. Maar wel de empathie voor mensen die het moeilijk hebben in het leven. Door onze muziek en teksten willen we hun het gevoel geven dat ze niet alleen zijn. De beelden en sferen, die wij in onze video’s gebruiken moeten dit allemaal ondersteunen. De klanken en teksten moet samen met de beelden de juiste associaties oproepen, zodat de mensen achteraf hun hart weer voelen kloppen. Shiver & Shake.
Jullie verwijzen naar het Limburgse mijnverleden als verklaring voor de duisternis van jullie muziek. Weegt dat verleden nog zo zwaar op jullie?
Het is onze bakermat, en onder andere de vader van Peter Smeets heeft ooit nog in de mijn gewerkt. Er is ook de referentie naar het “gloomy” Manchester van die tijd, waar groepen als Joy Division vandaan kwamen. Het was een gelijkaardige sfeer van “uitzichtsloosheid” dat ons in de jaren 80 getekend heeft. Dat blijft in je hangen, en als je in die tijd begonnen bent met cold wave muziek te maken, dan raak je dat nooit meer kwijt. Het is voor iemand die geen “zwartjas” is heel moeilijk uit te leggen. Die cultuur, dat gevoel, die expressie, de empathie, de herkenning… Voor velen was dit slechts een modeverschijnsel verbonden aan een muziekstijl. Voor ons is dit veel meer…een way of life.
Jullie hebben de nieuwe ep al voorgesteld in Rijsel. Hoe is dat gegaan?
Het was een klein, intiem gebeuren, maar met een fantastisch, heel erg warm publiek, dat blijkbaar onze songs (tot onze verbazing) al kende en bijgevolg stevig meedanste.
We hebben wel wat soundprobleempjes gehad door de decibelmeters die in Frankrijk automatisch ingeschakeld worden, maar dat weten we nu ook weer voor de toekomst.
De toekomst, inderdaad. Hoe zien jullie die?
Dat is een heel goede vraag. Wij zijn ons ervan bewust, dat we ons in een niche bewegen. Wij zijn geen popband, die grote zalen in Belgie kunnen vullen. Bijgevolg moeten we ook buiten de landsgrenzen gaan, om ons doelpubliek te bereiken dat over heel de wereld verspreid is. Vandaar dat we ook heel blij zijn dat we o.a. door post punk / dark wave radio stations zoals “Die Seele” en Mick Mercer Radio Broadcast gedraaid worden. Ons doel is het om, uiteindelijk op de grote postpunk/Dark Wave en Gothic Rock podia te geraken: WGT, Mera Luna, Amphi, en wie weet misschien ooit ook Sinner’s Day.
Ground Nero
Labels:
Belgisch,
Dark Entries,
Wave en Goth
Ground Nero: Beyond
Ground Nero hoort manifest bij de cold wave, post punk en gothic rock. Dingen die we associëren met de jaren 80 maar die mij toch als een bries frisse lucht tegemoet komen. Muziek waar ik al lang naar hunkerde en waar ik nu mijn vingers aan kan aflikken.
‘Frisse lucht’ is misschien wat misleidend, daar de muziek van Ground Nero eigenlijk zwaar en donker is. Maak er frisse lucht in een donkere, stormende nacht van. Jij zit warm en veilig verscholen, terwijl je aanschouwt hoe brutaal de wereld om je heen is. Het is een intense ervaring, waarvan de melancholie onweerstaanbaar is.
Ground Nero werd opgericht in juni 2015 door Peter Philtjens en Peter Smeets, die respectievelijk bas en gitaar voor hun rekening nemen. De heren voelden evenwel aan dat hen nog iets ontbrak. Een stem en een voorman. Hun zoektocht leidde tot Gwijde de Eerste, een man die zijn sporen in de jaren 80 had verdiend bij Portrait Bizarre. De sinistere en diepe stem van Gwijde bleek perfect te passen bij de scherpe gitaren van de twee Peters, en voegde zelfs nog een extra scheut duisternis in de mix.
Danny Quetin - die naast Dark Entries-redacteur ook het succesvolle radioprogramma De dag des oordeels presenteert op radio VRD - hoorde over Ground Nero, en na een paar informele contacten kon hij een repetitie bijwonen van de group. Zonder de groepsleden te verwittigen nam hij die avond een aantal nummers op, en vroeg daarna of hij die mocht uitzenden in zijn programma. En ja hoor, iedereen was erg tevreden over de opnames en ze werden al snel gedeeld op het wereldwijde web.
Het was eveneens Danny Quetin die zorgde voor het eerste optreden van de nieuwe formatie, op zijn eigenste Judgement Fest, het jaarlijkse verjaardagsfeestje van De dag des oordeels in juni 2016. We waren toen getuige van een uitstekend concert door een groep die reeds goed op elkaar afgestemd was. De vruchtbare samenwerking leidde ertoe dat Danny gevraagd werd om de groep te vervoegen als vaste geluidsman.
Men liet er geen gras over groeien, want nog geen zes maanden later staat de debuut-ep ‘Beyond’ er. En hij staat als een huis. Vanaf opener ‘Run From Your Relatives’ horen we hoe de gierende gitaren van Smeets gecombineerd worden met donkere ondersteunende bastonen en een strakke drummachine die ook ijle en ijskoude synths produceert. Als dan nog de grafstem van Gwijde de Eerste intreed, grijpt het geluid je bij de keel.
‘Arctic World’ laat de temperatuur nog een paar graden dalen. De riffs van Peter Smeets domineren alweer. In het nummer bezingt Gwijde de Eerste de ijzige wereld waarin hij zich bevindt alsof hij de eenzaam achtergebleven tweelingbroer van Ian Curtis is. ‘The Trouble Beyond’ heeft wellicht de naam van de plaat bepaald, en lijkt een nieuwe dimensie te geven aan het begrip gothic rock.
‘The Ban’ gaat verder waar ‘The Trouble Beyond’ ons achtergelaten heeft, en bevat nog meer onheilspellende berichten. ‘Beware, your integrity could be a weapon to kill yourself’. Yep, we zijn op onze hoede. ‘Dark Descent’ sluit de plaat af met een afwisseling van ingetogen gezongen stukken en bombastische synths. De cirkel is rond.
Jazeker, dit is donkere muziek. De groep steekt het ook niet weg. In een recent interview met ons magazine weidden ze uit over de thema’s van de teksten: ‘eenzaamheid, depressies, alcoholisme, burn-outs, familiale drama’s, kortom problemen die voor vele mensen een enorme kwelling betekenen, mensen die hierin wegkwijnen’. Maar het is ook helend bedoeld, als een soort catharsis, want: ‘Wij willen met onze muziek die mensen bereiken en hen met de nodige empathie, als het ware, troosten.’ Dat is nu eens erg attent van jullie, jongens. Dank jullie wel.
Over deze plaat valt weinig slechts te zeggen. Mijn grootste kritiek is dat hij slechts vijf nummers bevat. Dat is geen reden om hem niet te kopen, maar wel om te hopen dat er snel een opvolger komt.
‘Beyond’ is uit op vinyl en kan ook digitaal beluisterd en gedownload worden op Bandcamp.
zondag, oktober 30, 2016
Messier 39: Coil
Messier 39 is een relatieve nieuwkomer, en maakt muziek die zonder twijfel als minimal wave gecategoriseerd mag worden. Het is een duo bestaande uit een toetsenist en een zangeres, maar verder doen ze heel erg hun best om niet in clichés te vervallen.
Aan de toetsen en de programmatie vinden we Jan Vinoelst. Hij speelde al sinds de jaren 80 in verschillende post-punk en new wave-groepen. Later concentreerde hij zich op zijn eigen muziek. Hij maakte aangename electro met zijn eenmansproject Cape Sidereal, waarvoor hij ook samenwerkte met zangeressen als CountessM (Verenigde Staten) en Kriistal Ann (Griekenland). Daaruit vloeide de wil om terug in een vaste groep te spelen.
Jan zette een oproep op facebook, en Ludwika Jakubowska antwoordde erop. Ludwika is een Poolse kunstenares die in Amsterdam woont. Ze schildert, schrijft poëzie, maakt sieraden en houdt performances. Jan vond haar stem goed passen bij zijn muziek, en zo ontstond Messier 39.
‘Coil’ is de eerste uitgave van Messier 39, en kwam een paar dagen voor het eerste optreden van de groep op het Black Planet Fest uit. De tien fysieke uitgaven waren daar op een minimum van tijd uitverkocht, en ik ben blij er één van in huis te hebben. De ep is vooral als een voorstelling bedoeld, als een aanloop tot de LP die dit jaar nog op vinyl zou moeten verschijnen.
‘Coil’ weet anders wel te overtuigen, en dat met amper vier liedjes. De groep weet banale ritmes te vermijden, en dat is op zich al opmerkelijk in de minimal wave. Ook valt op hoe de begeleiding in één enkel stuk kan evolueren van dikke lagen synth tot heel minimale bastonen en tikkende ritmes, of van trip hop naar pure noise. Een progressieve aanpak, dus, en daar zijn we erg over te spreken. Jan is iemand die heel creatief omgaat met zijn instrumenten en hij weet dat een nummer steeds verschillende goede ideeën moet bevatten.
De mysterieuze teksten en de hoes zijn van de hand van Ludwika. Zinnen als ‘The sun didn’t do it’s job today’ of ‘it’s the borderline between art and insanity’ vinden we uitstekend, al kunnen we niet steeds een betekenis aan vastknopen aan haar hersenspinsels. Hoe dan ook willen we meer van deze groep horen, en tenzij de zaken ernstig mislopen zal dit vrij snel ook het geval zijn.
Black Planet Fest: hogere sferen...
Een zuiver elektronische bedoening, deze tweede editie van Black Planet Fest. Een zuiver Belgische affiche en zuiver kwalitateit. Het bewijs dat je niet altijd ver moet gaan zoeken om goede groepen te vinden en een geslaagd evenement op te zetten.
Alhoewel, voor mij is de B52 in Eernegem al behoorlijk ver, en het viel dan ook op dat Black Planet Fest voornamelijk een West-Vlaams onderonsje was. Toch kunnen we enkel enthousiast zijn over de programmatie van de zaal. Binnenkort spelen onder meer No More en Christian Death er, en bijna elke week valt er iets te beleven. West-Vlaanderen was trouwens ooit het mekka van de Belgische goth-sien, en het is fijn om te zien dat er hier nog heel wat aanhangers van de donkere zijde rondlopen.
Messier 39 zoekt het graag in hogere sferen. Hun naam verwijst naar een open sterrenhoop - een groep sterren die uit dezelfde moleculaire wolk ontstaan zijn en zich dicht bij elkaar bevinden - in het sterrenbeeld Zwaan. De muziek begint kalm en atmosferisch, met zachte synths en breakbeats, waarop weldra ook de diepe donkere stem van Ludwika Jakubowska weerklinkt.
Messier 39 weet een intiem claustrofobisch sfeertje te scheppen waarin het warm en geborgen angstig en eenzaam zijn is. De programmatie van Jan Vinoelst en de stem van Jakubowska doen me onvermijdelijk denken aan Keluar, en dat is voorwaar een mooie referentie. Dit is het eerste optreden van Nederlands-Belgische duo, maar hopelijk nog lang niet het laatste. Ik zie hen nog tussen de groten in het genre terechtkomen. De tien exemplaren van hun uitstekende debuut-ep ‘Coil’ waren alleszins meteen uitverkocht.
Story Off brengt ons terug op aarde, met alle ellende die ermee gepaard gaat. Doemdenken op een minimaal elektronisch bedje, zoals Absolute Body Control het destijds ook placht te doen. Onheilszwanger en dansbaar, alsof we al dansen de apocalyps tegemoet gaan. Frontman Chesko moet de dag erna ook optreden ook optreden met Der Klinke, maar dat is voor hem meer een darkwave project, dat de komende tijd - net omdat Chesko zij elektronisch ei al kwijt kan in Story Off - meer richting postpunk zal evolueren.
De set bestaat grotendeels uit werk uit het debuut ‘Amazing Conversations’ uit 2014, maar er is plaats voor nieuwere nummers en covers. De nieuwe single ‘Life On Other Planets’ - waarin Chesko zich afvraagt of buitenaardse wezens even dom als wij zouden kunnen zijn - brengt ons weer even in hogere sferen. We moeten even denken aan het vooruitgangsoptimisme van Juan Posada, een Argentijnse trotskist die beweerde dat buitenaardse wezens die de aarde zouden bereiken wellicht zo ver geëvolueerd zouden zijn dat ze het stadium van het socialisme reeds bereikt moeten hebben. Iets om naar uit te kijken dus, tenminste als u de dialectische hersenkronkels van Posada volgt.
Story Off heeft het ritme langzaam aan opgedreven, en dat leidt ons tot IC 434. Ook zij zoeken het in hogere sferen, want de IC 434 is een gaswolk in het sterrenbeeld Orion waarvoor zich de paardenkopnevel uitstrekt, een buitengewoon schone nevel waarvan de afbeelding op het bovenste deel van een lopend paard lijkt. Maar waar Messier 39 vanavond ongetwijfeld hun eerste optreden gaven, zou dit wel eens het laatste optreden van IC 434 kunnen zijn. Geert de Wilde laat al immers duidelijk weten dat hij de optredens beu is en zich liever wil concentreren op het organiseren van fuiven. Maar de organisatoren van Black Planet vroegen het hem met zoveel liefde en warmte dat hij deze keer onmogelijk neen kon zeggen.
Eens hij op het podium staat gaat de Wilde voluit. ‘Bacteriate’ klinkt als een strijdlied, en het publiek gaat er volop in mee. Alsof het nog niet warm genoeg is in het zaaltje van de B52, stomen en zweten de dansende lichamen weldra tierig. IC 434 schakelt de dark electro nummers aaneen, nummers die de ene keer maatschappelijk geëngageerd zijn, dan weer heel persoonlijk. Het is moeilijk in te denken dat de groep die hier vanavond de pannen van het dak speelt het morgen misschien voor bekeken houdt. Maar indien het een afscheid is, dan is het er eentje in schoonheid. Van mijn kant zeg ik u geen vaarwel mijn vriend, wij zien elkander weer.
Les Panties: Cold Science
Lange tijd was Les Panties de post punk belofte in België. Ze hebben een paar schitterende optredens en uitgaven gemaakt, en menig promoter had ingezet op hun doorbraak. Het heeft helaas niet mogen zijn, want eerder dit jaar hield de groep het voor bekeken, net voor hun optreden op Black Easter. De groep heeft uiteindelijk een single en twee ep’s op haar actief, en die werden nu mooi gebundeld op ‘Cold Science’.
Les Panties zag het licht aan het eind van de jaren 80, als drie tieners - Xavier en Hugo Fernandez op respectievelijk bas en drum en Vincent Lachenal op gitaar - samen begonnen musiceren, beïnvloed door The Cure, Joy Division, A Place To Bury Strangers en Magazine. Meer dan wat aanmodderen en wat demo’s op cassettes opnemen deed het trio niet, en de groep stierf een stille dood, zonder optredens of uitgaven.
Het verhaal van menig schoolgroepje, ware het niet dat de drie het project in 2008 een tweede kans gunden. Ook dat verliep aanvankelijk niet vlot, tot men op zoek ging naar een frisse stem. Die vond men in Xaviers vriendin Sophie Frison, een actrice die destijds ook programma’s presenteerde op de Franstalige zender RTBF.
Haar stem bleek de ontbrekende schakel te zijn waar men op zoek naar was. Het duurde nog tot 2011 voor de eerste single uitkomt: Porkshop/Westie, maar die was meteen erg geslaagd. Het is via een optreden op de Fantastique Night dat de groep in de zwarte sien bekendheid kreeg, ook al richtte ze zich zoals vele postpunkgroepen niet exclusief op deze sien.
Volgde een periode van stilte en personeelswissels - en een naamwisseling voor Xavier Fernandez, die zich voortaan Paul Normann liet noemen - alvorens de groep op de proppen komt met een prachtuitgave: de ‘No Run’-ep uit 2014. Slechts 100 exemplaren op cassette kwamen ervan uit, en die zijn nu voer voor verzamelaars. De vier nummers van de ep - ‘L’Arrivée’, ‘The Gate’, ‘Diving’ en ‘Factory’ - zijn stuk voor stuk pareltjes.
Om het geluid te doen werden grote namen als Mark Plati (David Bowie, The Cure, Hooverphonic), Ian Capple (Alain Bashung, Schriekback, Tindersticks) et Gilles Martin (Tuxedomoon, Breath Of Life, dEUS) aangetrokken. Er valt dan ook niets op aan te merken. De nummers hebben een kil en paranoied gevoel, maar zijn eveneens erg aantrekkelijk in hun melancholie. ‘No Run’ is ongetwijfeld het hoogtepunt uit het werk van Les Panties.
Een man die de groep ook opgemerkt had was James Nice, beheerder van Les Temps Modernes, Factory Benelux en Les disques du crépuscule. Hij nam contact op met de groep met het oog op een uitgave, maar die mondden helaas niet uit. Optredens volgden elkaar op - onder andere op onze Dark Entries Nights, waarvan de affiche zelfs in het boekje van ‘Cold Science’ opgenomen is - en de populariteit van de groep bleef groeien.
De groep bleef verder in eigen beheer werken, en in 2015 kwam de ep ‘Here And Now’ uit op vinyl, met een prachtdesign. Ian Caple - waarmee de groep al samenwerkte op ‘No Run’ - stond in voor het geluid. Er was een duidelijke evolutie merkbaar. Het geluid was warmer en elektronischer, maar ook de stem van Sophie Frison klonk meer sensueel. De plaat wordt goed ontvangen, maar toch iets minder enthousiast dan ‘No Run’. Persoonlijk hield ik meer van de kilte van ‘No Run’, waarop Frison als de dochter van Siouxsie en Nico klonk. Maar bovenal hadden velen gehoopt op een volledige plaat van Les Panties, en die werd alweer uitgesteld.
Is het mogelijk dat ‘Here And Now’ niet het verwachte succes oogstte en dat dit de ontbinding van Les Panties in gang heeft gezet? Dat kunnen we onmogelijk achterhalen, want de leden houden de lippen stijf op elkaar over de split. ‘Here And Now’ was ondanks alles een mooie opvolger voor ‘No Run’. De nummers uit deze ep staan gespreid tussen de andere nummers, in tegenstelling tot de single en ‘No Run’ die als een geheel op de cd verschijnen.
Het is James Nice - een man die ondanks de moeilijke onderhandelingen bleef geloven in Les Panties - die na het uiteenvallen van de groep besloot dat er een retrospectief moest verschijnen, en wij gaan hem daarin geen ongelijk geven. Alles wat officieel uitgegeven werd - en daar zit werkelijk geen enkel slecht nummer bij - staat op ‘Cold Science’. Alleen spijtig dat deze groep - die zeker en vast had kunnen uitgroeien tot iets groots - het niet verder geschopt heeft.
Labels:
Belgisch,
Dark Entries,
Wave en Goth
vrijdag, oktober 28, 2016
Alkerdeel: Lede
Ik die er doorgaans prat op ga een hekel te hebben aan alles wat oranje kleurt, moet deze keer toegeven dat ik verbijsterd ben door de hoes van de nieuwe Alkerdeel. Niet alleen omdat het visueel heel sterk is, maar ook omdat het de essentie van de nieuwe plaat van de Zomergemnaars perfect weergeeft. ‘Lede’ klinkt alsof de duivel een vettige, stinkende scheet recht in uw gezicht lost, en wees gerust dat die stank niet meteen zal verdwijnen.
En toch moeten we u aanraden om uw oor te luister te leggen bij dit viertal, zeker als u kickt op black metal, doom en sludge. Ik moet toegeven dat dit mijn eerste kennismaking is met Alkerdeel, maar wat een kennismaking… Vriend en vijand zijn het blijkbaar eens dat ‘Lede’ het voorlopig meesterwerk van de groep is. De plaat ziet de groep ook wegebben van drones en sludge en de richting uitgaan van zware black metal met progressieve tintjes. (Producer Frederic Segers van progrockers Stadt zal dat laatste zeker niet ontmoedigd hebben.)
De vorige volledige cd van de groep - ‘Morinde’ - dateert alweer van 2012, en als ik de vergelijking maak lijkt het geluid hier nog iets beter. Vrees niet als je dit leest. ‘Lede’ klinkt nog steeds ranzig en vuig, en de muziek is zoals steeds volledig live opgenomen in één enkele sessie. Over de rochelende grunts van zanger Jeroen Pede - ook verantwoordelijk voor de prachtige hoes en poster bij de cd - zal ik de fans niet horen klagen, net zomin als over de giftige gitaren en de knallende drums. En de bas brengt melodische accenten die kenmerkend zijn voor het geluid van Alkerdeel.
De plaat bevat 5 nummers, maar eigenlijk maken de eerste drie nummers gewoon deel uit van een lange compositie ‘Regardez ses yeux’. Het tweede deel van het drieluik bevat een dialoog uit de film ‘Martyrs’ uit 2008, dat wellicht een deel van de inspiratie van de groep onthult. Na deze lange, enigszins psychedelische excursie krijgt u met het titelnummer een staaltje rechtoe-rechtaan black metal van de meest agressieve soort. Het slotnummer ‘Gråt Deleenaf’ verscheen eerder op één van de split-cd’s die Alkerdeel de afgelopen jaren gemaakt heeft, en is een uitgestrekt nummer dat evolueert van atmosferische geluiden naar psychedelische metal en waar ook ConSouling-labelgenoot Gnaw Their Tongues deelplichtig aan is.
Wellicht voelt een stinkend en vuil muzikaal modderbad niet voor iedereen aan als een op te doene ervaring, maar ik heb het gevoel dat het beluisteren van ‘Lede’ net een veel grondigere zuivering inhoudt dan u van vele ‘propere’ muziek kan verwachten.
Hedera helix: Pastiche
Olifanten zijn zeer intelligente beesten, misschien wel intelligenter dan mensen. Ze hebben bijvoorbeeld nooit zoiets als een ‘werkweek’ uitgevonden. Dat komt deels omdat de zwangerschap van olifanten bijna twee jaar duurt, waardoor de hersenen van de babyolifant - jongens meisjes aan de kant - maximaal kunnen ontwikkelen.
Met dit in het achterhoofd begrijp je best dat de draagtijd voor de gemiddelde electro-cd veel korter is dan voor een ‘intellectro’-cd. Hedera helix - en dat is voorlopig de enige intellectrogroep die we kennen - heeft er dertien jaar over gedaan om met de opvolger van hun debuut ‘Dolce’ uit 2003 op de proppen te komen.
Vandaar dat ik toen ik een recensie schreef van de promo die Hedera helix in 2014 maakte met 7 nummers - waarin ik besloot dat dit eigenlijk al een afgewerkte en uitstekende cd was - van zanger Oscar Valerius Kandinsky te horen kreeg dat dit een ‘prematuurtje’ was. Er staan uiteindelijk dertien nummers op ‘Pastiche’, goed voor één compositie per jaar sinds 'Dolce'.
Het is natuurlijk niet zo dat Hedera helix 13 jaar intens aan ‘Pastiche’ heeft zitten werken. Ze hebben in de tussentijd zelfs even de groep stopgezet, maar dat hebben ze gelukkig niet lang volgehouden. Toch bevat deze cd nummers die over een heel lange tijd ontstaan zijn, en het is verrassend dat ze toch tot een samenhangend geheel zijn geworden. Misschien is dat ook één van de redenen waarom het zo lang geduurd heeft.
Hedera helix heeft goed begrepen dat het leven absurd is, en ze doen er nog een lap bovenop. Centraal staan de Nederlandstalige teksten - nu en dan gelardeerd met stukken Frans, Italiaans of Russisch - van Oscar Valerius, vol raadselachtige alliteraties en ongerijmde rijmpjes. Wat denkt u bijvoorbeeld van: ‘strak hermetisch spel van schijn / in dwangneuronen uitgevijld / de vorser dirigeert geknield / en wankelt door zijn vakgebied’?
Maar ook muzikaal valt er geen touw aan vast te knopen. Samen met zijn kompaan Maestro Virgule heeft Oscar Valerius immers muziek gemaakt die naar overal en nergens leidt. Intelligente structuren, die af en toe volledig omgegooid worden, samenzang, gastbijdrages op viool en klarinet en vooral de programmatie die nu weer eigenaardig atmosferisch is en dan weer buitenissig ritmisch, het komt allemaal bijeen op een cd die moeilijk te classificeren valt.
‘Het is pas bij een levend optreden dat alle elementen die Hedera helix uitmaken, aanwezig zijn’, zei Oscar Valerius onlangs in een interview met Dark Entries. Nog steeds onder de indruk van de fenomenale cd-voorstelling in Zulte kan ik me hierbij aansluiten. De choreografie en kostuums kun je immers niet op cd vastleggen. Daarom moet ik iedereen op het hart drukken dat ze Hedera helix live aan het werk moeten gaan zien. Dan zal u ook vanzelf zin krijgen om deze buitengewoon geslaagde cd te kopen, die ook volledig op zichzelf heel erg de moeite is.
maandag, september 05, 2016
The Arch: We hebben geen controle over onze inspiratie en de anarchie van onze fantasie
The Arch heeft onlangs ‘Fates’ uitgebracht, een cd die wat ons betreft nog lang mag blijven nazinderen. Intussen zijn ze ook al dertig jaar oud, en blijven ze optreden en aan nieuwe nummers werken. De groep zal dit jaar nog één keer in België te zien zijn, en wel op donderdag 15 september in de Backstay Bar te Gent. Wij vroegen ons af hoe een groep het zo lang uithoudt, en gingen met ons vragenlijstje naar de groep toe.
Jullie bestaan dit jaar 30 jaar, en jullie hebben nog steeds 3 originele groepsleden aan boord. Hoe is het mogelijk dat The Arch het zo lang uitgehouden heeft?
We veronderstellen dat dat komt omdat we vrienden zijn. We vinden het aangenaam om elkaar te ontmoeten, om bij elkaar te zijn in onze repetitie ruimte. Komt er heden avond niks van, dan hebben we toch gezellig samen zitten relaxen. We hebben een aantal extra leden gehad die er mee gestopt zijn, maar al die ex-leden kunnen we nog steeds vrienden noemen.
Hoe is The Arch 30 jaar geleden ontstaan?
Diverse leden kenden elkaar, maar speelden in verschillende groepen. Op een avond in 1985 waren we bij elkaar om eens te jammen en ‘Revenge Revival’ was het resultaat. Een ander nummer van die heuglijke jam was ‘Gaga á gogo’, maar dat nummer is compleet verdwenen in de nevels des verledens. Enfin, ‘Revenge Revival’ was de trigger om samen verder te gaan.
Jullie eerste ep ‘As Quiet As’ was meteen een schot in de roos. Nummers als ‘Revenge Revival’ en vooral ‘Babsi ist Tod’ blijven jullie achtervolgen. Hoe voelen jullie zich erbij om steeds getypeerd te worden aan de hand van werk dat 30 jaar geleden verscheen?
De eerste plaat is voor zoveel groepen erg belangrijk. Het embryo van de verdere carrière. Voor de fans van het eerste uur, blijft die impressie langer hangen. Maar er is meer. Dé grote troef van die eerste plaat: toen waren onze songs nog erg eenvoudig, één guitaarlijn en één sequence. Daarna ontwikkelde zich de neiging om minder snel tevreden te zijn: het wordt complexer, nog een extra sequence hier en een extra gitaar daar. Voor je het weet worden de nummers kapot gewerkt. In de muziek geldt meer dan waar ook: ‘more is less’. Omtrent dit punt hebben we al heel wat discussie gehad binnen de groep. Tijdens het maken van een nummer moeten we afstand nemen van het feit dat we dat nummer honderd keer beluisteren en dat we het dus beu gehoord zijn. We moeten een nummer steeds beschouwen vanuit het standpunt van iemand die het een eerste keer hoort. Want de eerste beluistering is de belangrijkste.
Jullie hebben vele jaren samengewerkt met Ludo Camberlin, de man die naast Poëzie Noire heel wat groepen geproduced heeft. Weinig mensen herinneren zich dat nog, maar begin jaren 90 zaten jullie met hem en The Neon Judgement mee aan de basis van de ‘Louvain-rave-on’-scene. Bedoeling was - als ik het goed verstaan heb - om meer naar de dance-scene toe te groeien. Hoe kijken jullie daarop terug?
Op muzikaal vlak hebben wij geen planning. We jammen er samen op los en wat er uit komt, weten we niet op voorhand. We hebben geen controle over onze inspiratie en de anarchie van onze fantasie. Wij zijn er veeleer de volgelingen van, of zelfs de slaven. De mensen die zo vriendelijk zijn om ons werk te beluisteren, zullen het wel bestempelen in deze of gene zin, zoals richting dance-scene. We kunnen niet anders dan dat oordeel te aanvaarden.
Er viel me nog iets op bij het overlopen van jullie discografie: ‘In Sofa’ uit 1997 wordt aardig weggemoffeld. Het is nergens mogelijk om nummers van deze cd te beluisteren. Waaraan ligt dat?
‘In Sofa’ was een ramp, in die zin dat we de mastering gingen laten uitvoeren door onze toenmalige platenfirma. Maar die hebben er vierkant hun voeten aan geveegd: niks mastering, alles recht op CD, zodat die plat en stil klinkt. We zouden die nummers moeten laten hermasteren door Kenny KGB.
‘Fates’ werd effectief geproduced door Kenny KGB van Simi Nah. Jullie komen ook uit op het Why2K-label van Simi Nah. Hoe is de samenwerking tot stand gekomen?
Dat is gekomen omdat we iemand nieuw zochten om ons live te mixen. CUVG, Pieter en Ivan kenden Kenny. En zo ging hij met ons mee op tour. Hij deed de mixing zo goed, dat we hem gevraagd hebben om ook 'Fates' te mixen en te masteren. Hij heeft dat gedaan met een zulkdanige dosis vakkundigheid dat we kunnen stellen dat zijn bijdrage tot ‘Fates’ essentieel is. No Fates without Kenny.
‘Fates’ gaat nog verder in de lijn die al met ‘Engine in Void’ werd ingezet: meer variatie, meer plaats voor atmosferische nummers, trip-hop-invloeden, de achtergrondzang van Chiffon’s Tale… Hebben jullie het gevoel dat jullie de laatste jaren een nieuw hoofdstuk hebben geopend in het werk van The Arch?
Als je als band een nieuwe plaat met dertien ongekende nummers presenteert, dan is dat altijd ergens een nieuwe stepstone. Dat zal ook zo zijn met de volgende plaat, waar we al volop aan bezig zijn. Als er bovendien nog personen bij komen als Chiffon’s Tale en Kenny KGB, dan neem je automatisch ongekende richtingen ten opzichte van het verleden. Een nieuw hoofdstuk zoals dat heet.
Jullie hebben allemaal een gezin en een vaste baan. Toch merk ik dat jullie regelmatig in alle uithoeken van Europa spelen. Hoe krijgen jullie dat voor elkaar?
Dat is een heel gepuzzel: hogere wiskunde. Pieter, Ivan en CUVG zijn zelfstandig en kunnen zelf hun verlof bepalen. Ian heeft een crazy job als boswachter en kan eveneens vrij zijn verlof kiezen.
Jullie spenderen heel veel aandacht aan de teksten. Deze mogen ‘geen loos gelul in de lucht’ zijn, zoals jullie ooit in een interview stelden. Het valt op dat Ian Lambert - die toetsen en programmatie voor zijn rekening neemt - heel wat van de teksten aanlevert, maar ook een aantal buitenstaanders. Hoe zetten jullie de norm voor een tekst?
We proberen er iets in te steken waarover de luisteraars kunnen nadenken, al dan niet met een specifieke reflectie op hun eigen leven, met alles er op en er aan. Wij hebben altijd graag gewerkt met teksten van ‘buitenstaanders’, in zover die term geldig is. Als ze maar iets fascinerend of intrigerend als boodschap hebben.
Jullie hadden al nummers met Duitse titels - ‘Babsi ist Tod’ en ‘Die rote Kapelle’ - maar met ‘Immerzu’ hebben jullie voor het eerst een nummer in het Duits gezongen.
Die tekst is in feite een gedicht, geschreven door een meisje dat in mysteriën gehuld is: Pia. Alleen Ivan kent haar, de rest van de groep zou haar graag wel eens willen ontmoeten en leren kennen. Maar ze blijft schitteren door afwezigheid en onzichtbaarheid. Haar gedicht paste prima op een blues jam waaraan we aan het sleutelen waren en zo is 'Immerzu' ontstaan.
Jullie wilden van de nieuwe cd jullie meesterwerk maken, zo stond in een interview uit 2013. Wat mij betreft is dat gelukt. Wat denken jullie erover?
Het is aan de fans om daarover te oordelen. Persoonlijk zijn we er heel tevreden over. We hebben dertien kindjes gebaard, die nu hun eigen leven kunnen leiden. We zullen wel zien wat er van wordt. En nu beginnen aan de volgende kindjes...
The Arch live in de Backstay Bar in Gent op donderdag 15 september 2016
In een ander interview doet The Arch het verhaal achter het ontstaan en de tekst van elk nummer op 'Fates'.
The Arch: facebook / website
Jullie bestaan dit jaar 30 jaar, en jullie hebben nog steeds 3 originele groepsleden aan boord. Hoe is het mogelijk dat The Arch het zo lang uitgehouden heeft?
We veronderstellen dat dat komt omdat we vrienden zijn. We vinden het aangenaam om elkaar te ontmoeten, om bij elkaar te zijn in onze repetitie ruimte. Komt er heden avond niks van, dan hebben we toch gezellig samen zitten relaxen. We hebben een aantal extra leden gehad die er mee gestopt zijn, maar al die ex-leden kunnen we nog steeds vrienden noemen.
Hoe is The Arch 30 jaar geleden ontstaan?
Diverse leden kenden elkaar, maar speelden in verschillende groepen. Op een avond in 1985 waren we bij elkaar om eens te jammen en ‘Revenge Revival’ was het resultaat. Een ander nummer van die heuglijke jam was ‘Gaga á gogo’, maar dat nummer is compleet verdwenen in de nevels des verledens. Enfin, ‘Revenge Revival’ was de trigger om samen verder te gaan.
Jullie eerste ep ‘As Quiet As’ was meteen een schot in de roos. Nummers als ‘Revenge Revival’ en vooral ‘Babsi ist Tod’ blijven jullie achtervolgen. Hoe voelen jullie zich erbij om steeds getypeerd te worden aan de hand van werk dat 30 jaar geleden verscheen?
De eerste plaat is voor zoveel groepen erg belangrijk. Het embryo van de verdere carrière. Voor de fans van het eerste uur, blijft die impressie langer hangen. Maar er is meer. Dé grote troef van die eerste plaat: toen waren onze songs nog erg eenvoudig, één guitaarlijn en één sequence. Daarna ontwikkelde zich de neiging om minder snel tevreden te zijn: het wordt complexer, nog een extra sequence hier en een extra gitaar daar. Voor je het weet worden de nummers kapot gewerkt. In de muziek geldt meer dan waar ook: ‘more is less’. Omtrent dit punt hebben we al heel wat discussie gehad binnen de groep. Tijdens het maken van een nummer moeten we afstand nemen van het feit dat we dat nummer honderd keer beluisteren en dat we het dus beu gehoord zijn. We moeten een nummer steeds beschouwen vanuit het standpunt van iemand die het een eerste keer hoort. Want de eerste beluistering is de belangrijkste.
Jullie hebben vele jaren samengewerkt met Ludo Camberlin, de man die naast Poëzie Noire heel wat groepen geproduced heeft. Weinig mensen herinneren zich dat nog, maar begin jaren 90 zaten jullie met hem en The Neon Judgement mee aan de basis van de ‘Louvain-rave-on’-scene. Bedoeling was - als ik het goed verstaan heb - om meer naar de dance-scene toe te groeien. Hoe kijken jullie daarop terug?
Op muzikaal vlak hebben wij geen planning. We jammen er samen op los en wat er uit komt, weten we niet op voorhand. We hebben geen controle over onze inspiratie en de anarchie van onze fantasie. Wij zijn er veeleer de volgelingen van, of zelfs de slaven. De mensen die zo vriendelijk zijn om ons werk te beluisteren, zullen het wel bestempelen in deze of gene zin, zoals richting dance-scene. We kunnen niet anders dan dat oordeel te aanvaarden.
Er viel me nog iets op bij het overlopen van jullie discografie: ‘In Sofa’ uit 1997 wordt aardig weggemoffeld. Het is nergens mogelijk om nummers van deze cd te beluisteren. Waaraan ligt dat?
‘In Sofa’ was een ramp, in die zin dat we de mastering gingen laten uitvoeren door onze toenmalige platenfirma. Maar die hebben er vierkant hun voeten aan geveegd: niks mastering, alles recht op CD, zodat die plat en stil klinkt. We zouden die nummers moeten laten hermasteren door Kenny KGB.
‘Fates’ werd effectief geproduced door Kenny KGB van Simi Nah. Jullie komen ook uit op het Why2K-label van Simi Nah. Hoe is de samenwerking tot stand gekomen?
Dat is gekomen omdat we iemand nieuw zochten om ons live te mixen. CUVG, Pieter en Ivan kenden Kenny. En zo ging hij met ons mee op tour. Hij deed de mixing zo goed, dat we hem gevraagd hebben om ook 'Fates' te mixen en te masteren. Hij heeft dat gedaan met een zulkdanige dosis vakkundigheid dat we kunnen stellen dat zijn bijdrage tot ‘Fates’ essentieel is. No Fates without Kenny.
‘Fates’ gaat nog verder in de lijn die al met ‘Engine in Void’ werd ingezet: meer variatie, meer plaats voor atmosferische nummers, trip-hop-invloeden, de achtergrondzang van Chiffon’s Tale… Hebben jullie het gevoel dat jullie de laatste jaren een nieuw hoofdstuk hebben geopend in het werk van The Arch?
Als je als band een nieuwe plaat met dertien ongekende nummers presenteert, dan is dat altijd ergens een nieuwe stepstone. Dat zal ook zo zijn met de volgende plaat, waar we al volop aan bezig zijn. Als er bovendien nog personen bij komen als Chiffon’s Tale en Kenny KGB, dan neem je automatisch ongekende richtingen ten opzichte van het verleden. Een nieuw hoofdstuk zoals dat heet.
Jullie hebben allemaal een gezin en een vaste baan. Toch merk ik dat jullie regelmatig in alle uithoeken van Europa spelen. Hoe krijgen jullie dat voor elkaar?
Dat is een heel gepuzzel: hogere wiskunde. Pieter, Ivan en CUVG zijn zelfstandig en kunnen zelf hun verlof bepalen. Ian heeft een crazy job als boswachter en kan eveneens vrij zijn verlof kiezen.
Jullie spenderen heel veel aandacht aan de teksten. Deze mogen ‘geen loos gelul in de lucht’ zijn, zoals jullie ooit in een interview stelden. Het valt op dat Ian Lambert - die toetsen en programmatie voor zijn rekening neemt - heel wat van de teksten aanlevert, maar ook een aantal buitenstaanders. Hoe zetten jullie de norm voor een tekst?
We proberen er iets in te steken waarover de luisteraars kunnen nadenken, al dan niet met een specifieke reflectie op hun eigen leven, met alles er op en er aan. Wij hebben altijd graag gewerkt met teksten van ‘buitenstaanders’, in zover die term geldig is. Als ze maar iets fascinerend of intrigerend als boodschap hebben.
Jullie hadden al nummers met Duitse titels - ‘Babsi ist Tod’ en ‘Die rote Kapelle’ - maar met ‘Immerzu’ hebben jullie voor het eerst een nummer in het Duits gezongen.
Die tekst is in feite een gedicht, geschreven door een meisje dat in mysteriën gehuld is: Pia. Alleen Ivan kent haar, de rest van de groep zou haar graag wel eens willen ontmoeten en leren kennen. Maar ze blijft schitteren door afwezigheid en onzichtbaarheid. Haar gedicht paste prima op een blues jam waaraan we aan het sleutelen waren en zo is 'Immerzu' ontstaan.
Jullie wilden van de nieuwe cd jullie meesterwerk maken, zo stond in een interview uit 2013. Wat mij betreft is dat gelukt. Wat denken jullie erover?
Het is aan de fans om daarover te oordelen. Persoonlijk zijn we er heel tevreden over. We hebben dertien kindjes gebaard, die nu hun eigen leven kunnen leiden. We zullen wel zien wat er van wordt. En nu beginnen aan de volgende kindjes...
The Arch live in de Backstay Bar in Gent op donderdag 15 september 2016
In een ander interview doet The Arch het verhaal achter het ontstaan en de tekst van elk nummer op 'Fates'.
The Arch: facebook / website
Labels:
Belgisch,
Dark Entries,
Interviews,
The Arch,
Wave en Goth
The Arch: ‘The Game of Thrones’, geïnspireerd op de warboel van de Rozenoorlogen, zeshonderd jaar geleden in Engeland, is eigenlijk nog steeds aan de gang.
The Arch heeft met ‘Fates’ zijn vijfde en volgens velen beste cd afgeleverd. Op donderdag 15 september brengen ze die nog eens live in de Backstay Bar in Gent, met uiteraard ook ouder werk. De plaat blijft ons fascineren, en daar we weten dat de groep altijd over onderwerpen zingt die iets dieper graven dan het doordeweekse popliedje, vroegen we hen om wat uitleg te geven bij de dertien nummertjes die op de schijf prijken.
Gasoline Lady
De originele titel was Petroleum Lady. Het nummer gaat over een meisje dat met zichzelf hopeloos in de knoei en de knoop ligt. Ze weet niet wat ze wil, maar ze wil het wel nu, at once. Pogingen tot toenadering resulteren in irrationele reacties van woede en verdriet. Ze is zo explosief als gasoline. Dat maakt haar ongenietbaar voor haar omgeving, waardoor het allemaal nog erger pleegt te worden. Als er iets mis gaat, dan geeft ze jou de schuld: gewoon al omdat je haar wil helpen.
De tekst gaat over een specifiek geval. Onze vrienden zijn natuurlijk erg benieuwd over wie het juist gaat, maar dat potje houden we maar best gedekt.
Robot Sapiens
Een bespiegeling aangaande politiek. Figuren die de samenleving leiden, verzinken in corrupte toestanden omdat ze aangelokt worden door geld en macht. Ze worden onbewust de pionnen van verborgen agenda’s, uitgedacht door louche figuren in hun sjieke salons. Bovendien is het aldoor een moeras van ambras: de politieke leiders kunnen elkaars bloed drinken om toch maar wat meer macht te verwerven. ‘The Game of Thrones’, geïnspireerd op de warboel van de Rozenoorlogen, zeshonderd jaar geleden in Engeland, is eigenlijk nog steeds aan de gang. De voor de hand liggende oplossing van al die miserie is het delegeren van de macht aan een machine: de Robot Sapiens die de beslissingen zal nemen: objectief, immuun voor machtspelletjes, vrij van nepotisme, niet te verleiden met geschenken allerhande, enz. Maar daar kunnen alweer ongekende risico’s aan kleven.
Fates
Een eeuwigheid geleden komt een tovenaar in het bezit van een kistje waar geen slot aan is: hij krijgt het niet open. Hij wil natuurlijk weten wat daar in zit. Na veel gespeur komt hij uit bij een toverspreuk in het Sanskriet. Hij declameert die spreuk en het deksel van het kistje springt los. Er zitten drie identieke houten poppetjes van meisjesfiguren in. Doordat het kistje geopend is, komt die drieling tot leven, ze beginnen te groeien en ontpoppen zich als meisjes van ongekende schoonheid. Ze hangen aan elkaar als klei en als iemand iets wil geven aan één van die drie, dan moeten de twee anderen dat ook hebben. Anders is het evenwicht tussen de zussen verstoord. Als één van hen je in de ogen kijkt, zullen de andere twee dat ook doen. Uitputtend voor iemand die met hen de liefde wil bedrijven. Zij evolueren tot de schikgodinnen die de draden des levens van eenieder spinnen. Het einde van het nummer is een gebed, ter verering van de drie schikgodinnen.
Spear of Destiny.
Een specifiek verhaal. Het nummer gaat over Kirk Brandon, de zanger van Spear of Destiny. We hebben ooit het voorprogramma gedaan van The Spear of Destiny en hebben dan backstage kennis gemaakt met die band. Kirk Brandon heeft ons verteld over zijn leven en de massieve miserie die hij mee gemaakt heeft: ziekte, operaties en eindeloze bedlegerigheid. Hij liet ons de littekens van die operaties zien. Hij leek zelf getroffen te zijn door de Spear of Destiny. Maar tijdens het optreden ontpopte hij zich als een fantastisch performer met massa’s energie: opgestaan uit de doden. Eigenlijk zouden we dat nummer of de Fates CD naar hem moeten versturen: de song gaat over hem, maar hij weet er nog niet van.
Monsters and I
Een nachtmerrie tekst, geschreven door Pia, op een gothic soundtrack. Doordat er chromatische akkoordovergangen in zitten, hebben we het idee gekregen om het nummer te presenteren aan Ronny Moorings, de zanger van Clan of Xymox, waarvoor we veel curtain-raisers gedaan hebben. Omdat chromatische akkoordenschema’s één van de handelsmerken zijn van Clan Of Xymox. Alzo hebben we de eer de stem van Ronny op onze CD te kunnen laten horen.
Dirty William
Ergens in de jaren tachtig verzeilden we in een café, tijdens de voormiddag. Die afspanning zat goed vol. Aan de toog hing een man met een gouden ketting alreeds compleet beschonken. Hij was luidkeels iedereen aan het te storen met zijn penetrant zat gebrabbel en had het vooral op ons gemunt. ‘Ozim’ was een vloek om van hem verlost te zijn.
Eyes Wide Open
Een tekst die geschreven is door onze manager Luo De Buyser. Je ligt in het ziekenhuis gedurende een eindeloze en slapeloze nacht, vol pijn. Met wijdopen ogen staren in een diepe duisternis die symbool staat voor de toekomst. Waardoor je allerlei visioenen begint te zien. Een nummer dat we graag live spelen vanwege de high pitched vocals.
Immerzu
Dit nummer is ontstaan uit een bluesjam van Ivan, in een ¾ maat. Ivan heeft daarop een tekst van een gedicht geplaatst van een vriendin van hem: Pia. Zij heeft de Duitse tekst geschreven. Een buitenbeentje waarmee we tegenwoordig onze optredens openen.
One by one
Gaat over hoe schaamte en liefde hand in hand kunnen gaan: het had allemaal zoveel beter kunnen zijn als we dit en dat anders gedaan zouden hebben, on our lovers heart. Maar de kans is verkeken en ze zal niet meer terugkomen. Helaas zit er op ons leven geen Rewind knopje. Met schaamte voor de aangerichte schade. Anyway anytime.
Brainduck
Een heel oud nummer dat verschenen is op In Sofa. We zijn het steeds live blijven spelen, waarna het nummer gereanimeerd werd door Chiffon’s Tale die er een nieuw refrein voor uitdacht.
Empty Garden
Een melancholisch nummer met een belangrijke vocale bijdrage van Chiffon’s Tale. Het gaat over een lege, ommuurde tuin in een smalle vallei. De muren rond die tuin zijn spiegels waarin je de tuin wel, maar jezelf niet kan zien. Are you in there, are you out there? Ook een nummer dat we live heel graag spelen.
Deaf and Blind
Jaren lang is de koningin vruchteloos op zoek naar een orgasme in de blauwbloedige kringen. Bij de koning is het nog het ergst van al: zijn minnespel is even boeiend als gras zien groeien. Ten einde raad doet zij iets ongehoord: zij verlaagt zij zich tot het bedrijven van de liefde met een man des volks. Het resultaat is het langverwachte kletterend orgasme dat horen en zien vergaan. Ook letterlijk: haar lichaam blokkeert helemaal. Hare majesteit wordt doof, blind en verlamd. Haar lichaam wordt een troosteloze gevangenis met als enige geneugte de herinnering aan die eenmalige, roodbloedige explosie van genot.
Frozen Jungle
Een moeder bezoekt bij nacht het graf van haar enige kind: ze voelt zich in een tropisch oerwoud van gevoelens, een jungle die bevroren is. De uitsmijter van de CD met een etherisch akkoordenschema.
Labels:
Belgisch,
Dark Entries,
Interviews,
The Arch,
Wave en Goth
Peter Slabbynck (Red Zebra, Ex-RZ): Oude stempel? Die benaming snap ik niet. Een beetje respect graag!
Red Zebra bestaat helaas al een paar jaar niet meer. Hun muziek werd intussen steeds schaarser bij de platenboer. Maar dankzij de nieuwe verzamelaar - The Beauties of the Beast, bij Starman Records - kun je de grootste hits uit de beginperiode opnieuw in huis halen aan een schappelijke prijs. Intussen tourt voormalige zanger Peter Slabbynck met EX-RZ, een groep waarmee hij veel nummers van Red Zebra herneemt, maar ook nieuw werk mee maakt. Een cd is in de maak. Genoeg elementen om Slabbynck eens aan zijn oren te trekken.
Dag Peter. De nieuwe Red Zebra-verzamelaar ‘The Beauties of the Beast’ - met werk dat jullie tussen 1980 en 1983 uitgaven - verkoopt erg goed. Niet dat het me erg verwondert, want jullie klassiekers waren al lang niet meer verkrijgbaar op cd. Hoe komt het dat het zo lang heeft geduurd om deze nummers weer uit te brengen?
Tja, eigenlijk moet je dat niet aan mij vragen want ik vroeg het mij ook af. Tijdens de 35 optredens van de Living Room Marathon van EX-RZ vorig jaar, werd er vaak gevraagd of het oudere werk van Red Zebra nog op cd verkrijgbaar was. Daarop heb Starman Records gecontacteerd en die zagen dat wel zitten. Verder heb ik mij er niet te veel mee gemoeid, maar uiteraard ben ik bijzonder blij met deze nieuwe verzamel-cd.
Mogen we even recapituleren? Het startschot voor Red Zebra werd blijkbaar reeds in 1978 gegeven. Hoe vonden vier zestienjarige punkenthousiastelingen elkaar uitgerekend in Brugge?
In 1978 sijpelde de punk eindelijk helemaal door tot hier. Het was immers een tijdperk zonder Studio Brussel, zonder MTV, zonder internet. Vandaar de vertraging. We kenden elkaar van de scouts en we hadden een leiding die met muziek bezig was. Eén van hen zou later onze drummer worden. Dat Brugge zo’n bloeiende punkscène had, was wellicht een reactie op het conservatisme ter plekke.
De inspiratie voor de naam Red Zebra kwam blijkbaar van de Rode Brigades. Kan je daar wat meer over vertellen?
Daar kan ik niet op antwoorden want volgens de advocaat van de vroegere gitarist heb ik de naam niet bedacht. Vreemd dat die man dat allemaal zo goed weet. Misschien eens aan hem vragen? (Een wenk naar de oorsprong van de naam vind je in dit eerder interview met Red Zebra, xk)
Jullie namen in 1980 deel aan Humos Rock Rally. Jullie geraakten zelfs tot in de finale, maar je verklaarde toen dat je blij was dat jullie niet bij de winnaars hoorden. Waarom dan deelnemen?
De finale bereiken was op zich al een enorme overwinning. Ik denk dat we samen met de Brassers de minst ervaren groep waren. Winnen was dan ook onmogelijk. Maar iedereen had ons opgemerkt en omdat we niet in de top drie eindigden, lag er ook geen druk op ons. Winnen is fijn maar niet altijd een geschenk want plots word je heel anders bekeken.
Jullie maakten een fenomenale start met ‘I Can’t Live In A Living Room’, dat nochtans slechts als B-zijde van jullie eerste single bedoeld was. Hoe snel hadden jullie het enorm potentieel van dat nummer - dat nog steeds in alle tijdloze honderds blijft verschijnen - begrepen?
Niet snel vrees ik, het was gewoon één van de nummers maar tijdens de Rock Rally hadden we er wel goede reacties op gekregen. Het is voor mij ook een beetje een raadsel waarom we ‘Innocent People’ als A-kant kozen. Gelukkig waren er deejays als Gust De Coster die het plaatje ook omdraaiden. Een fenomenale start zou ik het dus niet noemen, eerder een gerateerde start die toch nog goed kwam.
In 1981 kwam ‘Bastogne’ uit, dat een hoogtepunt was uit jullie carrière. De ep werd integraal opgenomen op ‘The Beauties Of The Beast’. Tegen dan hadden jullie de evolutie van punk naar cold wave volbracht. Hoe kijk je terug op deze tijd?
Als een bijzonder leuke tijd maar eerlijk gezegd beleef ik momenteel met EX-RZ even veel plezier aan muziek maken als toen. Dat we met Red Zebra evolueerden van punk naar new wave was nogal logisch. Hoe beter je leert spelen, hoe meer je je van pure punk verwijdert. Maar mijn lyrics vind ik wel nog steeds punk.
Een jaar later kwam ‘Maquis’ uit. De plaat werd gemengd onthaald, al stonden er wel prima nummers op als ‘Polar Club’ en ‘The Beauty Of The Beast’. Bijna alles wat jullie van 1980 tot 1983 opgenomen hebben prijkt op de cd, behalve een viertal nummers van ‘Maquis’. Hoe komt dat?
‘Maquis’ roept bij mij gemengde gevoelens op. Er staan een paar zeer goeie nummers op, maar ook een paar mindere. Het is veel minder een eenheid dan ‘Bastogne’. We waren aan het zoeken en een beetje de weg kwijt. Vergeet ook niet dat toenmalige bassist Chery Derycke een belangrijke bijdrage leverde aan ‘Bastogne’. Hij was er niet meer bij op ‘Maquis’.
Je laatste wapenfeit in de eerste levensfase van Red Zebra was ‘Always’ uit 1984. Niet lang erna hield jij het voor bekeken. De rest van de groep ging nog even door met Patrick Provoost als zanger, tot ook zij in 1986 besloten er de brui aan te geven. Waarom geraakte de groep zo snel opgebrand?
Er zijn veel groepen uit die tijd die het nog minder lang vol gehouden hebben dus dat valt wel mee. Ik was op een bepaald moment uitgezongen en wou nieuwe wegen bewandelen. Andere muziek maken, andere teksten schrijven. Kort daarop heb ik dan The Boy Wonders opgericht. Na een lange omzwerving ben ik nu met EX-RZ terug bij het begin, de new wave.
Er volgden heel wat reünies, en zelfs nieuw werk. Humo schreef ooit dat jullie ‘qua definitieve allerlaatste afscheidsoptredens zelfs The Ramones naar de kroon staken.’ Het laatste - wellicht allerdefinitiefste - afscheidsoptreden dateert intussen van 2013, al hadden de andere leden van Red Zebra je reeds in 2010 verlaten. Sinds 2014 is er dan EX-RZ, een groep waarmee je oude Red Zebra-klassiekers speelt en nieuw werk componeert. Wist je van geen ophouden?
Waarom moet ik ophouden? Ik amuseer mij nog steeds op een podium en aan nieuwe onderwerpen om over te zingen geen gebrek. Maar wees gerust, ik ben niet verslaafd aan het podium. Ik kan gerust een hele tijd zonder optredens. Eén van de leukere zaken nu is dat ik ook regelmatig in het buitenland optreed met EX-RZ. Vorige maand speelden we nog in Italië en Duitsland. En intussen werken we rustig verder aan ‘Future retard’, onze eerste full cd.
EX-RZ heeft alvast gescoord met het nummer ‘Bankers Will Never Be Beggars’, een nummer dat sinds zijn verschijnen twee jaar geleden enkel maar actueler geworden is. Haal je nog steeds je inspiratie uit de verontwaardiging over de politieke actualiteit?
Ik heb een boekje vol met nieuwe titels en er komen er alsmaar bij. De actualiteit blijft mij inderdaad inspireren. Ik wil best wel over de liefde zingen maar het gaat mij niet zo goed af. Ik ben liever ‘an angry old man’. Het is wel fijn, al die positieve reacties te zien op ‘Bankers Will Never Be Beggars’. Het is een echte meezinger aan het worden. Vooral in Duitsland komen mensen mij zeggen dat ze mijn teksten appreciëren.
In zekere zin blijf je wel de punk en wave van de oude stempel verdedigen. Met The Rotten Pistols en New Dark Age heb je toch twee groepen die zich toeleggen op het spelen van nummers van respectievelijk The Sex Pistols en The Sound…
Oude stempel? Die benaming snap ik niet. Een beetje respect graag! Dit zijn hoogtepunten van punk en new wave en dat wil ik laten horen. Punk is aan zijn veertigste verjaardag toe maar bij ons gaat dat geruisloos voorbij. Daar wou ik iets aan doen met The Rotten Pistols. En met New Dark Age wil The Sound eren. Nog te weinig mensen weten hoe fenomenaal hun eerste platen waren.
Lees onze oudere interviews met Red Zebra op Dark Entries hier (2009) en hier (2010)
Labels:
Belgisch,
Dark Entries,
Interviews,
Wave en Goth
Abonneren op:
Posts (Atom)